maandag 15 juli 2024

Ruis

Op algemeen verzoek. Na negen jaar zet ik eindelijk deze tekst online, al die tijd alleen maar in vier stukken op de blog te lezen. 'Ruis' bestaat uit 'Losse woorden' (2015) (voorheen 'Star dwars', maar wat een lelijke titel), 'Ondanks alles' (2014), 'Ondanks alles bis' (2015) en 'Morgen strijk ik je glad' (2015).
 
RUIS
 
Er is te veel ruis tussen jou en mij.
 
De impact van zeep tegen het doucheraam,
en ik zie de verwijten op de spiegel staan,
gekerfd als de landen in de palm van mijn hand.
Ze voeren strijd met de mijne,
brengen hun buit terug naar hun kamp.
 
De impact van taal.
Je schiet met losse woorden,
slaat kraters in mijn oren.
Ze worden wormgaten langs
beide zijden van mijn kolkende kop.
Clusters van verwensingen,
een sterrenoorlog waar
slechts verliezers, en toch zo koppig
met onze gesloten geesten in het zand.
 
Er is plaats genoeg, want
de wapens zijn voorgoed opgegraven.

Met de korrels die we uit geweerlopen
haalden, vulden we onze oren.
En lieve woordjes zijn nu
een glimlach in het duister,
missen hun doel met lichtjaren,
omdat we slechts nog drek kunnen horen.
 
Er rest ons niets dan in het stof bijten.
Twee reuzen die rood aanzwellen,
en dan verdwijnen.

Er is te veel ruis tussen jou en mij.
 
En hoe is het mogelijk dat we hier weer zijn beland?
Na getrokken messen en lessen, eloquente lijnen in het zand.
Allebei een hoog ontwikkeld empathisch vermogen,
afspraken en smeekbeden voor dovemansoren.
De toekomst leek de moeite niet toen we elkaar belogen,
met de monden die de twijfels uit verlamde lijven zogen.
Wij hadden elkaar, dat was genoeg, dat was een harnas
tegen de filters op onze dromen, en de leegtes van een canvas.
Ik mag de waarheid niet ontkennen maar ik doe het telkens weer.
 
Maar dat heb je met bedrog.
Het is geen tweerichtingsverkeer.

En het gaat niet meer.
Elke keer besef ik weer.
Het gaat niet meer.
 
Ondanks alles.
Ondanks alles.
 
Het gaat niet meer.
Elke keer besef ik weer.
Het gaat niet meer.
 
Ondanks alles.
 
Want hoe is het mogelijk dat we hier wéér zijn beland,
met de messen geslepen, minstens drie in elke hand.
Empathie lijkt voortaan ook bij wet verboden,
escalatie sneller dan de zwarte weduwe kan doden.
Een toekomst gitzwart, wat blijft er nog over van de plannen
die we maakten toen de liefde ons nog wist te overmannen?
Een harnas voor een lege kamer, wij hebben die verlaten.
Mijn woorden zijn een sluipend gif en die van jou slaan kraters.
Zelfs als de waarheid echt geen twijfel baart, laten wij de hoop niet varen,
en met een hart dat gonst van tederheid vliegen wij elkaar in de haren.

ER IS TE VEEL RUIS TUSSEN JOU EN MIJ.

Hou ik van je als raven van ruïnes
of als ratten van een zinkend schip?

Je bent een vlek op mijn ziel,
de zwarte rand van de nagel
die ik niet wil afbijten.

Er staat meer op het spel dan
wat boze woorden die zich met weerhaken
vastbijten in ons verbond,
luizen in de pels van onze toekomst.

We gaan allemaal dood,
zo ook de hand die nu in de mijne zwijgt.

Ik spreek je taal niet, ken je verhaal niet.
Maar morgen gaat het vast beter.
Morgen strijk ik je glad

en overstem ik de ruis tussen jou en mij
met meer WIJ.


Foto: Dirk Cornelis

maandag 1 juli 2024

Festivalverslag Live /s Live 30 juni 2024

Dit wordt niet de zomer van de grote festivals voor mij. Best Kept Secret, Rock Werchter, Pukkelpop. Ik laat het allemaal passeren. Wel kies ik een dag Live /s Live, sinds vorig jaar ons eigen grote festival in Antwerpen. Al kan je het moeilijk een festival van de grote beloftes en ontdekkingen noemen, op enkele namen op podium Dageraad na. Letterlijk elke band op het hoofdpodium van zondag zag ik al één of meerdere keren live. Er zitten echter enkele persoonlijke favorieten tussen, maar ze komen dus iets te vaak uit de nostalgische doos. De jonge beloftes zie ik wel in Trix, de AB of de Botanique.
Het was niet dat ik er echt op zat te wachten, Zornik live zien in 2024, maar ik heb me toch geamuseerd. De Limburgse band vuurde de ene rockhit na de andere op ons af. Sommige nummers, zoals 'It's So Unreal' en 'Goodbye' klonken best gedateerd, terwijl een 'Believe In Me' of 'Hey Girl' net heel goed overkwamen. Frontman Koen Buyse zweepte het wat makke publiek op en er volgden enkele meezingmomentjes, bijvoorbeeld bij het bommetje 'Scared Of Yourself', dat nodeloos werd uitgesponnen. Ook al was ik als tiener vooral fan van de eerste platen en had ik bij de emoperiode al afgehaakt, met een meezinghit als 'The Backseat' kan je uitpakken. Verschillende nummers deden me wegdromen naar andere bands uit die periode, met name Placebo en Muse. Met Zornik had België iets gelijkaardigs, maar dan minder straf, en misschien een tikkeltje te aanstellerig. Zornik zorgde voor een fijn weerzien, met bijna enkel oude hits, al werd niemand op dat vroege middaguur weggeblazen.
Dat gebeurde ook niet helemaal met K's Choice. De band rond de broers Bettens mag dertig kaarsjes uitblazen en deed dat met een resem hits, te beginnen met het onverwoestbare 'Everything For Free', hun beste nummer. De sympathieke Sam Bettens kon zijn publiek meesterlijk bespelen en voelde zich duidelijk in zijn nopjes tijdens deze thuismatch. De band bracht een strakke set maar niet elk nummer kon overtuigen. Hun muziek is immers meesteal hopeloos generische 90s rock, al te vaak erg veilig en zonder weerhaakjes. Tussen veelal brave rockliedjes genre 'Almost Happy' kon het recente 'Time Is a Parasite' me nog bekoren, en ook de klassiekers 'Believe' en 'Not an Addict' zijn altijd een hoogtepunt in eender welk concert van K's Choice. Sam Bettens en band zetten een mooie set zonder over de hele lijn te overtuigen. Hun knappe instrumentale slotnummer was wel het perfecte bruggetje naar de volgende band op de Main.
Net als elke andere band op het hoofdpodium zondag had ook het Schotse Mogwai al enkele jaren geen nieuw album meer uit. Echter had ik hen met de tour die bij hun laatste langspeler hoorde gemist en dus was het alweer jaren geleden dat ik een van de beste post-rockbands nog eens live mocht ervaren. Je zou je kunnen afvragen wat de Schotten op Live /s Live deden, een festival dat haast tot vervelens toe op veilig speelt. Feit is wel dat ik het festival dit jaar zou hebben geskipt zonder Mogwai in de line-up. Enkel Interpol en The Smashing Pumpkins zouden me niet hebben overtuigd om naar de Middenvijver af te zakken. We kregen een afwisselende set, van meezinger 'Ritchie Sacramento' tot het bloedmooie 'I'm Jim Morrison I'm Dead', waarvan het haar op mijn armen rechtop ging staan. De misvormde zang van 'Hunted By a Freak' nam de keyboardiste voor haar rekening. Het bekendste nummer van Mogwai blijft een bevreemdend pareltje. Traditioneel stond ook de kwartier lange compositie 'Mogwai Fear Satan' in de setlist, de afsluiter van hun debuut. Tijdens het stiltestuk hield het publiek op de eerste rijen z'n adem in, om dan onderuit te gaan door de brute gitaren die de stilte aan flarden beukten en onze trommelvliezen verpulverden. Wat een trip. Met het verschroeiende 'Old Poisons' hield de band het voor bekeken. Hoewel dit zeker niet het beste concert was dat ik al van hen zag (de laat lag nogal hoog), was dit een meer dan verdienstelijke set van een van mijn favoriete groepen aller tijden.
Het toeval wil dat ik al drie jaar op rij een concert van Interpol mocht bijwonen, eerst in de AB, omdat het lang geleden was, en sindsdien kom ik hen telkens op een festival tegen. De New Yorkse rockers beschikken over een indrukwekkende discografie waar ze rijkelijk songs uit kunnen plukken, maar aangezien hun populaire tweede plaat Antics 20 jaar oud is, kregen we vooral daaruit veel nummers te horen. Zo zorgden 'Evil' en 'Slow Hands' natuurlijk voor een feestje, terwijl 'Not Even Jail' en 'The New' ons bij de keel grepen. Dat Paul Banks niet de meest boeiende frontman is, is zeker geen geheim. Maar je hebt geen aanstellerige zanger nodig om een indrukwekkend concert neer te poten. Bij Interpol spreken de nummers, even strak in het pak als de bandleden zelf, voor zich. Hoe de setlist er ook uitziet, bij Interpol zitten er altijd persoonlijke favorieten bij. Zo kreeg ik een krop in de keel bij 'Pioneer To the Falls' en 'My Desire'. Het nieuwe 'Into the Night' was het enige mindere nummer dat de revue passeerde, maar het siert de heren dat ze af en toe voor een minder bekende song kiezen. Uit de debuutplaat Turn On the Bright Lights kregen we maar een handvol nummers, maar de sneltrein 'Say Hello To the Angels' is altijd raak. Interpol stelt zelden teleur, al zorgde de frontstage, waar je voor moest bij betalen, wel voor een hinderlijke afstand. En dan denk je: misschien moet ik eens een keertje skippen. Maar daar dient zich al een zaalconcert in De Roma aan dit najaar. Interpol Overload. Maar wedden dat ik er niet aan kan weerstaan?
Dansen in de regen. De opzwepende soulpunk van Gossip moet het vooral van een drietal indiehitjes uit lang vervlogen tijden hebben, maar een feestje bouwen kunnen ze wel. Van hun Live /s Live-passage zal ik echter, meer dan de muziek, vooral Beth Ditto's hoestje en maffe bindteksten onthouden. Tussen de nummers door deelde ze zowat alles wat er in haar op kwam met haar publiek en bandleden, wat voor een vreemde maar hilarische dynamiek zorgde. Het gevolg was een hele stoet aan geïmproviseerde culturele verwijzingen, van Tori Amos tot The Simpsons en Gremlins. Dat laatste was natuurlijk een verwijzing naar Mogwai. Ze torpedeerde ook een nummer, waar ze eigenlijk echt geen zin in had. Nadat ze het nummer abrupt onderbrak, gaf ze toe dat ze het, hoewel ze het zelf had geschreven, verschrikkelijk vond. Vooral de bangers 'Heavy Cross' en 'Standing In the Way Of Control' maakten een goede beurt, en zo zorgden de Amerikanen al bij al nog voor een mooie set. Free Palestine! Beth Ditto was de enige die de leuze vandaag over haar lippen kreeg.
Maar bijna iedereen was voor landgenoten The Smashing Pumpkins gekomen, die de alternatieve rock van de jaren negentig kwamen vertegenwoordigen, tot grote opgetogenheid van menig veertiger aanwezig. Met Billy Corgans pompoenen is het altijd hout vasthouden. Nu eens serveert de band onvergetelijke concerten, dan weer lappen ze er hun laars aan, met een ondermaatse performance als gevolg. Zelf zou ik me niet de allergrootste fan noemen, en hun passage op Pukkelpop 2007 was niet onaardig maar zeker niet geweldig. Vanavond trokken ze me echter over te streep door Antwerpen op een overweldigende en onvergetelijke show te trakteren, die bol stond van de klassiekers. De toon werd al meteen gezet met opener 'The Everlastig Gaze' en met een gedurfde cover van U2's 'Zoo Station' toonden de dames en heren hoe veelzijdig hun repertoire kan zijn, als ze willen. De zeer specifieke stem van frontman Billy Corgan is namelijk niet de meug van iedereen en zorgt al gauw voor een gevoel van eenheidsworst, waar ook bands zoals R.E.M. en Pearl Jam mee kampen, zelfs wanneer de veelzijdige muziek dit tegenspreekt.
Hoewel klassebakken zoals het magistrale Tonight, Tonight en het bloedmooie Disarm ons konden de koude regen niet doen vergeten, dachten we er nog niet aan om te gaan schuilen of naar huis af te zakken. Niet met deze set. Door de aanhoudende regen hadden de Amerikanen met wat geluidsproblemen te kampen, maar terwijl deze werden verholpen, kregen we enkele grappige anekdotes van Billy Corgan en James Iha te horen. Billy moest zijn kale hoofd wel beschermen door er een handdoek op te leggen, waardoor hij van ver weer leek op zijn jongere zelf, met de lange haardos. De wat onhandige emorocker 'Mayonaise' is een publieksfavoriet, maar zelf was ik blij om het te kunnen doorspoelen met het rauwe, woeste, bezwerende 'Bullet With Butterfly Wings'. Dansbaar en zwaar rockend tegelijk, en zo een van de grootste klassiekers uit de jaren negentig. Met stampers als 'Cherub Rock' en 'Zero' krijsten we samen met Billy onze stembanden finaal om zeep.
Doorweekt stapte ik omstreeks middernacht met enkele vrienden de tram op. De regen was onverbiddelijk maar amper een domper op de feestvreugde. The Smashing Pumpkins kwamen, zagen en overwonnen, en ik heb ook weer kunnen genieten van meer dan degelijke concerten van favorieten Mogwai en Interpol. Daar komt bij dat Live /s Live een heel gezellig festival blijft, met de juiste eet- en drankkraampjes en de juiste muziek. Ik was er met de juiste mensen. En de aankondigen van Bent Van Looy ware pure poëzie. Toch vraag ik me af of het festival doelbewust mikt op een wel vrij specifieke doelgroep: grotendeels witte dertigers en veertigers met een hart voor gitaarmuziek uit de jaren '90 en '00. Zouden bands uit andere genres, zoals Underworld en De La Soul, Caribou en Young Fathers, hier ook worden geprogrammeerd? Gaan we in de toekomst ook eens een buitenlandse ontdekking of twee kunnen doen? Krijgen, met andere woorden, nieuwe bands als Deadletter, Fat Dog en Deki Alem hier een kans? Of moet het festival het met de afdankertjes van festivals als Rock Werchter en Pukkelpop doen, grote namen met een brede fanbase maar zonder nieuwe plaat onder de arm? Nog zoiets: élke band op de Mainstage van zondag bestond 25 jaar geleden al. We zien wel wat de toekomst brengt. Iets zegt me dat één van de drie dagen me elk jaar wel naar de Middenvijver zal kunnen trekken. En dat is maar goed ook. Een dagje Live /s Live is een dag goed besteed.

dinsdag 18 juni 2024

Telemachus

Vorige zondag was het mijn verjaardag en ook Bloomsday. Die twee vallen altijd mooi samen op 16 juni. Een jaar geleden schreven Pierrette COffrée en ik voor de gelegenheid een dialoog tussen Buck Mulligan en Stephen Dedalus (Stefanie Dedalus in onze versie) voor het podium. Ook Haines komt even piepen, gebaseerd op de eerste helft van het hoofdstuk 'Telemachus' van James Joyce's beroemde roman Ulysses. We hebben ons duidelijk geamuseerd. De eerste try-out van dit literair-ludieke stuk brachten we op 18 juni ten berde op Don Vitalski's Legendarische Dinsdag Club in de Berchemse zaal Paroza. Meer van dat! Maar in plaats van scheerschuim misschien toch maar slagroom gebruiken de volgende keer...

Telemachus

Mulligan, Dedalus, Haines

Mulligan: Seg, schijtluis, komt ge nog naar boven of hoe zit het?

(3 x omgeving zegenen met scheerapparaat)

(kruistekens in de lucht maken als een gek)

(Dedalus verschijnt)

M: Goeiemorgen Stefanie. Ik dacht dat ge niet meer wakker ging worden. Hallelujah! Onze Heilandin is verrezen! En welke mirakels kunnen we vandaag van U verwachten? Gaat U de Schelde in wijn veranderen? Rode graag. En van een goed jaar.

D: Epi Pfos-opa ponton. Boven de Pfos-donkere zee.

M: Hoewel… met zo’n absurde naam… Dedalus… Is dat niet Grieks? Vandaag eindelijk uit het labyrint van uw eigen onbenulligheid ontsnappen, dat zou pas een mirakel zijn. Vergeet niet welk drankje je vleugels geeft.

Dedalus: Finito met uw stukje theater?

(M begint zich te scheren, D benadert M)

M: Rustig Stefanie. Mijn naam is al even absurd. Klinkt ook wat hellenistisch. Anders moeten we samen op reis naar Kreta gaan. All-in. Gade mee als ik mijn tante van haar zuur verdiende spaarcentjes beroof? Of we kunnen ook gewoon Antwerpen helleniseren. Dat is allicht gemakkelijker.

D: Onnozelaar. Welkom in Cherballos.

M: Een stad met ballen. Zeg mij liever eens hoe lang Haines hier nog denkt te kunnen logeren. Wat een klootzak he?

D: Vannacht schreeuwde hij heel de tijd over een zwarte panter of zo.

M: Echt zo zot als de zoologie. Bang van hem?

D: Ik ken hem niet eens. Hij slaapt onder ons dak en wil een panter afknallen in zijn slaap. Ge zou voor minder schrik hebben. Met Haines naar de hel! Hij mamoniseert de stad. Wat als hij vanavond volledig doorslaat en ik ben alleen thuis met hem? Ik ben geen held, gij kaalkop Mulligan daarentegen…

M: Moet ik bij u op de kamer slapen? Schijtluis…

D: Als hij blijft, schijt ik de toren onder. Capiche?

M: Iets anders… hebt gij een zakdoek voor mij?

D: Alleen een gesnotene.

M: Aaah… de snotgroene vaandel der onbeduidendheid! Laat ze trots wapperen.

(boos gooit D haar verfrommelde zakdoek in M’s gezicht)

D: Klootzakdoek!

M: Seg… zottin! Vindt ge trouwens niet dat de rivier en de zee ongeveer dezelfde kleur hebben? In plaats van rode wijn hebt ge al het water in snot veranderd. Heks! Thalatta mijn gatta. Ge zijt sowieso niet goed wijs. Mijn tante denkt dat ge uw moeder hebt vermoord. Moet ge al niet vragen.

D: Iémand heeft de sweet old lady vermoord…

M: Gij apathisch mens. Ge stondt aan haar sterfbed en zei geen hol. Zelfs niet toen ze u smeekte om iets te zeggen. We zijn individualistisch tegenwoordig – ik ook – maar dit is overdrijven. Zie u hier staan in uw dertiendehandskledij. Ge zou u zo twintig cent geven.

(M begint zich weer te scheren)

M: Nee serieus. Ik zou u wat kledij en propere zakdoeken moeten geven. Mijn zus heeft ook nog een mooie grijze broek die haar niet meer past te geef.

D: Grijs is mijn kleur niet.

M: Ach. Dat doodt haar moeder, maar grijze broeken dragen? Ho maar… Allez, kijk eens naar uzelf, gij snotapin van een dichter.

(D kijkt in de spiegel)

M: Ik moet u niet zo treiteren. Misschien gaat ge me dan wat meer vertrouwen. Seg, ik heb het goed met u voor hoor. En als Haines nog te veel lawijt maakt, pakken we hem aan.

D: Bovenop het maalstroomlawijt van cruiseschepen pak ik het er wel bij. Enkel ’s nachts is hij een probleem.

M: En wat hebt ge tegen mij?

D: Wilt ge dat echt weten?

M: Ik vraag het toch? Ik kan me niet herinneren dat ik u iets heb misdaan.

D: Weet ge nog, de eerste keer na de dood van mijn moeder dat ik u kwam opzoeken? Ge ging thee maken en uw moeder kwam binnen en ge zei zoiets als: Dedalus is hier, haar moeder is dood als een pier. Ge zong het zelfs!

M: Zei ik dat echt? In een lied? En wat dan nog? Het is toch zo? Het betekent trouwens helemaal niets. En zijt blij. Gij zag enkel uw mama verrekken. Bij ons in het ziekenhuis zie ik ze dagelijks bij bosjes de pijp uit gaan. Ik wou de herinnering aan uw moeder niet beledigen, maar besef wel dat mijn opmerking lang niet zo erg is als uw houding aan haar sterfbed.

D: Ge hebt niet haar maar mij beledigd.

M: Maar gij zijt onmogelijk!

H: Zijt ge boven, Mulligan?

M: Ik kom!

(draait zich om naar D)

M: Kijk naar de zee. Wat kunnen beledigingen haar schelen? Get over it. Meneer heeft honger. Laten we meneer op zijn wenken bedienen.

(lopen naar beneden)

H: Sorry voor vannacht. Ik was blijkbaar nogal luid?

M: Nogal. Stefanie, kan ik wat geld lenen voor vandaag?

D: Vandaag stort de school mijn loon. Hoeveel, Buck?

M: Alles?

maandag 17 juni 2024

Dijkbreuk

ze roept iets halfbakken naar haar minnaar
terwijl deze de werkuren van zijn lijf spoelt
en een smoes houwt uit suiker
 
nadruppend springt hij hitsige honingdas
tussen lakens en haar dijen
de prikklok maakt overuren in stuurloze vlijt
 
de wortel van zijn tegenspraak
laat hij vloeien in haar baard
hij drinkt diep
 
en op al dat verbeten ontduiken
volgt een langgerekte ja
trillend vertolkt in haar dankwoord:
 
ik had het echt niet meer verwacht
 

donderdag 6 juni 2024

Archangel

Was ik dan een monster voor wie iedereen op de vlucht slaat?
Toch vreet ik enkel kennis, al hunker ik,
zoals elke mens dat doet, naar tederheid.
 
Wat zie ik als ik naar mijzelf kijk in de reflectie van de vijver?
Zal ik niet als Narcissus bezwijken, niet van verrukking maar afgrijzen?
Zal ik me ooit kunnen bewijzen?
 
Verstoten door de wereld, verloochend door mijn maker,
voor eeuwig misbegrepen, mijn handen zijn twee wapens.
Zonder liefde, onontbeerlijk, geraakt een hart in ademnood.
 
Met een leven zo oneerlijk lonkt de adem van de dood.
Op een ijsschots in het noorden wacht ik op mijn eerste kus,
en de laatste van mijn moorden waarmee ik mijn hartsvuur blus.
 

maandag 3 juni 2024

Flavours of the month

We're entering June with a lovely mix of post punk, noise rock, hip hop, jazz and pop, with the epic 'Running' by the London-based revelation Fat Dog, whose much anticipated debut album will only be released in August. Taste the rage of Macklemore and Bob Vylan, enjoy Beth Gibbons's surprising solo work, discover Honeyglaze. You'll find A Place To Bury Strangers and Billie Eilish twice in this list. There's also the comeback of The The, which should make us all very excited.
 
  1. Fat Dog - Running
  2. Bob Vylan - Reign
  3. Macklemore - HIND'S HALL
  4. Beth Gibbons - Reaching Out
  5. GUM feat. Ambrose-Kenny Smith - Ill Times
  6. Kamasi Washington - Prologue
  7. Ezra Collective - Ajala
  8. Fontaines D.C. - Starburster
  9. The Jesus and Mary Chain - Silver Strings
  10. Bowl - Fresh New Life
  11. Orlando Weeks feat. Rhian Teasdale - Dig
  12. Tanz Akademie - The Gost
  13. BODEGA - City Is Taken
  14. Jools - 97%
  15. DEADLETTER - Mere Mortal
  16. IDLES - POP POP POP
  17. Kendrick Lamar - Not Like Us
  18. A Place To Bury Strangers - When You're Gone
  19. Mdou Moctar - Imouhar
  20. The The - Cognitive Dissident
  21. Cesar Quinn feat. Youniss - SMOKE
  22. Honeyglaze - Don't
  23. James Blake - Thrown Around
  24. Pond - So Lo
  25. A Place To Bury Strangers - This Is All For You
  26. Billie Eilish - CHIHIRO
  27. Puscifer - The Algorithm
  28. MAQUINA. - denial
  29. Billie Eilish - LUNCH
  30. Dua Lipa - Illusion

vrijdag 31 mei 2024

Ballonnenvrees 30 mei 2024

Eind mei vond de laatste editie van Ballonnenvrees van het seizoen plaats, de afsluiter van misschien wel het drukste Ballonnenvrees-seizoen ooit. In het Mechelse Café Het Maanlicht kregen we Frederik De Cock over de vloer, met zijn behoudsgezinde gedichten en handige tips, puttend uit een haast encyclopedische poëtica en een onnavolgbare verbeelding. Hij las onder meer 'Dooraderd', 'Ode aan de Meersen', 'Op de tocht', 'De beer in de mand' en 'Essentiële verplaatsing', over de coronamaatregelen, voor. En wij genoten van zijn unieke metaforen waar onze aandacht af en toe aan bleef haken. Actrice en theatermaker Marthe Schneider dichtte over zatte zaterdagen waarop woorden te kort schieten, droeg een gedicht op aan haar ouders, en had zelfs een gedicht bij dat ze onderweg naar Mechelen op de trein had geschreven. We kregen dus de ruwe versie en dat die er al best mocht zijn, is een understatement. Opgroeien en drinken waren de twee rode draden in haar set, en eigenlijk ook in haar oeuvre. Haar gedichten waren ontroerend en trefzeker.
Vanessa Daniëls liet de woorden vloeien en stromen in meeslepende watergedichten. Het ijslandschap waarin wolven rondwaarden, was maar één van de vele vertes waarin ze ons meenam. Ze bracht haar gewéldige 'Impostersyndroom', haar drieluik 'Nest', en verder 'Wie is het?', een plezante inventaris van alle mogelijk gezelschapsspelletjes. Ze liet het publiek tellen hoeveel ze er in haar tekst had verwerkt. Gert Vanlerberghe bracht 'Aura' en 'Ceci n'est pas un couteau', een eerbetoon aan Salman Rushdie, die enige tijd terug het slachtoffer was van een mislukte aanslag op zijn leven. Omdat Anamaria Varga er niet kon bij zijn, had ze hem gevraagd haar generatiegedicht te brengen. Zo vond ook deze vurige, woedende, revolterende tekst z'n plek deze avond.
Jürgen Nakielski weet zijn publiek altijd te vermaken, zo niet met zijn gedichten, dan wel met bindteksten waar geen einde aan lijkt te komen en die meer gelach oogsten dan menig stand-up comedian. Hij had gedichten over verliefd worden bij, en die gingen van - naar eigen zeggen - klef tot bloedmooi. Zo was hij op de lagere school verliefd op Michael Jackson, omdat hij dacht dat dat een vrouw was. We kregen ook de klassieker 'We hadden onze namen nog' en een verhaaltje over waar het licht van de koelkast naartoe gaat. Op de open mic was er Marzena Lesińska, met smakelijke lustmetaforen en de tekst 'Things I'll Never Forget', over confessies. Gust Peeters droeg een gedicht op aan Lennaert Nijgh en Boudewijn de Groot. Ekster Alven nodigde ons uit een duik te nemen in zijn taalzwembad. "Ik verdween in je vlindergewelf als een witte walm" is maar één van de vele machtige zinnen uit zijn set. Allez nog eentje: "De zon gaat onder in narcose." René van Densen had zijn gedicht 'Nu eigenlijk' en een limerick bij. Een fijne afsluiter van een geweldig avondje woord in Mechelen, en ook van een jaargang Ballonnenvrees om heel blij van te worden.
In het najaar zijn we er terug met maandelijks op de laatste donderdag een editie in Het Maanlicht, en ook met zo goed als maandelijks een editie in Antwerpen. Alvast welkom en geniet van de zomer!

dinsdag 28 mei 2024

Poëzie voor Gaza 27 mei 2024

Wat je allemaal op drie dagen kan teweegbrengen. Tristan Faes en Lebuïn D'haese kwamen op het idee en ze trommelden me op om het triumviraat te vervolledigen. En het resultaat mocht er zijn. Op maandagavond verzamelde zich een groepje schrijvers en muzikanten op de Stadscampus van de Universiteit Antwerpen, te midden van de tenten, spandoeken en Palestijnse vlaggen, om het studentenprotest in Antwerpen, en overal ter wereld, een hart onder de riem te steken.
En de dichters waren niet van de minste. Daar kwam Peter Holvoet-Hanssen met zijn megafoon al aangewaaid, om mee een vuist te maken tegen het geweld in Gaza. Gert Vanlerberghe, Lies Gallez en Elvis Peeters volgden met niet mis te verstane woorden. Van Sarah Wagemans en Hild Eljadid kregen we telkens een prachtige videoboodschap. Johannes Genard had zijn gitaar bij voor enkele ingetogen nummers van School Is Cool en Talking Heads, maar ook begeleidde hij operazanger Tristan Faes voor een welgemikt 'Bella Ciao'.
Verder waren er de woorden van Anne Provoost, Kibi Puati Nelen, Maike Bretschneider, Jan Lampo... en ik denk dat het die van Lotte Dodion waren die ons emotioneel hebben onderuitgehaald. De combinatie van de collectief opgeslagen beelden van de verbrande tenten in het vluchtelingenkamp van Rafah en Lottes eigen gedichten en eentje van een Palestijnse dichter... het werd ons even te veel. Na het aangrijpende slotstuk van Lebuïn D'haese kregen de artiesten elk een blikje Palestijnse cola van Antwerp For Palestine. Er werd nagepraat. Gedachten en gedichten werden uitgewisseld. Iedereen content.
Een dikke merci aan alle artiesten die in sommige gevallen letterlijk alles hebben laten vallen om deze avond met ons te delen. Dank ook aan de studenten, niet alleen voor deze avond, maar ook voor hun ondertussen wekenlange verzet tegen de genocide in Gaza en de samenwerkingen met Israëlische instituten. Samen trekken we een lijn in het zand. Boycot Israël. Straf partijen die Israël openlijk steunen straks electoraal af. Wijk niet. Want bij ons stilzwijgen zullen zij winnen.

zondag 26 mei 2024

Ballonnenvrees 25 mei 2024

De laatste Antwerpse editie van het voorjaar was er weer eentje om te onthouden. Er was de comeback van Tilburgs podiumbeest Daan Taks, die ons vroeg: Hoe ontwaak je uit een waak? In een daaropvolgende tekst vierde hij al zijn lichaamssappen. Hij eiste eerherstel voor vocht. In zijn gelaagde slapstickpoëzie zagen we vuil vanzelf verhaal worden. Schimmel woekerde, gif dampte, gal stroomde tussen zijn woorden, en wij waren heel blij dat-ie terug was. Ook Erica Smits' vorige passage op Ballonnenvrees was alweer even geleden. In 'Het axioma van de liefde: Wederkerigheid' legde ze haar poëtische punt uit in bewijzen. Naast de op wetenschap gestoelde poëzie kregen we ook het kortverhaal 'De rit', het ludieke 'De dichter snelt ter hulp', 'Seizoenen', en dan één over de muze van de herinnering. Ze eindigde met twee keer flash fiction.
Lebuïn D'haese las enkele gedichten voor over Gaza en over de aanval op cultuur. Hij gebruikte de knappe metaforen schaduw en licht toen hij het over de effecten van kapitalisme had. Bij hem was liefde de drijfveer voor het verzet tegen onrecht. Nu maandagavond om 19u30 organiseert hij op de stadscampus van de Universiteit Antwerpen (Grote Kauwenberg 2) een uurtje poëzie om het studentenverzet tegen de genocide in Gaza te steunen. Wees erbij. Van Ronny Dijksterhuis waren er de levendige gedichten met polyglotte flarden rake zinnen, en verder jockstraps, rubberen vingers, vleeshaken, en ook de slagzin: "Wie verkoopt dit toekomstige lijk aan de hoogste bieder?" Zijn woorden kwamen binnen als een bulldozer, zoveel is zeker. En wat een treffend beeld: een pi
ñata zonder inhoud. Tot slot was er zijn keiharde 'Bijvangst', waarin de bommen bleven vallen.
Na de pauze las Gert Vanlerberghe een gedicht voor van Jef Staes, die we een kleine week verleden zijn verloren. Een goedlachse verbinder, een held, een groot verlies voor de culturele wereld van Antwerpen. Gert bracht ook nog de korte gedichten 'Aura' en 'Faaldwang', die met de thema's vergankelijkheid en verval worstelen. In zijn poëzie vierde Rudy Sturm de zonnige lentedagen, die nu dus al wekenlang uitblijven. Hij had ook zijn gitaar bij en zong over zijn haat-liefdeverhouding met de stad Antwerpen. Hij eindigde met een verschroeiende trilogie over angsten, waar het haar op je armen van rechtop ging staan. Voor Karen Goethals was het ook alweer even geleden. Ze had enkele zeer gevatte puntgedichten bij, en verder poëzie die van tweedracht vervelde, waarin namen samenvielen. In 'Niemandsland' doken we zelfs het bed in. In 'Oploskoffie' werd de pauzeknop ingedrukt. Tot slot was er muziek van Hecla. Singer-songwriter Kristof Van den Bergh creëerde een weemoedige sfeer in Café Boekowski, waarin zijn nummers over de zee, geïnspireerd door Lorca's poëzie, perfect tot hun recht kwamen. Een van de liedjes was verteld vanuit het perspectief van het schaap. Muziek om bij weg te dromen, maar met een donker randje.
En dan was er nog een best lange open mic, die bol stond van het talent. Marijn Pelkmans las 'Maan roos vis', 'Het pretpark' en 'De koe' voor. Ken Post, man van vele verhalen, vertelde hoe het nummer 'Rambling man' hem inspireerde om folkzanger te worden en hoe hij ging liften per vliegtuig. Maxene Willems toastte op Sekhmet, dochter van Ra, en had ook een kersvers gedicht over braken dat ze had geschreven tijdens Daan Taks' set. We kregen verwijzingen naar Milan Kundera, Pink Floyd en The Cure. Haar relaas over gebeurtenissen in station Luik-Guillemins was pijnlijk en vooral zeer sterk. Marco Van Dyck vierde de melancholie van de viool, gevolgd door een intense afwijzing van alle oorlogen die aan de gang zijn, in zijn gekende vlammende stijl. Sharah Pleumeekers bracht vijf frisse dialogen ten berde tussen man en vrouw, over langpootmuggen, maden, lieveheersbeestje, bloedgroepen en slechte zinnen hebben.
Jelle Teck performde een gedicht over station Antwerpen-Centraal, eentje over de poetsvrouw op het kantoortoilet, en schuwde in een geniale slottekst poëtische termen zoals 'omgekeerd chirurgische precisie' niet. We kregen een ware punkpoëzieshow van Jelle Staes, met korte gedichten waar het bloed van afdroop. Hij sloot af met een - zoals het hoort - gestoorde cover van Johnny the Selfkicker. Van Otto Vox kregen we knappe Engels- en Nederlandstalige gedichten die vooral het leven leken te vieren: de hemel is hiér. Gust Peeters dacht na over de dood en evoqueerde de memorabele tiende editie van Ballonnenvrees, zo lang geleden. Als allerlaatste, de hidden track op een album dat maar bleef duren, was er Pierrette COffrée met een regel van Jotie 't Hooft.
We doen er nog eentje, nu donderdag in Café Het Maanlicht in Mechelen, en dan is het weer goed geweest. Het was een fan-tas-tisch voorjaar voor Ballonnenvrees, en we zijn heel blij dat u erbij was - in persoon op een of meerdere edities, of hier op de blog. Dank u wel!
 
Foto's door Jan Cuypers en Teutë Kllokoqi

dinsdag 21 mei 2024

Weer fietstips voor kniekastijders

Halverwege mei trap ik een nieuwe reeks fietstips in gang, want ik kan mijn fiets niet van stal halen zonder erover te schrijven. Ik start met een tocht langs de Leie met beginpunt Kortrijk. De guldensporenstad maakt zich klaar voor een stadsfestival, met overal marktjes en openluchtpodia. Op de oever van de Leie, niet ver van de Broeltorens, zit een sculptuur van het huilende meisje, dat ik ook al op de dijk van Oostende tegenkwam. Verschillende portretten van dierbaren die uit het leven stapten, werden bij het meisje neergezet. Zo zet ook Kortrijk mentale gezondheid in de kijker.
Ik fiets in Vlaamse velden, verrijkt met windmolens en oude fabrieksschoorstenen, en bereik Sente, een dorp dat bij maar liefst drie gemeenten hoort. Vanaf Bavikhove, liefdevol vereeuwigd in een hilarische sketch door het televisieprogramma In de gloria, krijgt de route iets meer reliëf. Bij de watermolen van Anzegem zie ik duidelijk de Vlaamse Ardennen aan de horizon. Zo steil wordt het vandaag niet. In het gehucht Tjammels fiets ik even Oost-Vlaanderen binnen. Ik tref er twee rijen vrouwelijke naakten aan, sculpturen van de hand van Stefaan Ponette. Pitstop op het terras rond de plataan van d'Oude Stokerij, bij een gedicht van Jan Van Nijlen waar je dorst van krijgt. Gelukkig heeft de herberg een inddrukwekkende bierkaart. Ik eindig in de cafés van paardenstad Waregem, waar aan deze stralende lentedag geen einde lijkt te komen.
Fietsknooppunten: 73 - 83 - 93 - 10 - 63 - 14 - 47 - 5 - 33 - 39 - 23 - 69 - 59 - 54 - 84 - 62 - 82 - 72 - 92 - 36 - 5 - 35 - 34 - 4 - 24 - 89 - 67 - 47 - 92
 
Nog tot in juni blijft het nat, met af en toe alsnog een fietsgelegenheid. Begin juni ga ik fietsen in de Fagne en het Waalse Merenland. De vijf meren van de Eau d'Heure zou je het Belgische Lake District of de Waalse Ozarks kunnen noemen. Ik schiet uit de startblokken in het stadje Philippeville, provincie Namen. De weg door de heuvels naar het Kasteel van Senzeilles is één grote modderpoel. De hoge toren van La Plate Taille zie ik al vaag aan de horizon staan. Bij het Kasteel van Soumoy horen nog een hoeve en een kerkje, een fraaie groep van 17e-eeuwse monumenten. Ik daal af naar de oever van een van de meren, volg de grillige omtrek en bereik de jachthaven van Boussu-lez-Walcourt, in Henegouwen. Hier heb ik een uitzicht over La Plate Taille, de stuwdam en de uitkijktoren. Heel wat bochten later doorkruis ik een golfterrein en passeer enkele strandjes. Ik fiets onder de deathride van een avonturenpark door en krijg een panoramisch zicht op de stuwdam van La Plate Taille. In het onthaalcentrum krijg ik een rondleiding van de stuwdam. Mijn groep volgt een gids door een ondergrondse tunnel die ons van een laserpark met velociraptors naar de voet van de toren brengt.
De grappige gids legt ons de geschiedenis van de vijf kunstmatige meren uit. Ze zijn maar 50 jaar oud en waren voor de industrie van Charleroi bestemd. De omstandigheden van de tunnel, die hier trouwens de provinciegrens vormt, zijn zo goed dat stalactieten zich veel sneller kunnen vormen dan in een grot. Aan het einde van de tunnel is er dus de uitkijktoren. Deze werd op 38 dagen gebouwd, een record. Over de decoratieve lijnen deed men dan weer 2,5 jaar. Want, aldus de gids, we zijn in België. Wanneer we de enorme pompen bestuderen zitten we 25 meter on de zeespiegel. Vervolgens nemen we de lift naar het uitkijkplatform en van op een glazen vloer (béétje spannend) kijken we uit over de Fagne en de Meren van de Eau d'Heure, tot in Charleroi en Frankrijk. De gids wijst naar een plek in het midden van La Plate Taille. Voor de aanleg van de meren werd geen dorp van de kaart geveegd, maar het Kasteel van Boma moest er wel aan geloven. Het zit op de bodem van het meer, meer dan waarschijnlijk aan gruzelementen gestuwd door de pompen van de dam. Restjes duif en valk - een poot hier, botjes met veren daar - liggen op het buitenrooster. De dader zou een abnormaal grote en agressieve slechtvalk zijn, die naast duiven ook andere slechtvalken aanvalt. Ik krijg hier meer Jurassic Park-vibes dan in het laserpark. Op de terugweg toont deze geweldige gids ons nog de karpers in het heldere water. Een rode amfibiebus haalt ons in.
Ik kronkel per fiets verder langs de meren en volg de rivier Eau d'Heure tot in het vestingstadje Walcourt, in de provincie Namen. Het is een hele klim naar de 13e-17e-eeuwse basiliek. Ik blijk net de Grand Tour te hebben gemist. Enkele schutters in napoleontische outfit zakken nog met hun karabijnen af naar de kroeg of naar de kermis. Daar heb ik zelf de tijd niet voor. De trein passeert hier maar om de twee uur. Net als de fietsroute naar Waregem vorige maand was deze tocht relatief kort en gemakkelijk. Ik maakte weinig stops langs de meren omdat ik wist dat ik met de twee treinritten en het bezoek aan de stuwdam samen al een halve dag zoet zou zijn. Er valt dus zeker nog veel meer in deze streek te beleven.
 
Fietsknooppunten: 1 - 60 - 61 - 93 - 98 - 95 - 96 - 90 - 91 - 87 - 86 - 85 - 84 - 50
 
In juni en juli zet het kwakkelweer zich door. Toch kan ik af en toe een fietstocht aan deze zomerfst ontfutselen. Begin juli ga ik op bezoek bij onze noorderburen. In Turnhout volg ik het kanaal naar Ravels, dat ik altijd zal linken aan die keer eerder dit jaar dat een grote hond me langer dan een uur volgde, diep de moerassen in, enthousiast heen en weer lopend in de plassen. Met behulp van buurtbewoners, de politie en een lokale Facebook-groep vonden we de eigenaar terug. Na een uur fietsen in de regen ga ik verkleumd en doorweekt schuilen in de taverne van een kamping, net voor de grens. In het Nederlandse boerenhol Esbeek word ik welkom geheten door De Melkfabriek, een houten gevaarte van acht meter hoog, half koe half machine. Dit Trojaanse rund heeft 13.000 latjes in plaats van vacht, en buizen en vaten in plaats van ingewanden. Wanneer ik via de kop en de hals van het dier de trap naar de rug neem, waan ik me inderdaad in een fabriek. Dit onvergetelijke kunstwerk is maar een van de vele op de Andreas Schotel-wandelroute van Esbeek.
Het schattige Hilvarenbeek, met de fraaie Sint-Petruskerk, ken ik natuurlijk van de Beekse Bergen en van Best Kept Secret. Ik passeer het vakantiedomein wanneer ik het kanaal volg naar Tilburg. Bij de Trappistenbrug verlaat ik even de route voor de uitkijktoren de Nieuwe Herdgang. Met deze wind is het best spannend om de diagonale driehoek te beklimmen, maar helemaal bovenaan, bij Gandalf op het kleine platform in de punt, heb ik een wijds zicht over de omgeving, van abdij tot televisietoren, met de wolkenkrabbers van Tilburg ertussenin. Late lunch aan de Heuvel, terwijl de parasols op het terras dansen in de wind. Op de Hasseltrotonde tref ik een leegstaand huis aan, dat de term immobiliën geen eer aandoet, want het draait langzaam rond op de drukke rotonde. Daar doet het kunstwerk 20 uur over, en om dat echt te merken zou ik hier binnen enkele uren terug moeten komen.
Daar heb ik geen tijd voor want het is al laat op de namiddag en ik moet nog helemaal terug naar Turnhout. Ik volg het Bels Lijntje en doorkruis een natuurgebied waar Schotse hooglanders baas zijn. De uitgedoofde internationale spoorlijn passeert nog een schijnvliegveld en de legpuzzel Baarle-Nassau en Baarle-Hertog, die innige verstrengeling van grenzen en enclaves. In de Albert Heyn vraag ik in welk land we zijn, dan weet ik of mijn bonuskaart hier geldig is. Ik passeer nog enkele lapjes België, waaronder enclave H17, waar een maf verhaal over een listige veekoopman bij hoort, en bereik uiteindelijk het eigenlijke België. Net voor de grens drink ik een La Trappe in het Spoorhuis, waar het oude spoor werd behouden voor een authentieke sfeer. Beide driekleuren wapperen broederlijk in de wind. Het Bels Lijntje brengt me helemaal naar Turnhout, alwaar ik, na nog een laatste zomerbar, ineens kan overstappen op de echte trein. Eén voordeel aan kwakkelweer. Onderweg naar huis kan ik genieten van een dubbele regenboog.
Fietsknooppunten: 45 - 1 - 4 - 9 - 60 - 1 - 57 - 43 - 54 - 53 - 40 - 45 - 47 - 48 - 1 - 42 - 5 - 6 - 82 - 76 - 78 - 66 - 65 - 64 - 21 - 64 - 61 - 10 - 9 - 34 - 74 - 70 - 12 - 30 - 93 - 92 - 91 - 82 - 87 - 5 - 3 - 2 - 1 - 45