dinsdag 23 mei 2017

Literaire tip: 4 3 2 1

Het is alweer van Sunset Park geleden dat Paul Auster nog een roman inleverde, al balanceerden Winter Journal en Report From the Interior op hoogst intrigerende wijze op de lijn tussen fictie en non-fictie. Met 4 3 2 1 (2017) schetst hij voor de zoveelste keer het leven van een jonge man in de grote stad, de typische Austereske Bildungsroman die ook deze keer op een heel andere manier is ingevuld. Want de schrijver van The New York Trilogy is er niet vies van om af en toe met de verwachtingen van zijn lezers te rammelen.


De bijna 900 pagina's tellende klepper vertelt hoe de Wit-Russische jood Isaac Rechnikoff op de eerste dag van de twintigste eeuw de Atlantische Oceaan oversteekt en op Ellis Island door een misverstand de naam Ferguson meekrijgt. De wat simpele Isaac moet krabben om te overleven, en de drie zonen die zijn labiele vrouw Fanny hem schenkt, groeien op in bittere armoede, in een gezin dat voortdurend moet verhuizen. De jongste van de drie, Stanley Ferguson, krijgt weinig respect van zijn twee nietsnutten van broers, waar hij, ondanks hun pesterijen, naar blijft opkijken. De pragmatische Stanley, een man van weinig passies naast fortuin maken, leert de mooie Rose Adler kennen en wordt hals over kop verliefd. Hun zoontje Archie, het hoofdpersonage van de roman, leren we dus pas later kennen - Auster neemt zijn tijd.

We zien hem opgroeien en worstelen met typische problemen uit de kindertijd en de puberteit. Zijn vader ziet hij zelden, want zijn zaak 3 Brothers World Store in Newark, waar ook zijn weinig integere broers Lewis en Arnold werken, is zijn leven. Zijn moeder heeft haar eigen fotostudio Roseland Photo in Montclair, en Archie kijkt op naar hoe zij zich volledig aan haar passie wijdt. Omdat hij tegen zijn wil enig kind is, verzint hij een grote broer John. Het zal niet de eerste keer zijn dat hij de werkelijkheid te slim af wil zijn. Ferguson groeit op. We maken kennis met zijn eerste liefjes. Zijn fascinatie voor John F. Kennedy of zijn gebrek eraan. Zijn interesse en daarna ontgoocheling in militant links. Zijn passie voor baseball. Of was het basketbal? Of journalistiek? Kortverhalen? Poëzie vertalen? En welke rol speelt Amy Schneiderman in zijn leven? Hoeveel betekent zijn vader Stanley voor hem?

Auster heeft een aparte manier gevonden om de grillen van het lot in kaart te brengen. Een verhaal kan zoveel bochten nemen en een levensloop kan elke dag, elk uur, elke seconde een andere zijstraat inslaan. Zijn neef Noah Marx verduidelijkt het in een anekdote over twee wegen: neem je de hoofdweg of de binnenweg wanneer je onmogelijk kan weten welke weg je het snelst naar je belangrijke afspraak zal brengen? Ook Fergusons kortverhaal over Lazlo Flute kan als allegorie voor de hele opzet van 4 3 2 1 dienen: welke van de drie wegen moet Flute nemen, als elke keuze wel de verkeerde lijkt te zijn? Binnen de chaostheorie bepaalt het zogenaamde vlindereffect, de metafoor van Edward Lorenz, dat minuscule gebeurtenissen een gigantische impact kunnen hebben, op een mensenleven bijvoorbeeld, of zelfs op de geschiedenis van de mensheid. Als schrijver kan je daar bewust mee spelen en ervoor kiezen om verschillende versies van iemands leven uit te tekenen.

Het leven heeft zoveel te bieden voor de jonge Archie Ferguson, maar het Amerika van de jaren '50 en '60 telt heel wat valkuilen voor een jongeman van joodse afkomst die graag buiten de maatschappelijke lijntjes kleurt. De aantrekkingskracht van geld. De taboes rond kritiek op de Vietnamoorlog en rond communisme. De afgunst en bekrompenheid die over de grotemensenwereld heersen. Auster heeft verschillende thema's willen aansnijden, al zijn stokpaardjes, van het McCarthyisme tot baseball, te veel om in één verhaal, in één levensloop, één versie te gieten. Dus schreef hij er meerdere. En het resultaat is verbluffend. Een zeer knap staaltje van inlevingsvermogen en  een opbouw waar de lezer heel lang zoet mee is.

Een van de onbetwistbare hoogtepunten van de roman is het gedetailleerde relaas van de studentenopstand op Columbia University in mei 1968, een escalatie van actie en reactie, met twee kampen en fracties binnen die kampen, een ongezien protest tegen de Vietnamoorlog en het geïnstitutionaliseerde racisme, en de effecten op de jonge Ferguson en zijn relatie met Amy. Deze deels autobiografische (dat weten we nog van zijn jongste non-fictieboek) passage doet meteen denken aan Black Lives Matter en de oorlog in Irak en Syrië. Het herinnert ons eraan dat deze prangende problemen van de jaren '60 ook vandaag nog brandend actueel zijn en inspireert de lezer tot maatschappelijk engagement. Maar de verbitterde Ferguson leert ook de wijze les dat extreem activisme wel eens het omgekeerde effect kan bereiken, en dat de Zwarte Panters behalve een spiraal van geweld niets hebben verwezenlijkt en enkel hun eigen ruiten hebben ingegooid.

Thema's? Véél. Enkele van de belangrijkste zijn seksualiteit, schrijven, familiebanden, lot versus toeval, en als extraatje zijn er de eindeloze lijsten van schrijvers, regisseurs, acteurs, muzikanten, sporters... Samen met Ferguson krijgt de lezer de mogelijkheid om zich te verdiepen in geschiedenis en cultuur, want deze ambitieuze roman is een onschatbare bron van kennis over de V.S. (en Parijs en Londen) midden twintigste eeuw. Een aanrader op zoveel vlakken. U zult er allerminst spijt van hebben.

zondag 21 mei 2017

1 Love

Ik ben de partizaan die uiteindelijk voor zwarthemd werd versleten.
Spreek me niet van One Love want je tong die is gespleten.
Van je polarisatiepraktijken kan Dewinter nog wat leren,
aan de schandpaal elke dissident met een afwijkende mening.
Een béétje 'goeroe' die tot vervelens toe de liefde staat te preken,
voegt de daad bij het woord, donc j'accuse, stel je in gebreke.
Eén strijd tegen segregatie? Nee, jouw belangen liggen elders.
Geen leven zonder verdelen, dus je put woorden uit je kelder.
Onder luid applaus splits je de zee in twee, een straatje zonder einde.
Ook Mozes was geen diplomaat, jaren dwalen in woestijnen.
De kogels uit je shotgun raken enkel nog je voeten.
Lastig lopen zo, maar doe je grote gelijk van me de groeten.

donderdag 18 mei 2017

Terug naar de bron

Heb je mijn zucht ingeblikt,
ingeprent, tastbaar zoals ik nooit zal zijn? 

Label mijn nalatenschap, verberg haar in een doolhof
en laat het verder los, laat het allemaal los.

Hak dan mijn armen en benen af
en bedrijf de liefde met mijn romp

terwijl je kijkt hoe piranha's
zich te goed doen

aan tien vingers en tien tenen
en dertig jaar van schoppen en strelen.

In de fractie van een knikkend ooglid
wonen meer visioenen

dan zandkorrels in het heelal, sterren op onze stranden,
maar genoeg is genoeg.

Wanneer je mijn haar afknipt,
ben ik weer wat moleculen armer.

Schuur je de huid van mijn vlees
en het vlees van mijn botten,

dan bloos ik en besef dat
al mijn geheimen als appels voor het rapen.

Mijn brein voelt zich als
de laatste coelacant op sterk water,

een mummie met haken en ogen,
alle opgeslagen kennis ingekapseld in een wijwatervat,

aangevreten cursussen en naslagwerken
en een groeiende drang naar spirituele troost.

Ik vernauw en ik verzuil,
het enige nog werkende orgaan

is een tentakel, tast alle opties af,
vindt een ritssluiting, een spelonk.

Een ingeblikte echo. De voltrekking
van mijn afbraak lonkt.

Hier zou ik zomaar ongezien
kunnen verdwijnen.


Met dank aan Dwars, het studententijdschrift van de UA stadscampus.
Voorgeving: Stine Moons 

dinsdag 16 mei 2017

Veelvraat

Speciaal voor De Nacht van Robbe, een benefietavond in de Arenbergschouwburg om opbrengsten in de zamelen voor Hollywood aan de Schelde, de documentaire van filmmaker Robbe De Hert, richtte ik samen met Tom Tiest (The Valerie Solanas, S.M.A.L.L.) de band Veelvraat op. In Bar Lokal hadden we de eer om onze bevreemdende clash tussen proza en elektronica ten berde te brengen.

Maar eerst maakte Danny Quintelier met DQPIX deze knappe fotoshoot om het ego van dit excentrieke duo te strelen (de pels van zo'n veelvraat is trouwens best zacht om te aaien, try it). Een selectie.


Marjan De Ridder ontwierp eerder dit voorjaar al dit veelzeggende logo voor Veelvraat. Een fragment van ons doldwaze concert in de Arenberg verschijnt gauw op deze blog en op YouTube. Maar like ons alvast even op Facebook.

donderdag 4 mei 2017

Literaire tip: Beloved

Sommige romans zijn gedrenkt in zo'n sterke sfeer dat ze je nooit meer loslaten. Vaak gaat het om romans die met een allegorische, symbolische of metaforische omweg iets over een gebeurtenis, een situatie of een periode in de geschiedenis willen zeggen die te gruwelijk is om er rechtstreeks over te schrijven. Denk maar aan de holocaust. Of slavernij.

Amerikaans schrijfster en winnaar van de Nobelprijs Toni Morrison kreeg een bittere realiteit met de paplepel naar binnen: zwart en blank zijn niet gelijk in haar land. Als kind was ze al getuige van de vernietigende gevolgen van rassenhaat, het blinde geweld, de discriminatie, de segregatie. Het zijn thema's die voortdurend in haar proza terugkomen, zo ook in haar bejubelde roman Beloved, uit 1987.

De roman is gebaseerd op het droevige verhaal van de Afrikaans-Amerikaanse slavin Margaret Garner die van slavenstaat Kentucky naar vrije staat Ohio vluchtte. Deze klassieker van de Amerikaanse literatuur toont de geschokte lezer hoe de voormalige slavin Sethe wordt achtervolgd door slavenhandelaars, die haar en haar kinderen wil gevangen nemen en terugbrengen naar de plantage Sweet Home. Hierdoor ziet Sethe zich genoodzaakt haar baby te doden, beter dat dan haar tot slavernij te veroordelen. De baby komt terug als  jonge vrouw en vestigt zich in Sethes huis in Cincinatti, om daar te spoken en haar te kwellen met schuldgevoel.

Ook Sethes minnaar Paul D. weet te ontsnappen en bereikt haar woonst. Hij probeert er orde op zaken te stellen door het spook te verdrijven, en tracht vervolgens Sethe te doen inzien dat ze niets is met dat schuldgevoel, dat ze er langzaam maar zeker door wegkwijnt. Maar het meisje Beloved komt terug en weet op Sethes gevoelens in te spelen, waardoor het uiteindelijk de bezorgde Paul D. is die wordt verdreven uit het huis. Sethe houdt zich steeds meer met de verschijning bezig en verwaarloost haar dochter Denver, die hulp voor haar wil zoeken en zweert bij de kracht van verbondenheid binnen de zwarte gemeenschap. Zal Paul D. Sethe kunnen bedaren en weer tot haar doordringen, of geraakt ze helemaal in de ban van haar verleden en het wrede meisje?

De kindermoord, en ook het voor en na, worden in een bijzondere structuur gegoten, met een interessante benadering van tijd en narratief. Hiermee wil ze het eenzijdige karakter van onze geschiedschrijving en het valselijk recupereren van het verleden voor politieke doeleinden aankaarten. De misselijkmakende misdaad resoneert doorheen heel de roman, maar de lezer geraakt zo close met Sethe en voelt zo fel mee met de vreselijke gebeurtenissen die haar hebben getekend, dat haar veroordelen niet eenvoudig is. Ook de taal in Beloved is zo uniek en bijzonder dat deze haast een benevelend effect bereikt.

Centraal in de roman staan een door slavernij compleet verminkte band tussen moeder en dochter; trauma's en schuldgevoelens die groeien als gezwellen; schizofrene identiteitscrisissen die leiden tot verwarring en geweld. De kracht van de roman zit absoluut in de vorm waarin 'het onzegbare' wordt verhaald. De indirecte manier waarop Morrison over de gruwel van de slavernij vertelt, heeft een bijzondere helende kracht.

Beloved is het eerste deel van een trilogie. Jazz en Paradise vervolledigen dit experimentele drieluik. In 1998 verscheen de filmversie, geregisseerd door Jonathan Demme en Oprah Winfrey.

'Sixty million and more.' Laat ons het in godsnaam nooit vergeten.

dinsdag 2 mei 2017

Ballonnenvrees 1 mei 2017


Naar jaarlijkse traditie organiseerde 't Werkhuys hun Feest van den Boom op 1 mei. De opkomst voor dit spektakel was weer groot, en vooral Tine Joris' 'Le Moment Suprême', in de grote zaal, trok heel wat publiek. Hierbij kwamen verschillende kunstvormen aan bod: koor, tapdans, circus, improcomedy, kortfilm, buikdans, en weet ik wat nog allemaal. Het thema was wachten en dat was exact wat het publiek verzocht werd te doen. De grote zaal van 't Werkhuys was dus één grote wachtkamer, maar gelukkig waren er heel wat artiesten om het wachten te verzachten. Ook Ballonnenvrees was van de partij, en de drie 'wachtgedichten' van Marjan De Ridder, Gert Vanlerberghe en Ulrike Burki werden op luid applaus onthaald.

Tussen de twee voorstellingen van 'Le Moment Suprême' in hield Ballonnenvrees een toonmoment in het gezellige Literaire Salon, naast de expositieruimte waar Serge Baeken live naaktmodellensessies hield. Op het programma stonden straffe poëzie-optredens van Marjan De Ridder, Ulrike Burki, Sven de Swerts en als slot ook jeugdschrijfster Hilde Van Cauteren, die ons een 'oneerlijke literaire tombola' voorschotelde. De prijzen waren een schilderspalet, een paraplu en een appel, en bij elke prijs hoorde een knap gedicht. Zeer geestig en spitsvondig allemaal!
Na de tweede voorstelling van Tine Joris en haar trouwe 'wachtartiesten' sloten we het feest af met een heerlijk live-optreden van de Antwerpse band Dynamo Zjosss! Feestelijke balkandeuntjes vulden al gauw het gezellige binnenplein. Er werd wild gedanst rond de met papieren vogeltjes en fleurige bloempotten versierde boom. Zelfs de polonaise werd niet geschuwd.
Dit alles werd mee gestuurd door de Week van de Amateurskunsten, een initiatief van Fameus. Tijdens het toonmoment van Ballonnenvrees in het Literaire Salon droeg presentator Gert de WAK-vlag als een soort van cape, en werd zo tot Wakman gekroond. 's Avonds werd, ook in het teken van de WAK, op You On Stage in de Kavka de nieuwe EP van de Gentse band Okkupeerder voorgesteld. Zo van die drukke dagen dus. Zo mogen er meer zijn!

De volgende editie van Ballonnenvrees is de laatste voor de zomerstop. Op 2 juni stelt Jakobistan zijn EP voor in het Washboard Art & Jazz Café. Er komen nog muzikanten, en ook dichters natuurlijk, en we sluiten de avond af met de traditionele open mic. Graag tot dan!

Foto's: Gust Peeters (meer foto's volgen)

maandag 17 april 2017

Week-end en Hauts-de-France

Week-end en Hauts-de-France

Wanneer de druk in eigen stad te groot wordt, bieden treinreisjes doorheen Frankrijk zich aan. Rijsel is dan de poort naar het uitgestrekte noorden van het land. Ik ben er al vaak geweest voor een daguitstap of op doorreis, en heb nu een uur om me nog eens in het vertrouwde centrum op zakformaat te wentelen. De typisch Franse (en toch ook weer Vlaamse) straatjes die wemelen van de bars en bakkerijen, de art nouveau, de opera, de dikke klokkenluider, het oorlogsmonument 'Aux Lillois', de binnenplaats van de prachtige oude beurs, de gevel van la Voix du Nord, de vele kerken, zeer aangenaam allemaal. Aan het fiere slanke belfort van de Kamer van Koophandel vragen studenten van Aken of ik in de camera iets over Europa wil zeggen.
Een trein voert me dieper het land in, langs de belforten van Dowaai, Arras en Albert, stuk voor stuk trots kunstwerkjes, door bloeiende velden en roestige getuigen van de mijnbouw (denk Germinal van Emile Zola). Mijn bestemming is Amiens, de hoofdstad van Picardië. Hier was ik bijna tien jaar geleden voor het eerst en laatst, en vooral de rijkelijk versierde kathedraal is mij altijd bijgebleven: de vele beelden, de twee geveltorens en de hoge torenspits (flèche in het Frans) van een van de mooiste gotische kathedralen ter wereld, en het grootste gotische bouwwerk van Frankrijk. Het geheel is een feest van steunbogen, torentjes, roosvensters, zuilen, waterspuwers, en dus honderden en nog eens honderden beelden van heiligen, apostelen, martelaars, dieren, monsters en andere figuren, een bijbel in 3D. De asymmetrie van de voorgevel is haast aandoenlijk en presenteert zich als een harmonisch geheel. Het interieur van dit 13e-eeuwse godshuis is zeker de moeite, vooral dan het altaar en het koor, een subliem meesterwerk van hout en bas-reliëfs, die verschillende passages uit de bijbel illustreren.
Ik beklim een smalle spiraaltrap in de zuidelijke toren, ter hoogte van het gigantische roosvenster. Monsterlijke waterspuwers kijken uit over de bruinrode stad en de vele velden en fabrieken van Picardië. Ook de massieve donjontoren met koepel van het belfort herken ik nog. Het is nog iets verder klimmen tot bovenin de 66 m hoge noordelijke toren, je wordt er wat duizelig van en gaat ervan draaien. En dan die majestueuze torenspits op het transept, die tot op 112 m hoogte de lucht doorklieft. Op het plein voor de Notre-Dame wordt er campagne gevoerd voor presidentskandidaat Emmanuel Macron. Een jong team deelt rode, witte en blauwe heliumballonnen uit aan kinderen. Wanneer ik hen om meer uitleg vraag, krijg ik te horen dat Macron de volgende president van de Franse republiek wordt, daar zijn ze van overtuigd. On verra. Van op de noordelijke toren zie ik hoe alle ballonnen tegelijk de lucht in worden gegooid. Overal blauw, wit, rood. Volgende week is het de eerste ronde van de verkiezingen en de inzet is hoog. Zal Frankrijk voor een extreem-rechtse president kiezen, de populaire xenofoob Marine Le Pen, van het Front National, of wordt er vooral centrum gestemd? Welke linkse en centrumpartijen zijn nog geloofwaardig genoeg om het gevaar Le Pen af te slaan?
Tussen het belfort en het stadhuis ligt de moderne markthal, een overdekte versmarkt zoals er zoveel in Europa zijn, maar blijkbaar niet in België? Interessant zij natuurlijk de vele kazen. On est en France, quand même! Ik eet mijn heerlijke pont-l'évêque met traditioneel Frans brood aan het stadhuis, op de trappen waarvan net een trouwfoto wordt genomen. Amiens is een visueel aantrekkelijk stadje met levendige pleinen, fonteintjes, bars met volle terrasjes... Overal zie je enorme foto's van de Eerste Wereldoorlog, en hier en daar hangen zelfs gedichten! In de rue des Sergents, onderweg naar de Eglise Saint-Leu, staat het fraaie Horloge Dewailly. De Somme stroomt bescheiden door het rustige Quartier Saint-Leu. De vele vakwerkhuisjes met geschilderde luikjes in de rue d'Engoulvent, de rue Motte en op de quai Bélu, de bruggetjes over de rivier, de witte bloesem in de bomen, de treurwilgen... het vormt een pittoresk plaatje. In de Somme draagt het standbeeld van een rechtop staande man een gele trui met de boodschap: 'Emmanuel Macron président'. In het parc Saint Pierre is het tot rust komen in een groene omgeving. Mijn wandeling langs het water eindigt bij een oude watermolen.
Na een goede nachtrust is het Pasen en verlaat ik de stad van Jules Verne in westelijke richting, stroomafwaarts langs de Somme. Het eerste wat ik zie wanneer ik het treinstation van Abbeville verlaat, is een café waar maandelijks slam- en poëzieavonden worden gehouden. Mooi zo. Overal in het centrum hangen feestelijke vlaggetjes. In de robuuste Collégiale Saint-Vulfran, eveneens gotisch, wordt vrolijk gezongen tijdens een bomvolle mis, iedereen op zijn paasbest. Ze zijn hier trots op hun vogels, zoveel is duidelijk. Er is zelfs een Festival de l'Oiseau, en in de hele stad hangen kleurrijke foto's van onze gevederde vrienden. Het 13e-eeuwse belfort is een van de oudste van Frankrijk, een nogal forse, niet al te hoge toren, in vergelijking met die van pakweg Arras of Calais. Iets verderop staat het knappe witte monument ter ere van admiraal Courbet. Op een steenworp van het centrum ligt een uitgestrekt natuurgebied met vijvers en bossen, en een rijke vogelpopulatie. Tijdens een aangename wandeling spot ik wilde eend (met ultraschattige kuikentjes), meerkoet, waterhoen, brilduiker, fuut, aalscholver, blauwe reiger, zilverreiger, torenvalk... Geen slechte vangst.
Ik neem een trein naar Boulogne-sur-Mer, aan het Kanaal, de felbegeerde oversteekplaats naar Engeland voor de vluchtelingen die in het kamp vlakbij Calais zijn gestrand, dat onlangs in vlammen is opgegaan. Ze hadden al niets, en nu zelfs dat niet meer. Enkele jaren geleden was ik al in Boulogne, ook op een zondag, geloof ik. Mijn wandeling langs het belfort en op de muren van de versterkte binnenstad herinner ik me nog alsof het gisteren was. De zee, de hoge rotsen, de grote koepel van de kathedraal, de charmante straatjes van het historische centrum... Boulogne heeft zo haar troeven. Het tuintje voor het stadhuis is zo'n weelde aan bloemen dat je er spontaan vrolijk van wordt. Het is Amerikaans weekend in Boulogne. Overal stars and stripes, cowboyhoeden, Johnny Cash door de boxen, er is zelfs een rodeo. Van bovenop de stadsmuur heb ik een goed zicht over de rest van de stad, met in de verte Napoleon Bonaparte hoog op zijn zuil, en nog verder de zee en het vermoeden van Engeland aan de horizon.

Terug naar Lille-Flandres, helaas niet via Calais (ik had graag dat prachtige belfort nog eens gezien), maar wel met andere interessante haltes in de regio Hauts-de-France (de samenvoeging van Nord-Pas de Calais en Picardië). Montreuil-sur-Mer is bekend voor wie Victor Hugo's Les Misérables heeft gelezen. Het is het stadje waar Jean Valjean Fantines dochtertje Cosette gaat zoeken. In een dorp bij Hesdin gaat een meisje de passerende trein te lijf met een waterpistool, vanuit de loopgraaf van haar achtertuin. En Béthune heeft nog een belfort om aan de lange lijst toe te voegen. Verder is de treinrit wat saai en even lang als ik me ze herinnerde. Het is dan ook avond wanneer de trein Rijsel binnenrijdt.
Ik slenter nog wat door de stad tot aan de Porte de Paris en het rode bakstenen belfort van het stadhuis, het hoogste van Europa, en via het Hôtel de la Préfecture du Nord op het place de la République terug naar de omgeving van het belfort van de Kamer van Koophandel. Ik kies een hotel aan de Eglise Saint-Maurice, die met de hoge spitse toren, zodat er altijd een pijl naar mijn bed wijst. 's Avonds zijn de schaars verlichte straatjes nog gezelliger. Aangezien maandagmorgen het weer niet al te best is, besluit ik toch maar niet naar Vaubans citadel met de kleine dierentuin te gaan. Dan maar wat uitbollen in de 'futuristische' wijk, die wat aan La Défense doet denken, met het parc Matisse, de Zénith, het winkelcentrum Eurolille en de werven van andere gedurfde projecten. Frankrijk, het was te lang geleden (bijna drie jaar!), laat ik de volgende keer niet meer zo lang wachten. A bientôt!

Literaire tip: La guerra del fin del mundo

De 81-jarige schrijver, Nobelprijswinnaar en voormalig presidentskandidaat Mario Vargas Llosa heeft tijdens zijn lange carrière bibliotheken bij elkaar geschreven, vooral romans met een sterke maatschappelijke inslag, waarbij vooral het thema geweld blijft terugkeren. Zijn achtste roman is wellicht zijn bekendste, de in 1981 verschenen klepper La guerra del fin del mundo, in het Nederlands De Oorlog van het Einde van de Wereld. Deze roman gaat voor het eerst niet over zijn geboorteland Peru, maar over Brazilië, en geeft een eigenzinnig relaas van de Oorlog van Canudos, een bloederige burgeroorlog aan het einde van de 19e eeuw.

In volle economische crisis duikt in het platteland van de provincie Bahia de charismatische Antonio Conseiero op, 'de Raadgever', die in de stijl van een soort van Messias de interesse van de arme boeren en verstotelingen wekt met praatjes over een nakende apocalyps. Hij laat zijn volgelingen de stad Canudos bouwen, pal op het eigendom van een grootgrondbezitter. De stad weet drie door de jonge republiek Brazilië georganiseerde militaire expedities te trotseren, allemaal met als opdracht dat bolwerk van geradicaliseerde opstandelingen met de grond gelijk te maken. De oorlog tussen de moderne republiek en het geloofsfanatisme wordt steeds gruwelijker en ontspoort in een waanzinnige spiraal van geweld met vele duizenden doden.

We zijn getuige van heel wat verhaallijnen en maken kennis met een waaier aan personages, die allemaal volgens hun eigen drijfveer handelen en worden opgezogen in de escalatie van deze allesverwoestende clash tussen Verlichting en Moderniteit enerzijds en religieus traditionalisme en extremisme anderzijds. En die strijd is helaas nog steeds zeer herkenbaar voor wie deze 700 pagina's tellende roman van epische proporties aandurft. Dat maakt Mario Vargas Llosa's meesterwerk na bijna veertig jaar nog steeds brandend actueel. Denk maar aan de Islamitische Staat, wiens slinkende grondgebied vaag aan Canudos herinnert. Zo wordt de jarenlange vuile oorlog in Syrië, met heel wat spelers met conflicterende belangen steeds meer de oorlog van het einde van de wereld, een oorlog die voor eens en altijd moest worden uitgevochten, met duizenden slachtoffers en een steeds minder veilige wereld als gevolg.

donderdag 13 april 2017

Ballonnenvrees 12 april 2017

Ballonnenvrees blaast deze week vier kaarsjes uit en naar goede gewoonten vieren we zo'n verjaardagseditie met een zeer sterke line-up. Voor één avond was De Kleine Hedonist het strijdtoneel van een variëteitenshow, met erg uiteenlopende acts.
In een bar die uitpuilde van de ballonnen en ook in steeds hogere mate van het volk mocht dichteres Zoë Croegaert de spits afbijten met haar beklijvende 'Gedicht in W Mineur en enkele poëtische portretten die ze schreef over interessante personen die ze hier en daar tegenkwam. De jonge Mechelse broers Arno Moens en Hidde Moens hadden speciaal voor vanavond een show in elkaar gebokst, die begon met een geagiteerde discussie over hoe je beter kan binnen blijven en over 'de groen' en uitmondde in een dolgedraaid staaltje absurdistische filosofie. Op het einde van deze hilarische en speelse dialoog las Arno nog zijn lange brief aan de wereld af van een papiersnipper, waarna Hidde zijn ultrakorte brief van een groot vel papier af spiekte. Het publiek, dat tijdens de hele set de vorm aannam van een lachband, at uit hun handen.
Uit Sint-Niklaas was er John Brains, met onder meer zijn knappe, haast epische gedicht 'Nieuw Venetië', een klassieker in wording. Vervolgens was het tijd voor muziek, en wel van het fenomeen Tonnie Anders, die in zalmroze kostuumvest en met lang zwart haar het podium van zijn concertdebuut betrad, voor zijn grote meezinger en dikke hit 'Debby'. Los erover en wat hebben wij natuurlijk heel graag. Er werd gretig op de maat in de handen geklapt en zelfs hier en daar meegezongen.
Vervolgens Usi ES, het muzikale alter ego van Esther Weemaes, een zeer getalenteerde muzikant die poppy pianomuziek mengt met experimentele elektronica, en daarmee een frisse en intrigerende sound creëert. Met knappe songs zoals 'The Bubble', waar Dijf Sanders nog aan meewerkte, wist ze menig hart te veroveren, vlak voor de eerste pauze, die we na zoveel indrukken en overweldigend talent wel hadden verdiend.
Na de pauze bracht Gents slampioen Kevin Amse een bezwerende try-out van een nieuwe poëzieshow. Hij begon met nieuwe teksten en greep steeds meer naar de klassiekers in het verloop van zijn set. Openen deed hij met enkele 'toffe slogans' die hij had bedacht, daarna was het een kwartier lang maatschappijkritische teksten spuien op hoog niveau, met de energie van een bokswedstrijd. Ondertussen kennen we allemaal zijn aangrijpende brief aan Hilde Crevits, over discalculie en schoolkinderen die niet kunnen volgen, en de rake tekst waarin hij het metafoor van boeken op ingenieuze manier exploreert. Amse is helemaal klaar voor de voorrondes van het Belgisch Kampioenschap. Weet dat u een geduchte tegenstander in hem zult vinden.
Drie jaar lang heeft de Antwerpse trip-hopband Koala niet meer opgetreden. Dat is lang en dat mocht niet blijven duren. Op 4 jaar Ballonnenvrees gaven zij hun allereerste try-out in een bijna gloednieuwe bezetting. Enkel Carlos Dyckmans en Marieke Lightband kent u nog van met hun vorige plaat Tall Machines. Bij deze try-out lieten de eucalyptus vretende trippers bas (Kico) en drums (Omar) nog even thuis. Ook ging het begin van het concert haast onvermijdelijk gepaard met wat technische problemen, maar door gewoon opnieuw te beginnen kwam de sfeer er langzaam maar zeker in. De eerste song 'The Waves', over druggebruik, was nog maar twee weken oud, en had naast Carlos en Gert ook Suheir Abdul Rasol aan de zang. Marieke Lightband en Benjamin Deboeure verschenen pas bij de überklassieker 'Dead End'. Ook in de rest van de set werd oud en nieuw werk vlotjes afgewisseld, en zoals gewoonlijk kwam een heel repertoire aan muziekgenres aan bod, van trip-hop en funk over techno en dubstep naar reggae en rock. Een van de hoogtepunten was de zeer gesmaakte Psy'Aviah versie van 'Kick Out', een nummer op Tall Machines, met Marieke aan de zang en spoken word door Gert. Het kreeg De Kleine Hedonist nét niet aan het dansen. Een magisch momentje was de ballade 'The Future Of Society', van hetzelfde album, met enkel Carlos en Marieke op het podium, waarna Benjamin nog eens terugkwam voor een stomend potje drum'n'bass meets Limp Bizkit, met als motto 'alles kapot'. Ondanks de technische puinhoop in het begin een meer dan verdienstelijke try-out met een band die er duidelijk heel veel zin in had!
We sloten de avond af met de eerste Belgische vertoning van Von Solo's tweede kortfilm The Adventures Of Gershard Coxxx, Rotterdam Porn Poet, een hilarische en ingenieuze kortfilm die er op alle vlakken los over gaat en waar de man meer dan een jaar aan heeft gewerkt. Het is de opvolger van Dood Aan de Powezie! en de cast, vol ontregelde dichters, is haast dezelfde. De glansrol van Gershard Coxxx wordt gespeeld door Youri Verschuren, en verder herkende u wellicht heel wat Nederlandse en Belgische dichters die wel eens op ons podium staan: Von Solo zelf, wijlen Derrel Niemeijer, Yannick Moyson, Robbert Meijntjes, Gert Vanlerberghe, Miguel Santos, Kobus Carbon, Sven de Swerts, noem maar op. Porno én poëzie in één cultfilm. Het kan.
Na een bijzonder fijne avond met veel publiek en veel volk kunnen wij alleen maar concluderen dat jullie werkelijk fantastisch zijn! Wat een sfeer, wat een drang naar meer. Dat krijgt u tijdens de Week van de Amateurskunsten (WAK) op 1 mei op Feest van den Boom in 't Werkhuys, en verder nog op 2 juni in het Washboard Art & Jazz Café, dan doen we nog eens mét open mic. Vanaf september kruipt Ballonnenvrees dan weer uit haar zomerslaap om nog enkele keren in Antwerpen en Mechelen toe te slaan. U bent bij deze gewaarschuwd.

Foto's: Lisa Deckers en Gust Peeters

zondag 9 april 2017

Scheur

de woorden stollen in mijn keel
ik braak ze uit als een geheel
er zwenkt een lichaam
in het midden van het moraalrif
het voorgeborchte van een kreet

nieuwe bergen parasiteren
als dwergen op mijn luchtwegen
kraters in mijn klankkast
geslagen, elke adem astmaromatisch
en een nasmaak van zwavel

het is diep graven voor
wat sporen van verontwaardiging
een geologisch palimpsest
en elke geladen groeiring
ooit de slotsom van een toren + vrije val

versteende razernij
stilleven in het ondergrondse
cryptische kringen waarop

breinen als walnoten breken
een aangedampt raam en
haar schaamte gauw schoon vegen

stilleven in het onderlongste
stil leven om ter langste

tot monden breken
in een onleesbare schreeuw