maandag 21 maart 2016

Nep

Een witte flits in mijn hoofd
en de wereld trekt zich
samen, geruisloos,
een sluitspier, een sluis.
Hier sorteert men, grote kuis.
Er zijn schisma's, enigma's
die alles wat we kennen
kunnen kraken.
Wild trappend staan
we onzin te braken.
De eindmeet leek nabij,
maar is nu overal, zo blijkt,
elk overzicht is kwijt.

Een ersatz-bij,
een robot onze Heiland.
De grove borstel, al onze
zonden op één hoop geworpen.
Beklim met zuurstofmaskers
die we losrukken op de top,
het verbod op een totaalbeeld,
inhaleren van de waarheid.
Ons hoofd ontploft,
explosie bovenop een berg stront.

We vegen dorpjes van de kaart,
beton en glas komt in de plaats,
giftige gassen, beschaving,
zielloze flats, vooruitgang.
En hier heerst nu een nostalgische
drang die een vermoeden baart
van economische waarde,
en een vastgoedmakelaar reconstrueert
en noemt dat dan authenticiteit.
Zo worden ook verloren gewaande
waarden steeds hertekend
in plaats van bewaard.
Recyclage van oprechte emoties
maar dan tegen betaling
en voor de camera, volgens
één of andere hype.

En het brein wordt moe,
kan de shitload aan informatie
niet meer dragen.
Het is zwemmen in een zee
vol weke oesters zonder parels,
zwieren met een vlindernet,
al wat van waarde
glipt tussen de mazen.

We weten alles van de sterren af,
vrij compleet, zelfs hun dieet,
maar kennen we de namen nog
van de negen planeten,
wie was Vivaldi ook al weer
en weet iemand hoe
de eerste minister heet,
die van... die van... België?
En de vorige? En wat is er
ook weer met de joden gebeurd?
Iets met Hitler? En sanitair?
Ik weet het, deze tekst schrijf
ik te vroeg, maar wacht
nog enkele jaren,
en er rest niets dan troep,

pseudo-kennis,
gefabriceerde gevoelens,
en menselijkheid iets van vroeger,
even primitief als compassie en liefde,
niet meer van tel:
er is nu seks met robots!
De keuze snel gemaakt,
één grote aankoop, afbetaling,
en af en toe bijtanken.
Smeer nog wat olie en
wat passie in haar gewrichten,
dat ze niet piept.
Geen vieze ziektes en een heel
leven verzekerd van verzadiging,
zonder het gezaag,
uit de kleren wordt een keuze
als zo vele, een puur
economische overweging.

Ik verteken ons toekomstbeeld
waarschijnlijk een beetje,
maar voel je niet even trefzeker
hoe het leven steeds meer
ontbreekt in onze wereld,
kunstharten omnipresent,
de digibox onze dirigent,
sociale controle steeds sterker,
afleiding is de norm,
irrelevantie wringt
beschaving uit de kom.
Inhoud verwaarloosd, wij
knielen al jaren voor de vorm.

De garderobe van een koning
krijgt meer aandacht dan zijn beleid.
Boodschap wordt verpulverd
door een overdaad aan stijl.
Een witte flits in mijn hoofd,
een wereld afgedwaald
en ontspoord. Op de dool.
Onze apparatuur slimmer
en wij gestoord.
We zijn verzadigde slaven,
beate grijns als bij een idioot.
En alles is kunstmatig bijgeloof.

zondag 6 maart 2016

Saudade, de videoclip!



Exact een jaar na mijn eerste videoclip voor 10 op de schaal van Dichter, heeft de Portugese regisseur Mário J. Negrão de tweede gemaakt. De schuimbekkende golven. De vechtende oceaan. De saudade. Geniet van het filmpje en snuffel zeker eens rond op de website van deze artistieke duizendpoot.

Dit is een internationale samenwerking, dus daar hoort een vertaling naar het Engels bij van dit gedicht, dat ik in 2014 aan de Atlantische kust van Porto schreef: 

Watch foaming waves
lay siege to Portugal
like a pack of hungry wolves.
Hear them roar and slash,
devour trenches,
their whitecaps
deathlike incisors.

The ocean attacks
and the fortress
bravely resists
the breezing of the sea.

Will the carnivores reach higher,
has the shore already lost,
does Neptunus, homesick,
miss the sand and the mud?

How much longer can the spring tide
keep goring the rocks,
keep crushing with seaweed
and seashells and water,

exploiting wind speed,
its petrol indispensable
but quickly exhausted,
with pain in the back.

The shore breathes
a sigh of relief,
but the wolves will
always come back.

donderdag 3 maart 2016

Ballonnenvrees 2 maart 2016

De 28e editie van Ballonnenvrees was een succes. De Kleine Hedonist opende zijn deuren voor heel wat talent en verschillende kunstvormen konden elkaar ontmoeten op deze regenachtige avond. Dichteres Els Dejonghe staat nog niet zo lang op de planken maar heeft in korte tijd een eigen boeiende stijl weten te ontwikkelen. Ze opende de avond met een lang slamgedicht en een tekst over een kever die klem kwam te zitten in een reclamebord. Uit Leiden was er Jaap Montagne met gevatte, grappige teksten over nostalgie, over porno, over miskraam, over nooit meer oorlog, gebracht in zijn typische in-your-face stijl. Dichter bij de Mona Lisa sloot het eerste deel muzikaal af. Deze formatie rond de Nederlandstalige nummers van Mona Vanschoenwinkel werd vervolledigd door violiste Lisa Deckers en dichter Gert Vanlerberghe. De lyrics gingen van grappig tot ontroerend, en ook was er een bloedmooie uitvoering van Jonas Winterlands ‘Mensen zijn gemaakt van dun papier’.

Silke Vos Vanhoof is al erg lang met muziek bezig en staat daar dan ook voornamelijk mee op het podium, meer dan met tekst. Voor Ballonnenvrees haalde ze nog eens enkele knappe oude gedichten van onder het stof, zo was er één dat ze opdroeg aan het niets meer aan de verbeelding overlatende schilderij L’Origine du monde van Gustave Courbet. Percussionist Rik van Boeckel, net als Jaap woonachtig te Leiden, had een heel arsenaal aan slaginstrumenten met zich meegebracht: van de djembé tot de Turkse daf. Hij bracht ritmische odes aan Berlijn en aan de Cubaanse rumba, en sloot af met zijn grote hit ‘Beweeg als een strateeg’, wat De Kleine Hedonist bijna aan het dansen kreeg.
Miguel Santos is te voet onderweg van Rotterdam naar het meest zuidwestelijke puntje van ons continent, in Portugal. Ballonnenvrees lag op de weg. Hij vroeg of iemand in het publiek verschillende delen van Fifty Shades Of Grey had gelezen en legde haar een gepaste straf op. Zijn beklijvende, dynamische teksten gingen meestal over Rotterdam, maar er was ook de ode aan zijn geboorteland Brazilië. Vladimir van Do the Dead Find Us Attractive trakteerde ons gedurende een halfuur op een heerlijke visuele en auditieve trip van ontroerende songs versterkt door knappe visuals. Op de open mic mochten we de volgende dichters en schrijvers verwelkomen: het allereerste optreden van Kem Heyndels (met een gedicht dat hij ter plekke had geschreven), Tsjêbbe Van Damme, Bart Daems, een uitmuntende samenwerking tussen Rik van Boeckel en Sven de Swerts, Dries Van Doorn, Maike Bretschneider, Nils Geylen en Julia Dobber.
Tot slot stelden drie regisseurs hun kortfilm voor. In het gitzwarte Gij van Mij van Sven de Swerts zagen we visuele poëzie van Sid Sinner. Tsjêbbe Van Damme toonde zijn allereerste kortfilm Zwart-Wit, met dreigende soundscapes en een cast met onder meer Camille Cluzan Cabaille. Tot slot was er het juweeltje van de groep Deep Focus voor het 48 Hour Film Project. Nachtmerrie, met onder andere Wouter Vermeiren, Charlotte Van Ouytsel en Shana Listes, werd op slechts 48 uur op poten gezet - een hele krachttour! Judith Buysse, van de productie, kwam het concept uitleggen. En met deze drie boeiende en gevarieerde prenten sloten we een alweer erg geslaagde editie van Ballonnenvrees af. En om het met de woorden van barman Bojan te zeggen: Ballonnenvrees brengt steeds opnieuw boeiende karakters samen. Niet de saaie mensen, maar echte personalities. Op 13 april zijn we er weer bij, opnieuw in De Kleine Hedonist, om onze verjaardag te vieren. Dan bestaan we namelijk drie jaar!
Foto's: Gust Peeters

dinsdag 1 maart 2016

Open brief aan Angela Merkel

Waarde mevrouw Merkel

Lid van uw fanclub zal ik nooit worden. Ook heb ik mij slechts zelden kunnen vinden in uw eerder conservatieve agendapunten en dito beleid. Het zij zo. Elk zijn of haar visie. Al evenmin kan ik zeggen dat ik op de eerste rij zal staan om de verdiensten van de Europese Unie van de afgelopen jaren te bewieroken.

Maar u doet het toch maar. U staat aan het hoofd van een door crisis, angst en haat verscheurd en verlamd continent dat 70 jaar geleden aan zijn inwoners een uiterst waardevolle en noodzakelijke belofte heeft gemaakt. Dit nooit meer.

Momenteel moet dat continent – of die zogenaamde Unie – het hoofd bieden aan de grootste crisis sindsdien. Geen vluchtelingencrisis, zoals voortdurend wordt geroepen, maar eerder een humanitaire crisis van formaat. Als politiek leider van het machtigste land van Europa wacht u duidelijk een moeilijke, ondankbare taak, die steeds zwaarder lijkt te worden om te dragen. 

Wir schaffen das. Dat zei u enkele maanden geleden. Het klonk erg optimistisch, misschien ook een tikkeltje populistisch, zoals alle grote one-liners wanneer die uit de mond van een politicus komen. Het had heel wat weg van Obama’s Yes we can, een kanjer van een slogan die nog steeds echo's veroorzaakt in het hoofd van iedereen die een beetje het nieuws volgt, zij het in een ironische, haast cynische gedaante.

Emmers vol verwijten kreeg u over u heen. Half Duitsland zat op zijn paard, klaar om de eerste de beste vluchteling te fileren. Er zijn na de vreselijke incidenten in Keulen, die uiteindelijk niets met de vluchtelingen te maken bleken te hebben, zelfs enkele snuggere weldenkende burgers zo ver gegaan om werkelijk voor geweld te kiezen. Wat als die granaat in dat Keulse asielcentrum was ontploft? Ik mag er niet aan denken. En dan was er dat onderzoek, waaruit bleek dat één op vier Duitsers er geen enkel probleem mee zou hebben dat vluchtelingen die de grens proberen over te steken met de kogel zouden worden gestopt. Eh? Gaat het zo slecht met het ethisch normbesef van de Duitser? En laat ons niet flauw doen: van de Europeaan? 

En is dit slechts het tipje van de ijsberg? Of erger nog, is het een voorbode van meer xenofoob geweld in uw ooit zo tolerante land? Gaan we weer die tour op? Een complete ontmenselijking van de vermeende vijand, die het de kwatongen in kwestie immens vergemakkelijkt om hun beperkte, verontrustende boodschap eindelijk zonder menig politiek correct vingertje in de buurt te verkondigen. En inderdaad. Die aasgieren van Pegida en konsoorten zien hier maar al te duidelijk een voedingsbodem in om op neer te strijken en het zich meteen gemakkelijk te maken. Likkebaardend loeren ze om de hoek, tot ze weer kunnen toeslaan met populistische prietpraat die een heel continent in as dreigt te leggen als we niet heel goed opletten. En of we niet goed opletten. Extreem-rechts lijkt weer mee te kunnen spelen met de grote jongens. We hadden toch echt gehoopt dat we zoiets tot het verleden hadden kunnen rekenen.

We weten allemaal waar de ongezouten woorden van Donald Trump, en de opmars van een Marine Le Pen of een Geert Wilders, toe kunnen leiden. En toch lijken er geen alarmen af te gaan. Een oud bekend kwaad schrijdt met grote passen voorwaarts, zonder bijzonder veel moeite te doen om zich te vermommen – de schapenvacht is thuisgelaten, zo in your face gaat de wolf te keer – en terwijl ik mijn vrees versterkt zou moeten zien door mijn eigen regering, door alle Europese regeringen en eenieder wie met de toekomst bezig is, voel ik me als Cassandra, vastgeketend aan een grote rots van vermeend politiek correct denken. Gebrandmerkt met het woord 'Landverrader', want ook die term werd weer van onder het stof gehaald, nu blijkt dat er mensen zijn die de vluchtelingen warempel willen helpen.

Al die verwijten, en zelfs bedreigingen, aan uw adres. De fouten die u maakte, vooral door toedoen van uw vaak weinig betrouwbare of empathische partners binnen de Unie, worden ons zo duidelijk in het gezicht gedrukt dat we er bijna van moeten wegkijken. Helaas kijkt bijna niemand verder dan dat. U had uw fout kunnen toegeven. U had kunnen zeggen dat u zich had vergist. Daarmee zou u mijn respect hebben verloren. Het zou een duidelijk signaal zijn geweest van welke weg Europa uiteindelijk zou volgen. Die van de angst, van de ontmenselijking, van de intolerantie, van polarisatie, kortom de weg die we zeventig jaar geleden voorgoed de rug zouden hebben toegekeerd.

U deed niets van dat alles. U keek uw tegenliggers recht in de ogen en herhaalde uw slogan. Wir schaffen das. U neemt er geen woord van terug. Wir. Schaffen. Das. En daarmee heeft u de Europeaan weer aan het belangrijkste aspect in heel deze gruwelijke toestand herinnerd: menselijkheid. Er is nood aan meer menselijkheid. En daarvoor, beste Angela Merkel, sta ik wel degelijk op de eerste rij om luid te applaudisseren. U houdt voet bij stuk en dat maakt u groot.

Monthly singles chart

It seems like Bowie, Wilson and Flying Horseman are impossible to beat at the top positions of our monthly chart. Meanwhile we have some interesting competitors rising to power: 90s miracles Pet Shop Boys, Underworld, Travis and PJ Harvey are back, and some of the best recent Belgian bands have a new single as well. Steven Wilson still rules the world at #1.

  1.  Steven Wilson - Routine
  2. Flying Horseman - Money
  3. David Bowie - Lazarus
  4. Iggy Pop - Gardenia
  5. PJ Harvey - The Wheel
  6. Flying Horseman - Wild Colours
  7. Underworld - I Exhale
  8. Whispering Sons - Time
  9. Whitney - No Woman
  10. Travis - 3 Miles High
  11. DIIV - Mire (Grant's Song)
  12. Pet Shop Boys - Inner Sanctum
  13. Mogwai - U-235
  14. Suede - Like Kids
  15. Arquettes - I Need a Rest
  16. De Mens & Sarah Bettens - Alsof We Belangrijk Zijn
  17. Yeasayer - I Am Chemistry
  18. Iris Penning - Dood Voor een Dag
  19. STADT - Voice Of a Land
  20. Double Veterans - Cocktail
  21. David Bowie - Blackstar
  22. Nightman - Nice & Clean
  23. The Sore Losers -  Cherry Cherry
  24. Sleepers' Reign - Blood Lift
  25. Julia Holter - Everytime Boots
  26. The Last Shadow Puppets - Bad Habits
  27. Savages - Adore
  28. Foals - Birch Tree
  29. Aroma Di Amore - Het Andere Meisje
  30. Clear Season - Don't Take Too Long

zondag 28 februari 2016

Pafos


Een maagdelijk wit strand,
geen vuiltje aan de lucht.
Hier liggen kansen om te grijpen,
als kokkels en Sint-Jakobsschelpen,
en stenen in alle kleuren,
geurend naar verzadigd geduld.

Maar kansen talmen,
de zee zout op en
bomen doen hun beklag
tegen wie het maar
horen wil. Hier is
de liefde geboren maar
hier zwijgt voortaan ook
de lust. En wil de reiziger,
onvertrouwd met een toevallig
oponthoud, hier zijn blik
op de horizon spelden?

Zijn landkaart nu vloeibaar,
en hij weer onvermoeibaar,
het assortiment aan prentkaarten
 en half verzonnen landschappen
van piramides en van mysterieuze
sfinxen met sarcastische grimassen
rond de lippen gekruld, als Italiaanse
iconen, gekerfd in chronologisch
onderbewustzijn. Achter de 
zeelijn, een land met problemen,
verteerd door monotheïstische miserie.

Maar hier werd toch de liefde?
Uit een zoute cocktail van zaad
als uit duizend zakken,
instant liefde, als uit een pakje.
De zee een spermabank,
coïtus afgedankt door een
chronische ambrosiaverslaving.
 Een chemische reactie en daar
een nieuwe grootmacht, alweer iets om
voor te leven, voor te sterven.

Een eiland waarop alles verweven,
alles komt samen. Een apostel
gegeseld aan pilaren, door barbaren.
De jaloezie versmacht de onschuld,
in ergens een havenstad, met faam, me gusta.
Hier leefde en stierf en werd tot
leven gewekt een bisschop, verrezen
uit een goocheltruc van Jezus.
De tante van Mohammed en haar
paard, verdwaald en geveld in een strijd
die eeuwenlang zou duren,

doe geen moeite om hier muren
op te trekken, bezet, bezetter,
better best bezet. Hier heeft de liefde
nooit belet om er een zootje van te maken.
Het voorgeborchte van Fort Europa,
alle hoop al op de schroothoop.

Neem een balzak en een sikkel,
gooi in water, wacht geduldig.
Je krijgt liefde. Oplosliefde.
Het laatste bolwerk dat zal vallen,
voor het geld zijn grip zal doen
gelden, desnoods met geweld, ja,
voor al het goede dat er te rapen viel
tot slot weer naar zijn oorsprong,
naar             de             kloten.

dinsdag 23 februari 2016

Cyprus 15-22 februari 2016, deel 3

Cyprus, deel 3: Lazarus en Othello


De middeleeuwse ommuurde stad Famagusta, door de Turken Gazimagusta genoemd, is mijn volgende halte. Net buiten de noordelijke bastions van Lefkosa word ik begroet door een lange stoet van Noord-Cypriotische scouts, met Turkse vlaggen en muziek. Het is vandaag de Internationale Ronde van Noord-Cyprus. Aan het busstation speelt een man een episch gevecht met zijn kleinzoon. Hilarisch. De bus passeert de twee in de bergflank getatoeëerde vlaggen en rijdt oostwaarts. Wat een heerlijk stadje, met een bewogen geschiedenis en dus een veelvoud aan invloeden: Frankisch, Venetiaans, Osmaans, Brits... Achter het glorieuze standbeeld van Atatürk ligt de stadspoort, die me binnen de imposante, 7 meter dikke stadsmuren leidt. Een gezellige winkelstraat kruipt naar het centrale plein, waar verschillende ruïnes elkaar ontmoeten. De Sinan Pashamoskee was vroeger de Venetiaanse Sint-Petrus-en-Pauluskerk. Van het Palazzo del Provveditore schiet niet veel meer over dan enkele hoge muren. Op het binnenplein herinneren kanonnen en hun kogels aan de strijd tussen de Venetianen en de Osmanen. Achter de restanten van de Franciscanenkerk ligt een voormalige hamam. Ooit was Famagusta de rijkste stad van het oostelijke Middellandse Zee gebied, tot het verval kwam binnensluipen.
Het juweel is natuurlijk de gotische kathedraal, van begin 14e eeuw. In 1571 werd er een minaret bij gebouwd en het interieur in een moskee veranderd, net als met de Selimiyemoskee in Lefkosa. En zo werd de Sint-Nicolaaskathedraal de Lala Mustafa Pasa moskee. Tegenover de zeepoort zit de pompeuze patisserie Petek Pastanesi. Het assortiment aan taarten en andere desserten is overweldigend. Ik bewonder het geduld van de kassier, die voortdurend moet verkondigen dat koffie aan de tafel besteld moet worden, want de overwegend Zuid-Europese toeristen op leeftijd schijnen het niet te snappen. Het wordt moeilijk om mijn lach in te houden. Het interieur is een weelde van schilderijen en versieringen, en er staat zelfs een grote fontein. Voor de zeepoort vind ik het beeld van een Venetiaanse leeuw, een symbool voor het land. Van bovenop de poort kijk ik uit over de hele stad, met de kathedraal en de vele ruïnes, de Middellandse Zee en de spookstad Varosia, voor 1974 een toeristische badplaats, tot het Turkse leger er introk en de Griekse inwoners moesten vluchten. Het leger zit er nog steeds en laat deze al veertig jaar verboden stad verkommeren.
Iets verderop staat het kasteel waar Shakespeare de belangrijkste scène van Othello en Desdemona situeert, in zijn wereldberoemde stuk Othello, Moor Of Venice, dat zich in een haven op Cyprus afspeelt, wat volgens experten zo goed als zeker Famagusta moet zijn. Een San Marco leeuw houdt de wacht boven de toegangspoort. Ik ben alleen in de citadel. Dichtbij de kathedraal staan nog de restanten van een Byzantijnse kruiskoepelkerk en van een orthodoxe kathedraal. Die laatste heette Agios Georgios en was gebouwd in gotische stijl. Een unicum. De ruïne is een indrukwekkende afsluiter voor een fijne uitstap naar Famagusta.
Het verbaast me niet dat er geen bussen naar Larnaka rijden. De absurde politieke situatie zorgt ervoor dat ik weer via de hoofdstad moet. En zo rijdt mijn bus opnieuw door het brave vlakke land van Noord-Cyprus, met in het noorden de woeste muur die het Kyreniagebergte opwerpt. Wellicht is er geen vergelijking met de zomer, maar 's avonds loopt Nicosia best vol. In heel wat bars spelen bands traditionele muziek, soms met dans.
Al de ganse week kreeg ik uitzonderlijk warm en mooi weer voorgeschoteld, maar dat kon niet blijven duren. Niet in februari. De eerste regen valt wanneer ik voor een laatste keer over Lidras Street slenter en de bus neem naar Larnaka. Ik maak er een strandwandeling tot de golven tot tegen de dijk aan klotsen. Niet ver van de authentieke wijk Laiki Geitonia ligt de knappe Agios Lazaros, een mooie versierde 10e-eeuwse orthodoxe kerk die een sarcofaag tentoonstelt waarin de restanten van de eerste bisschop van Kitios zouden liggen. Wij kennen hem als Lazarus, de man die door Jezus weer tot leven werd gewekt. Het schitterende gouden interieur biedt koelte en een serene sfeer. De vele iconen worden gekust door vooral jonge gelovigen en ook Lazarus' tombe krijgt het nodige eerbetoon. De orthodoxe geloofsbelijdenis blijft een van de aandoenlijkste aller godsdiensten.
In het westen van de stad, aan een zoutmeer met flamingo's, ligt Hala Sultan Tekke, een indrukwekkende moskee met het graf van Mohammeds tante Hala, die hier in 649 van haar paard totterde. Het is een eind wandelen langs het meer, en plots barst een hagelstorm van formaat los, onverbiddelijk, en in een mum van tijd ben ik doorweekt. De moskee wordt een toevluchtsoord en druipend van het ijskoude water stap ik het huis van Allah binnen. Enkele toeristen uit Bangladesh zijn zo vriendelijk me na het bezoek weer in Larnaka af te zetten, en onderweg vertellen ze over wat islam voor hen betekent: één god in plaats van duizenden die elkaar tegenwerken, zoals bij het Hindoeïsme. We praten over moslim-extremisme als pion in het spelletje Risk dat Amerika en Rusland spelen en over het Britse referendum om in de EU te blijven. Zelf wonen ze in Nottingham. We lachen met Nigel Farrage en zijn valse beloften, en zijn benieuwd naar hoe Labour het zal doen onder Jeremy Corbyn. We nemen afscheid en ik haast me naar een taverne op de dijk, waar ik hoop het eindelijk wat warm te krijgen. De rest van de dag gebruik ik Larnaka waar Larnaka hoofdzakelijk voor dient: lui niets doen op het strand (bij zon) of in een taverne op de dijk (bij hevige regenval). Maar hey. Het is goed geweest.
De vlucht terug, de dag nadien, begint mooi, met een prachtig zicht op Cyprus en op de vele Griekse eilanden, daarna zijn er enkel nog wolken. Ik praat honderduit met een Cypriotisch koppel, en ze vertellen een emotioneel verhaal over de politieke situatie en hoeveel pijn dit nog steeds doet. De grootvader van de jongeman werd door Turkse soldaten doodgeschoten toen hij enkele Griekse kinderen wou redden. Enkele dagen geleden werd er niet ver van Nicosia nog een moskee in brand gestoken. De hostiliteiten zijn zeker nog niet voorbij. Het is hopen dat deze traumatische situatie de komende jaren wordt opgelost en dat Cyprus weer één kan zijn, een harmonie tussen de twee volkeren, want er zijn al genoeg grenzen. Veel te veel grenzen en regels en woede en haat, en al wat de vrijheid en het geluk aanvreet.