dinsdag 22 september 2015

Balkan 13-20 september 2015, deel 2

Balkan, deel 2: De parel van de Adriatische Zee


De bus volgt de smalle zeestraat tussen het vasteland en het schiereiland Peljesac. Hier en daar baadt men in kleine groepjes in het water. De panorama's van de Dubrovnik Riviera zijn verbluffend. Dubrovnik zelf is een uiterst toeristische ommuurde stad, helemaal in het zuiden van Kroatië. In 1991 werd er hard gestreden tegen de Servische en Joegoslavische troepen, om de kersverse onafhankelijkheid te herwinnen en de Libertas in ere te herstellen, wat pas in 1995, na een felle oorlog, lukte. Pas in 1998 kreeg Kroatië al haar afgenomen gebieden terug. Het is erg warm wanneer ik de Gruzhaven, de rotskust en de heldere zee de weg volg naar de binnenstad. Ik word onderweg door de dood begroet. Er heeft zich net een motorongeval voorgedaan. Tussen een meterslang spoor van brokstukken en een enorme verkeersopstopping ligt het reeds bedekte lichaam op het asfalt, het bloed sijpelt nog van onder het laken. Gruwelijk.

Ik volg de lange autorij tot aan de Pilepoort en verdwijn in een zee van toeristen. Een ophaalbrug is de toegang tot deze onneembare stad, die pas door Napoleon op sluwe manier kon worden veroverd, door middel van tact en geduld, wat in 1808 het einde betekende van de Republiek Ragusa. Hoofdstraat Placa, ofwel Stradun, leidt kaarsrecht van de Pilepoort, de ronde Onofriofontein en de Verlosserskerk naar het Lucaplein, onderweg loop je voorbij meer dan 20 smalle zijstraatjes boordevol restaurants. Het plein herbergt enkele knappe monumenten. Zo is er de Orlandozuil met een beeld van deze ridder. Onder de sierlijke klokkentoren wassen duiven zich in een veel kleinere Onofriofontein dan die aan de andere kant van de Stradun. De Blasiusbeelden op het Sponzapaleis en de Blasiuskerk kijken elkaar recht in de ogen. Rechtsaf de gotische loggia van het Rectorspaleis en de kathedraal, vervolgens ontvouwt zich een schitterend uitzicht wanneer ik de oude haven bereik en net op dat moment de houten driemaster Karaka tussen de twee pieren aanmeert, verwelkomd door een middeleeuwse koning in vol habijt, dit tegen een achtergrond van een door de avondzon vergulde Srdberg, het massieve St.-Jansfort en het pittoreske plezierhaventje zelf. Een episch moment, zoveel is zeker! Terwijl de dappere vorst van deze King's Landing de toeristen op de bood helpt, zet ik me neer op het terrasje van een restaurant. Tijd voor mosselen!
Aan de Plocepoort en het Revelinfort is het zicht op Pustijerna, de oude haven en Porporela met het in de schemering spookachtige St.-Jansfort adembenemend. De voornaamste monumenten zijn subtiel verlicht. Zwermen zwalumen slaken hun laatste geschetter. Het is weer tijd voor de heerschappij van de vleermuis. Aan de noordzijde van de binnenstad zit het Mincetafort, een massief uitkijkpunt over de dakenzee en de echte zee. Vervolgens lever ik me over aan het waanzinnige doolhof van trappen, steegjes en omwallingen. Erg karakteristiek allemaal met de vensterluiken, lantaarns, planten en wasdraden waarmee de op de Placa uitlopende trappenstraatjes zijn uitgerust.
Op het terras van het Troubadour Hard Jazz Caffe komt een peuter spontaan mee op de piano van een liveband spelen, bringing the free jazz to a higher level! Daarna mag hij aan het drumstel. Overal in de stad strijkt men neer op terrasjes en overal klinkt wel een straatmuzikant. Zo entertaint een band de vele toeristen op het Lucaplein met covers, terwijl een meisje voorbijgangers papegaaien op de schouders zet. Een rood exemplaar klimt op mijn nek en stuikt vervolgens in een gewaagde buiteling neer op de stenen van de Placa. Maar daar kan zo'n papegaai tegen. Aan de Pilepoort snuif ik nogmaals de nachtelijke zeelucht op, alvorens ik naar m'n hostel buiten de binnenstad keer.
Ik ontbijt op een dakterras, samen met Alex, een Australische jongeman die een halfjaar lang rondtrekt in Europa en nog een gigantische Hongaarse kater heeft. Aangekomen aan de oude stad kuier ik over de stadsmuren, die weergaloze panorama's voorschotelen van de daken, torens, straatjes, de helderblauwe zee, het fiere Lavrijenacfort, het eiland Lokrum en het immer klotsende water van de branding waarin een tiental kajakken volharden. Ik ga helemaal rond. Een stevige wandeling, zeker bij deze hoge temperaturen, in het gezelschap van honderden toeristen.

Ook in het Franciscanenklooster is het veel te druk. De kloostergangen zijn versierd met fresco's en dubbele pilaren met uitgehouwen dierenbeelden. Op het sfeervolle binnenpleintje vind je een droge fontein met een beeldje van onze dierenvriend. Goed zicht op de majestueuze 14e-eeuwse klokkentoren. Het klooster huisvest ook een van de oudste apotheken van Europa. In het museum bewonder ik enkele portretten, steenreliëfs, schilderijen, relieken (waaronder de voet van Blasius) en de reconstructie van ene oude apotheek. In een hoek liggen enkele projectielen waarmee dit klooster in 1991 belaagd werd. Er waren 54 granaatinslagen, waarvan er enkele bewaard zijn gebleven. Ze herinneren ons aan een vreselijke periode uit de Kroatische geschiedenis.

Zeer de moeite is het Rectorspaleis, een knap staaltje van gotische, renaissance- en barokarchitectuur, met een sierlijk atrium met beeld van Miho Pracat, en enkele gevangeniscellen; verder beelden van Blasius en de oorspronkelijke bronzen beelden van de klokkenluiders in de toren. De kille trappen zijn versierd met drie grote handenbeelden. Boven zijn enkele prachtige vertrekken met schilderijen en draagkoetsen, waaronder de slaapkamer van de rector zoals dat er toen, onder de Republiek Ragusa, uitzag. Meer van dat moois in de schatkamer van de kathedraal, die pronkt met honderden relieken, waaronder een versierde huls met de schedel van Blasius en vaten met zijn handen en zijn andere been. Benieuwd waar de overige puzzelstukjes van deze gefragmenteerde heilige zijn verstopt.
Ik bezoek het huis van de Kroatische tegenhanger van Shakespeare, de toneelschrijver Marin Drzic. Kleurrijke tekeningen en poppen komen recht uit zijn verhalen. Zo is er de oude Stanac, die weer jong wilde worden. In het etnografisch museum Rupe leer ik wat over de klederdracht en het dagelijks leven vroeger in deze streek. Er zijn nog de op één na oudste synagoge van Europa, de monumentale trap die naar de jezuïetenkerk leidt, het Sponzapaleis met gotische kloostergangen en een ontroerende herdenkingszaal voor de verdedigers van Dubrovnik - ik word er stil van. Ze hebben hun Libertas dankzij deze dappere (en jonge!) mannen terug gewonnen, maar tegen welke prijs...

In het St.-Jansfort is een scheepvaartmuseum ondergebracht. Ooit was Ragusa als zeemacht een belangrijke rivaal voor Venetië en Oostenrijk. Daarna strip ik tot op mijn boxershort en ga ik zonnen op het uiterste punt van Porporela. De golven spatten hoog op wanneer ze op de pier inslaan. Mooi zicht op de eilanden en de verdere Dalmatische kust zuidwaarts richting Cavtat. Het natuurhistorisch museum biedt een blik op de fauna van de streek met tal van opgezette vogels, vissen, schildpadden, en botten van een blauwe vinvis en een nijlpaard. Lichtjes interactief en leuk voor kinderen, maar niets buitengewoons. Om de hoek, aan de kop de Spaanse trappen van Rome gelijkende jezuïetentrap, eet ik balkankost in een traditioneel restaurant. Aan het Clarissenklooster en de grote Onofriofontein weerklinkt het gekrijs van de papegaaien tegen dat van de zwaluwen op. Twee wachters in historisch habijt hebben post gevat aan weerszijden van de Pilepoort. Ik moet spontaan aan De Scepter van Ottokar van Kuifje denken. Horden toeristen blijven voorbij stromen. De avond brengt donkere wolken met zich mee, maar er valt geen druppel. Dubrovnik is klaar voor een nieuwe nacht, vrij van zorgen, want Blasius houdt de wacht, berekend en doordacht, de Libertas intact.

Na wat lummelen in de ochtendzon die op dit vroege uur al fervent op menig toeristenhoofd hamert, bezoek ik de dag nadien eerst War Photo Limited. Eloquente foto's vertellen over de gruwel van de religieuze burgeroorlogen in de Centraal-Afrikaanse Republiek, voornamelijk in 2013 en 2014, en de terreur die de anarchistische militanten Séléka en anti-Balaka zaaien. De wrijving tussen het christendom en de islam zorgt weer maar eens voor dood, verminking en verkrachting, niet voor vrede, waar beide religies toch beweren garant voor te staan. Een tweede expositie toont de miserie waartoe bot nationalisme kan leiden. We schrijven Dubrovnik 1991. Zo goed als heel de Adriatische kust is door het Joegoslavische leger en de Montenegrijnse troepen ingenomen... behalve Dubrovnik. Het beleg betekent de dood van heel wat burgers en soldaten, en de halve stad staat in brand of is aan gruzelementen geschoten, en vrouwen en kinderen zijn op de vlucht terwijl mannen worden gemobiliseerd voor de dood. Tot slot zijn er de foto's genomen tijdens de verschrikkelijke Bosnische oorlogen en het geweld tussen Serviërs en Bosniakken in Kosovo, wat nog maar 16 jaar geleden is. Nooit meer oorlog, we blijven het herhalen. Maar de foto's uit 2014 spreken boekdelen en dit jaar lijkt de hele wereld zich wel klaar te maken voor geweld. Zolang godsdienst en nationalisme de taal van de wapens spreken, moeten zij zwijgen.
Een jonge Kroatische vrouw met een kanjer van een Belgisch-bier kater verwijst me, na een interessant gesprek over de vluchtelingen, door naar een minihostel, King's Landing, beheerd door een Amerikaan en een Estse. De Amerikaanse 'kasteelheer' komt zo uit een Game Of Thrones episode, letterlijk, want hij speelde mee in de serie, en is op z'n zachtst gezegd een figuur. Ook ontmoet ik Alex, de jonge Australiër weer - what are the chances? Het Revelinfort herbergt enkele interessante archeologische vondsten uit de vroege Middeleeuwen. Dan neem ik de kabelbaan naar de top van de Srdberg. Het panorama over Groot-Dubrovnik, met al zijn eilanden, en over de zee en de bergen is adembenemend! Ik maak een wandeling in de rotsenwoestenij van Srd, zuidwaarts, en neem een Libertas-bus terug naar het centrum.

Ik baan me een weg door het volle maar gezellige Banjestrand, voorbij bikini's, monokini's en speedo's en placeer me op de rotsen, vanwaar ik een duik neem in de Adriatische Zee, tussen vissen groot en klein die net als ik de strijd aangaan met de golven. Heerlijk verfrissend en prachtig zicht op het eiland Lokrum en de oude stad. Op het strand ligt een jongen die dringend hulp nodig heeft. De redders passen eerste hulp toe, maar er is meer nodig, de jongen heeft te veel water binnen gekregen. Even later klinken de sirenes. Ambulanciers moeten hem vele trappen opdragen naar de veel hoger gelegen weg waar de ambulance staat.

Op het balkon van de villa waarin het Museum voor Moderne Kunst is ondergebracht, is het heerlijk vertoeven: de prachtige zuilen, de sculpturen, het panorama... Verder huist het 20e- en 21e-eeuwse lokale schilderkunst, en er zitten echte pareltjes tussen. Tijd voor Kroatisch bier en Dubrovnik op donderdagnacht. Alex slaat me tot ridder op de befaamde troon uit de serie (een kopie weliswaar, in een winkel). Het is het startschot voor een nachtje uit samen met drie toeristen van het andere geslacht, twee Duitsers en de Amerikaanse Nadia. We leveren ons over aan de geneugtes van de nacht en ik beland enkele uren later in de Revelin Culture Club, een nachtclub met schaars geklede danseressen. Tot slot loop ik door de voor de rest lege Placa, op een paar zwerfkatten na. 's Nachts ziet Dubrovnik er nog magischer uit, verlaten, vervormd, als een mirage, iets wat enkel en alleen in mijn verbeelding bestaat...

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen