zondag 8 december 2024

Top 100 romans

Voor de periode met eindejaarslijstjes losbarst deel ik graag nog eens een geüpdatete top 100 van romans. Dat is eigenlijk jaren geleden. Ondertussen zijn er heel wat Belgische en Nederlandse romans bij gekomen, zoals de klassieker Turks fruit van Jan Wolkers of het recentere De draaischijf van Tom Lanoye. Ook Zadie Smith en Ian McEwan overspoelen de lijst. De nieuwste van Jonathan Coe moet ik nog lezen, maar die zal ongetwijfeld ook de lijst halen. De hoogste nieuwkomer in al die jaren is The Underground Railroad van Colson Whitehead, een maagstomp van een roman, tevens meesterlijk in een serie gegoten. De recentste boeken komen uit 2022, en dat zijn er ineens een paar. Hopelijk kan ik jullie hiermee een pak nieuwe leestips bezorgen. (verschijnt binnenkort)
 

1.        Jonathan Coe – What a Carve Up! (1994)

2.       Jonathan Coe – The House of Sleep (1997)

3.       Jonathan Safran Foer – Extremely Loud & Incredibly Close (2005)

4.       Jonathan Coe – The Closed Circle (2004)

5.       Jonathan Coe – The Rotters’ Club (2001)

6.       Jonathan Coe – The Rain Before It Falls (2007)

7.       Paul Auster – The Book Of Illusions (2002)

8.      Paul Auster – 4 3 2 1 (2017)

9.       Mary Shelley – Frankenstein, or The Modern Prometheus (1818)

10.   Alexandre Dumas – Le Comte de Monte-Cristo (1844)

11.     Paul Auster – Mr Vertigo (1994)

12.    Irvine Welsh – Porno (2002)

13.    Paul Auster – Leviathan (1992)

14.    Zadie Smith – White Teeth (2000)

15.    Jonathan Safran Foer – Here I Am (2016)

16.    Salman Rushdie – The Satanic Verses (1988)

17.    Colson Whitehead – The Underground Railroad (2016)

18.    Victor Hugo – Les Misérables (1862)

19.    Bram Stoker – Dracula (1897)

20.   Paul Auster – The Music Of Chance (1990)

21.    Jonathan Coe – Middle England (2018)

22.   Irvine Welsh – Trainspotting (1993)

23.   Emile Zola – La Bête humaine (1890)

24.   Jonathan Coe – The Terrible Privacy of Maxwell Sim (2010)

25.   Paul Auster – Invisible (2009)

26.   Michael Ondaatje – The English Patient (1992)

27.   Jonathan Coe – Number 11 (2015)

28.   Paul Auster – Oracle Night (2003)

29.   Jonathan Coe – Expo 58 (2013)

30.   Jonathan Franzen – Freedom (2010)

31.    Chuck Palahniuk – Fight Club (1996)

32.   Annelies Verbeke – Dertig Dagen (2015)

33.   Ian McEwan – Atonement (2001)

34.   Paul Auster – Moon Palace (1989)

35.   James Joyce – Ulysses (1922)

36.   Arundhati Roy – The God of Small Things (1997)

37.   F. Scott Fitzgerald – The Great Gatsby (1925)

38.   Thomas Pynchon – Gravity’s Rainbow (1973)

39.   Zadie Smith – On Beauty (2005)

40.   J.R.R. Tolkien – The Lord Of the Rings (1954, 1955)

41.    Jonathan Franzen – The Corrections (2001)

42.   Ian McEwan – Lessons (2022)

43.   Anneleen Van Offel – Hier Is Alles Veilig (2020)

44.   Ali Smith – Hotel World (2001)

45.   Boudewijn Büch – De Kleine Blonde Dood (1985)

46.   Dave Eggers – The Circle (2013)

47.   Paul Auster – The Brooklyn Follies (2005)

48.   David Foster Wallace – Infinite Jest (1996)

49.   Ian McEwan – Saturday (2005)

50.   Jonathan Littell – Les Bienveillantes (2006)

51.    George Orwell – 1984 (1949)

52.   Dimitri Verhulst – De Laatkomer (2013)

53.   Zita Theunynck – Het Wordt Spectaculair. Beloofd. (2017)

54.   Paul Auster – Man in the Dark (2008)

55.   Jan Wolkers – Turks Fruit (1969)

56.   Paul Auster – Sunset Park (2010)

57.    Zadie Smith – Swing Time (2016)

58.   Lize Spit – Het Smelt (2016)

59.   Thomas Pynchon – Bleeding Edge (2013)

60.   Jonathan Franzen – Crossroads (2022)

61.    Ian McEwan – Enduring Love (1997)

62.   Philip Roth – Indignation (2008)

63.   Arundhati Roy – The Ministry Of Utmost Happiness (2017)

64.   Ian McEwan – Solar (2010)

65.   Joseph Conrad – Heart Of Darkness (1899)

66.   William Golding – Lord Of the Flies (1954)

67.   Jonathan Coe – Bournville (2022)

68.   Irvine Welsh – Glue (2001)

69.   Michael Cunningham – By Nightfall (2010)

70.   Albert Camus – La Peste (1974)

71.    Mario Vargas Llosa – De Oorlog van het Einde van de Wereld (1981)

72.   Ken Kesey – One Flew Over the Cuckoo’s Nest (1962)

73.   Vladimir Nabokov – Lolita (1955)

74.   William Faulkner – The Sound and the Fury (1929)

75.    Ilja Leonard Pfeijffer – La Superba (2013)

76.   E.L. Doctorow – Ragtime (1975)

77.    Anthony Burgess – A Clockwork Orange (1962)

78.   Aravind Adiga – The White Tiger (2008)

79.   Jeroen Olyslaegers – Wil (2016)

80.  Jeroen Olyslaegers – Wildevrouw (2020)

81.    Haruki Murakami – Norwegian Wood (1987)

82.   Dimitri Verhulst – De Helaasheid Der Dingen (2006)

83.   Laurent Binet – HhhH (2009)

84.   J.R.R. Tolkien – The Hobbit, or There and Back Again (1937)

85.   Don DeLillo – Falling Man (2007)

86.   Lize Spit – Ik Ben Er Niet (2020)

87.   Thomas Pynchon – Vineland (1990)

88.   Emile Zola – Thérèse Raquin (1868)

89.   Thomas Pynchon – Inherent Vice (2009)

90.   Haruki Murakami – Kafka On the Shore (2002)

91.    Irvine Welsh – A Decent Ride (2015)

92.   Marieke Lucas Rijneveld – Mijn Lieve Gunsteling (2020)

93.   Ian McEwan – Amsterdam (1998)

94.   Zadie Smith – NW (2012)

95.   Jonathan Coe – The Dwarves of Death (1990)

96.   Jonathan Safran Foer – Everything Is Illuminated (2002)

97.   Philip Roth – The Plot Against America (2004)

98.   Julian Barnes – The Noise Of Time (2016)

99.   Jeroen Brouwers – Bezonken Rood (1981)

100.                       Tom Lanoye – De Draaischijf (2022)

zondag 1 december 2024

Flavours of the month

The last few weeks an almost unbeatable top 3 has manifested itself. Geordie Greep tries to counter the drizzly atmosphere of The Cure and The Horrors with buckets of sunshine. Yet winter has irrevocably arrived. Still, you can only call this top 10 diverse. Post-punk is no longer the main genre. The bar is also set very high. Many great new singles don't even make it to the list. No Mogwai, no DEADLETTER, no Fontaines DC, no The Murder Capital, no The Smile, no Maruja. The Cure have indeed released their first album in over 16 years and Songs Of a Lost World is simply mesmerizing. They released two singles. Sleaford Mods and Hot Chip teamed up for a surprising collaboration. What year is this? Franz Ferdinand, Guided By Voices and The Wombats made the list again for the first time in a very long time. And do check The Orchestra (For Now). Echoes of Black Country, New Road right there.

  1. The Cure - A Fragile Thing
  2. Geordie Greep - Holy, Holy
  3. The Horrors - The Silence That Remains
  4. The Orchestra (For Now) - Wake Robin
  5. Squid - Crispy Skin
  6. clipping. - Run It
  7. Tyler, the Creator - Noid
  8. Die Wilde Jagd & Metropole Orkest - Kabura-Ya
  9. Tunde Adebimpe - Magnetic
  10. The Cure - Alone
  11. Honeyglaze - Pretty Girls
  12. ELLIS·D - Carousel
  13. James Blake - Like the End
  14. Arsenal - Mendeleev
  15. Maribou State - Dance On the World
  16. TUKAN - Roda
  17. Stella Rose - MS.45
  18. Jack White - You Got Me Searching
  19. Dog Race - The Leader
  20. Marathon - Out Of Depth
  21. Franz Ferdinand - Night Or Day
  22. Sleaford Mods & Hot Chip - Nom Nom Nom
  23. AtticOmatic - The Bunker
  24. Fat Dog - Peace Song
  25. The Wombats - Blood On the Hospital Floor
  26. bdrmm - John On the Ceiling
  27. Guided By Voices - Fly Religion
  28. Brakwater - NAPALM
  29. Kendrick Lamar - squabble up
  30. A Place To Bury Strangers - Don't Be Sorry

vrijdag 29 november 2024

Wederom fietstips voor kniekastijders

Hier gaan we weer. Een hele tijd haal ik mijn fiets niet meer van stal. Eind november staat nog een pittige tocht door de Vlaamse Ardennen op het programma. Dag op dag is het trouwens 10 jaar geleden dat Luc De Vos het leven liet. Ik vernam het nieuws op de trein terug van een dagje Oudenaarde. Ik kon het sms'je dat ik kreeg - ik had nog geen smartphone en kreeg geen BREAKING NEWS te lezen - niet geloven. De letters sloegen nergens op. De zanger van Gorki dood?!
Heel toevallig - het komt gewoon zo uit - ben ik vandaag opnieuw in Oudenaarde. Eerst bezoek ik het schitterende 16e-eeuwse stadhuis in Brabantse gotiek, voor de vaste collectie wandtapijten, maar ook voor de tentoonstelling van de machtige Margaretha van Parma, dochter van Karel V. Vanuit de stad van de Ronde van Vlaanderen vertrekt een stevige wielrennersroute. De blauwe. Pas bij de molen zal ik straks op het fietsknooppuntennetwerk volgen. Maar nu volg ik de koude Schelde door de eerste aanzet van een winterlandschap.
Op Berchem - echt waar - volgt de eerste zware beklimming, de muur van de Oude Kwaremont. Die dekselse kasseien. Twee keer moet ik afstappen. Ik ben te zwaar beladen en ik ben geen wielrenner. Ik rust uit in het pittoreske dorp en geniet van het panorama van de Vlaamse Ardennen. Wat is het mooi, dat Paddenkoppenland. Onderweg herinneren foto's van koershelden me eraan dat dit heilige grond is voor wielerfanaten. Aan de beklimming van de Paterberg begin ik niet eens. De kaarsrechte kasseiweg die naar de top voert, doe ik te voet. De Koppenberg is nog veel steiler. Zelfs te voet, met de fiets in de hand, is deze helling van 18% best stevig. Onderweg kom ik nog een knappe muurschildering tegen met de bekendste koppen onder de coureurs. Ook de Taaienberg zou menig paar knieën kastijden. Ik geef het al snel op.
Ik passeer de molen van Etikhove, waar de route weer begint te keren richting Oudenaarde. Heel wat dorpen en gehuchten - en heel veel kasseien - later bereik ik de stad van Adriaan Brouwer bij valavond. Nog heel even baadt het stadhuis in avondlicht. Het krijgt iets magisch wanneer de kerstverlichting aan gaat. Ik zie het licht. De redding is nabij. Daar hoort een Liefmans bij. De brouwerij ligt aan de oever van de Schelde. Mooi bakstenen gebouw, twee enorme roerkuipen, ruime gelagzaal. De zoete kriek balanceer ik met Oud Bruin, veel subtieler, veel lekkerder. Het was vloeken op de kasseien vandaag. Ik voel het in heel mijn lijf. Soms vraagt een mens zich af hoe we het in godsnaam overleven. Maar tevreden dat ik het fietsen en het bier drinken weer heb kunnen combineren. De volgende bierfietstocht zal wel voor in het voorjaar van 2025 zijn. In een nieuw seizoen gaan we alles anders doen. Het wordt anders en misschien ook beter. (Wanneer ik thuiskom, is het laat. In mijn bed doe ik niemand kwaad.)
Op de koude laatste dag van januari 2025 ga ik weer fietsen. Ik mik op een slordige 80 km. Vandaag doe ik Waasland en Rivierenland nog eens aan. In Hoboken stap ik met mijn fiets het veer op en steek de Schelde over naar de polders van Kruibeke. Het veer heet de Pieter Bruegel, naar een schilderij van hem dat de kermis van Hoboken afbeeldt. In de moerassige polders spot ik een ijsvogel en aan de horizon de abdij van Hemiksem. Ik blijf de Schelde volgen en passeer het toppunt van lijfelijkheid in Rupelmonde. Aan de overkant van de rivier schittert Paviljoen De Notelaer in Hingene.
Pitstop in het wat saaie Temse en na een verse muntthee kan ik de kou weer trotseren. In de Durmevallei bereik ik Hamme, geboortedorp van Herman Brusselmans. Met het rustige Moerzeke zit ik aan de helft van de fietstocht. Heel prettig fietsen op de kronkelende dijk naast de Schelde. Een klein veer zet me de rivier over naar Mariekerke, een gehucht in Klein-Brabant. De dorpen volgen elkaar in hoog tempo op terwijl ik mijn sprint terug naar Antwerpen inzet. Standbeelden stellen oude ambachten voor. Een verticaal geplaatst vissersbootje in Branst doet dienst als Mariakapel voor schippers. Met de fraaie bossen van Bornem bereik ik Rivierenland. Het kroonjuweel hier is het pastelgele Kasteel d'Ursel in Hingene. De derde veerdienst van vandaag vaart me veilig de monding van de Rupel over. Vanaf nu is de route me weer heel vertrouwd, met als hoogtepunten nog de Sint-Bernardusabdij in Hemiksem en de parken van Antwerpen.
 
Fietsknooppunten: 4 - 40 - 52 - 43 - 42 - 53 - 49 - 71 - 72 - 8674 - 75 - 76 - 79 - 90 - 49 - 60 - 55 - 69 - 9 - 50 - 76 - 8 - 7 - 26 - 25 - 24 - 40 - 22 - 21 - 20 - 31 - 34 - 30 - 85 - 70 - 84 - 32 - 33 - 43 - 52 - 40
 
Heel anders is de fietstocht die ik al meteen de dag nadien maak. Ik ruil Schelde om voor Maas en Ourthe. Hoewel deze route door het Land van Luik de helft korter is, gaat het om een veel heuvelachtiger parcours. In de Vurige Stede heb ik de afgelopen jaren zoveel inspirerende musea bezocht. Vandaag ga ik voor het grotere plaatje en kies de agglomeratie. Het is ineens ook de eerste bierfietstocht van 2025. Daar klinken we straks op met een Curtius, vernoemd naar de wapenhandelaar Jean de Corte (dus eigenlijk Ian Curtis). Deze tocht zet het industriële erfgoed van Luik in de kijker. Ik start op het eiland met kunstmuseum La Boverie, dat ik enkele maanden geleden bezocht. Inspirerende zaal met 'ontaarde' kunst. Ook opmerkelijk is de Tour Cybernétique uit 1961.
Ik volg de W6, steek de Ourthe, dan het onafgewerkte Ourthe-kanaal en tot slot de Maas over en bereik de voormalige cités, volks en desolaat, altijd met dat industriële karakter. Aan de brug van Seraing volg ik de RAVeL (212, 210 en 31). De helling van Jemeppe-sur-Meuse is best een uitdagende klim. Ik pauzeer in La cafet' des terrils, een taverne die tegen een van de slakkenbergen van de Gossonmijnsite is aangebouwd. Dit is de zoveelste voormalige mijnsite die ik in België bezoek. Charleroi, Genk, Beringen, Bergen, Blegny, Maasmechelen, er staan er al zoveel op de teller. Het zijn unieke getuigen van een hard en grimmig industrieel verleden, grotendeels ingenomen door 'nieuwe natuur'. De rails van een mijnkarretje zijn omgebogen tot de achterpoten van een sprinkhanensculptuur. Het diertje is de mascotte van deze gastvrije en hartelijke buurt in Saint-Nicolas.
Fietspaden kronkelen tussen de voorstadjes door en zo bereik ik Liers. De voormalige spoorlijn toont me heel wat stedelijke natuur. Ik zie zelfs enkele reeën grazen. Luik is groener dan ik dacht. Langzaam daal ik via een verbindingsweg af naar de oever van de Maas, waar ik de RAVeL volg naar hartje Luik, met de haast ontelbare kerken, monumenten, binnenplaatsjes, steegjes, tuinen en terrassen. Ik parkeer onderaan de duizelingwekkende trappen van de Montagne de Bueren. In de taverne van de brouwerij om de hoek geniet ik van een welverdiende Curtius. Vlakbij ga ik in een lange rij staan voor de beste wafel van België. En dan is er peket. Bij valavond cruise ik over de rechteroever van de Maas en steek bij La Boverie weer over naar de linkeroever. De maan en Venus hangen pontificaal boven de Tour Paradis. Het station Luik-Guillemins wacht op me als een kolossale witte kus.
Op een nieuwe fietstocht door de winterse kou is het niet lang wachten. Midden februari bezoek ik de vestingstad Binche, bekend van de Gilles de Binche, die binnen een kleine twee weken weer door de straten zullen dansen en met sinaasappels gooien. Al wordt er dit weekend al druk gerepeteerd. Zowat gans de binnenstad is ondergesneeuwd met confetti. Een modern museum is aan deze geliefde traditie en aan het carnaval in het algemeen gewijd. Drie plezante simulaties laten me het carnaval beleven alsof ik er zelf bij ben. Er loopt ook een expo over de wolkenvrouwen. Ook de collegiale kerk, het belfort en de stadswallen zijn bezienswaardig in dit wat vergeten provinciestadje. Alle 25 torens zijn nog te bewonderen, net als de ruïnes van het Bourgondische kasteel. Overal in de stad kijken grote Gilles-hoofden me schertsend aan. Gilles fever!
Ook deze fietstocht is een tijdreis door het vaderlandse mijnverleden. Zo staan er heel wat industriële monumenten op het programma. Hier in het Zwarte Land, maar ook elders in België, bezocht ik al verscheidene voormalige mijnsites, maar Bois-du-Luc zie ik voor het eerst. Omdat het nog winter is, zijn zowel museum als mijnsite gesloten. Wel kan ik door de gele arbeiderswijk dolen. Een bijzondere plek, zoveel is zeker. In het Zwarte Land domineren de slakkenbergen het landschap en af en toe duikt in de verte de grootste hydraulische scheepslift ter wereld op. Het vervangt de vier historische scheepsliften van het Centrumkanaal, waar in 2025 enkel nog toeristenbootjes varen, maar die vroeger de slagader was van de Waalse steenkoolindustrie. Wat een machtige mastodonten van een rijk industrieel en vooral ook arbeidersverleden. Bij de scheepslift van Strépy-Bracquegnies spot ik ijsvogel, blauwe reiger en grote zaagbek. Na een deugddoende tocht langs het Centrumkanaal rust ik uit bij de Vijvers van Strépy. Daar hoort een streekbiertje bij. Een lekkere Binchoise, uit de brouwerij waar ik straks zal neerstrijken.
Nu volgt er met de heuvels en bossen rond Estinnes eindelijk wat natuur. De route trakteert me op mooie uitzichten over de wijde omgeving. Net voor ik Binche binnen fiets, zie ik achter de velden de Abdij Notre-Dame Bonne-Espérance verschijnen. Uit de binnenstad klinken fanfaremuziek en schoten. Aan de voet van de stadsomwallingen vind ik de brouwerij La Binchoise, waar ze La Redoutable brouwen maar helaas niet verkopen. Dan maar een Bière des Ours, een stevig berenbier met lichte honingsmaak. Dit was de laatste bierfietstocht bij winterse temperaturen. Binnen twee dagen wordt het veel warmer en nog iets later breekt er een periode van treinstakingen aan. Ik hef het glas vooral op de lente binnen handbereik. Op de hinder voor reizigers zit ik niet te wachten. Maar waar zouden we staan zonder de gedreven sociale acties van de 19e en 20e eeuw? De leefomstandigheden in de arbeiderscités waren onmenselijk. Kijk waar we nu staan. En dat kan altijd beter. Dat moét beter.
Feest in de straten. Binnen twee weken zal dat alles in honderdvoud losbarsten. En dat wil ik toch ooit eens echt mee beleven. Vandaag was alvast een voorsmaakje.

Fietsknooppunten: 80 - 77 - 25 - 71 - 33 - 40 - 75 - 34 - 28 - 45 - 11 - 5 - 50 - 47 - 97 - 53 - 21 - 46 - 18 - 29 - 42 - 45 - 80

Met de komst van de lente is er een nieuwe bierfietstocht - wat voor één. In de tweede helft van maart fiets ik van Diksmuide naar zee en terug. De 84 meter hoge IJzertoren is mijn kompas. Je ziet het vredesmonument overal in de velden opduiken, als de Vlaamse variant op Minas Morgul. In Kaaskerke volg ik kort de IJzer en duik dan de West-Vlaamse polders in, 4 meter onder de zeespiegel. Nog voor ik het belfort van Veurne aan de horizon spot, doemen de flatgebouwen van de Westkust al in de verte op. Een bezoek aan het historische stadje Veurne, hoe kort ook, is altijd een plezier. Het gotische belfort, de kerk, de donjontoren en de trapgevelhuizen vormen een prettig en harmonieus geheel. Het gezellige Walburgaparkje eert de artiesten Paul Delvaux en Will Tura. Ook Maud Vanhauwaert komt uit Veurne, en daarmee is het stadje wat beeld, klank en woord betreft dus goed vertegenwoordigd!
In het Bakkerijmuseum leer ik bij over deze eeuwenoude ambacht en bewonder speculaasplank- en broodzakkunst. In de velden van Adinkerke, waar de torens van Veurne en die van Plopsaland het zicht domineren, spot ik een roodborsttapuit, al jaren niet meer gezien. Heel deze streek is trouwens een mekka voor vogelliefhebbers. Met De Panne bereik ik de Belgische kust. Picknick bij De Drie Wijsneuzen. Jeej, fietsen door de duinen van Koksijde. Ezeltjes die chillen bovenop een hoge duin. Het tafereel lijkt op een badass-albumhoes van Motörhead of zo. Ik kom uit op de grote baan waar de kusttram rijdt, vlakbij de betonnen 'restaurantboten' Normandie en Peniche in Oostduinkerke.
Visserijmuseum NAVIGO staat in het teken van de typische paardenvissers van Oostduinkerke - er loopt een foto-expo van Stephan Vanfleteren. Verder is er een nagebouwd vissershuisje, de reconstructie van een vissersboot, een aquarium met roggen, haaitjes en kabeljauwen, een VR-experience, de collectie van de laatste strandjutter (niet te geloven wat je zoal op het strand vindt), en een kunstgalerij met Ensor, Spilliaert, Rops... Er hangt zelfs het skelet van een potvis. De omweg helemaal waard! Terug naar de zeedijk en op naar Nieuwpoort en haar fiere vissershaven, waar de IJzer in de Noordzee uitmondt en waar je op de pier, ergens tussen eb en vloed, naar Nina Beiers sculptuur Men kan gaan kijken. Machtig kunstwerk dat vier heel verschillende ruiters voorstelt.
Ik volg de IJzer landinwaarts, dan de frontlinie van de Eerste Wereldoorlog, bezaaid met bunkerruïnes, dan opnieuw de IJzer. In Ramskapelle herdenkt een sober monument het Kerstbestand. Opmerkelijk is de Onze-Lieve-Vrouw der Zegekerk van Oud-Stuivekenskerke, waarvan de torenruïne dienst deed als uitkijkpost van het Belgische leger. De Dodengang is het belangrijkste overblijfsel van de loopgraven in ons land. Kippenvel. Telkens opnieuw. Ik spoel het oorlogsleed door met een roodbruin Oerbier, bij de Dolle Brouwers in Esen, een fantastische brouwerij die fietsers graag ziet komen. Nat en straf is hun bier al sinds 1980. Heel joviale ontvangst. De kelder herbergt nog Oerbiertjes uit elk jaar waarin ze zijn verschenen, en dat al 45 jaar lang, met hoe verder terug in de tijd hoe minder leesbare etiketten. Ik denk dat Oerbier mijn nieuwe favoriet is. Met de drie omwegen erbij haalt deze fietstocht van 60 km al eerder de 70 km. Het is in elk geval een onvergetelijk tochtje door de Westhoek. De monumenten van Diksmuide tekenen zich af tegen een fabelachtige zonsondergang wanneer ik weer richting het station fiets. Dag Manneke uit de Mane!

 
Fietsknooppunten: 74 - 48 - 52 - 3 - 53 - 40 - 70 - 93 - 33 - 32 - 16 - 15 - 72 - 14 - 4 - 83 - 9 - 84 - 1 - 50 - 76 - 74 - 65 - 62 - 58 - 88 - 96 - 64 - 82 - 67 - 8 - 7 - 57 - 89 - 35 - 38 - 39 - 5 - 85 - 88 - 82 - 74 - 1
 
Een week later maak ik een veel kortere fietstocht (aanrader: 11 - 84 - 25 - 83 - 5 - 80 - 33 - 11) in de heuvels buiten Leuven, met als hoogtepunten de Abdij van Vlierbeek en de wijngaarden van Linden. Nog een week later is het weer tijd voor het echte werk. Het is april maar het lijkt zomer. Ik trek diep de Ardennen in voor een fietstocht door de Belgisch-Luxemburgse bossen van het Parc Natural des Deux Ourthes. Ik start in Gouvy, grensdorp aan de Belgische kant. Bij een van de vele afdalingen snelt een eekhoorn vlak voor mij de weg over. Ik passeer een grenspaal uit 1843 en fiets ons kleinste buurland binnen. Mijn tweede bezoek aan Hautbellain is kort en al gauw fiets ik het Belgische Limerlé binnen. Het is nog maar 10 uur en het begint al best warm te worden. Ideaal fietsweer. Ik volg een voormalige spoorlijn door een stralend heuvellandschap. Twee jaar geleden ondernam ik samen met Yanni per fiets een excursie naar een plek die niet meer bestaat. De gekke plek van vandaag overtreft dit in die zin dat ze nooit heeft bestaan. In Bernistap liet Willem I de aanzet van een kanaal uitgraven, een megalomaan project waarvan de werken pril stilvielen bij de Belgische onafhankelijkheid. Het korte stukje kanaal loopt dood in een modderige plas.
Een duizelingwekkende afdaling (hier volg ik even de knooppunten niet) eindigt abrupt bij een Duitse tank uit de Tweede Wereldoorlog in het centrum van Houffalize, een pittoresk stadje, op en top Ardens, maar met een duistere geschiedenis. Voor een wijds panorama beklim ik een uitkijktoren bovenop een rots, samen met horden Vlaamse en Nederlandse toeristen. Moderne sculpturen herinneren aan de gruwel van de oorlog. Houffalize werd in 1945 met de grond gelijk gemaakt en een groot deel van de bevolking, waaronder heel wat kinderen, werd vermoord. Op de plek waar de slachtoffers werden begraven, kunnen kinderen nu leren over oorlog en geweld... over het leven dus. Ik spoel gedachten aan Oekraïense en Palestijnse kinderen, slachtoffers van 21e-eeuwse nazi's, door met een Chouffette. Voor de kleine dorst en de vroege middag.
Ik kronkel met de Ourthe mee de grillige rotsen en vervolgens hoog de heuvels in. Ik ben er alleen met de leeuweriken en de wouwen. Ik rust uit in de kleine oase bij knooppunt 43, vlakbij het gehucht Wandebourcy. Een rode wouw cirkelt dreigend rond de uivormige kerktoren van het groothertogelijke Hachiville of Helzen. De voormalige spoorlijn helpt me het natuurpark door, helemaal terug naar Gouvy. Het was een prachtige fietstocht door een van de mooiste streken van het land, de Ardennen. De Ourthe en de grens waren nooit ver weg. Met meer dan 60 km aan heuvels in de kuiten keer ik tevreden naar huis.
 
Fietsknooppunten: 63 - 65 - 27 - 29 - 31 - 32 - 42 - 43 - 41 - 40 - 41 - 44 - 43 - 42 - 32 - 31 - 26 - 66 - 63

vrijdag 22 november 2024

Ballonnenvrees 21 november 2024

Onze 125e editie was ook meteen de voorlaatste van 2024. Deze vond plaats op een koude novemberavond in het knusse Café Het Maanlicht in Mechelen. Tineke Lambreghts, voormalig dorpsdichter van Kasterlee opende met 'Virtueel wereldgedicht', een heerlijk taalspel. Volgden nog 'Baron Florganist' en twee keer een NovemberVers. Haar 'Veel te vroeg' stond bol van de verwijzingen naar kinderliedjes. Van Kimme Tigra, helemaal uit Kortrijk, kregen we uit haar bundel Prozac & Gezelschapsdieren uiterst grappige compacte verhalen over Ximons sekstoerisme naar Hamburg, kettingrooksters op de bus, de goudvis Biefstuk, de hond Hitler, en dan ook nog de hond met de gaydar, baarmoedermodellen en de klassieker over het naturistenkamp. En zo annexeerde Kimme het ganse café als fanclub. Hilarischer wordt literatuur niet.
Voor het eerst hadden we Louis Vanoosthuyze ofwel Ooverdoosis te gast. Deze Kortrijkzaan is onlangs naar Gent verhuisd, waar hij nog meer kansen heeft om zijn veelvoudig roeping als dichter, rapper, podcastmaker, comedian en presentator te volgen. En zo zaten we plots met Louis, zijn ADHD en zijn hersenkronkels op de trein. We kregen enkele ritmische gedichten, een NovemberVers, met een vleugje filosofie en veel culturele verwijzingen erbij. Er was de tekst over technologie met een woud aan hashtags. Tot slot rapte hij een ode over en voor Otto Jan Ham over een beat. Deze meesterlijke ode moet je zeker eens gehoord. We kregen dus een zeer gevarieerde en entertainende set. Voor de pauze kwamen twee open mic'ers aan bod. Marzena Lesińska nam ons mee in drie vervoersmiddelen: de Orient-Express, de lifter op roadtrip, en de slee van de Kerstman. Gert Vanlerberghe nam van de gelegenheid gebruik om zelf een paar NovemberVerzen voor te lezen, van een woeste veroordeling van de genocide tot een appreciatie voor het werk van Paul Delvaux.
Na de pauze was het de beurt aan Lynn Van Hoof en haar pakkende gedicht 'Omgeploegd', over de Grote Oorlog in Diksmuide. Haar poëzie bevatte sporen van aanklachten tegen oorlog, tegen het vooruitsnellen, en tegen de Pro-Lifebeweging, maar we kregen ook het ludiekere 'Opel Cadet' en 'Wereldreis'. In 'Winteruur' werd het hot, hotter, hottest. Dan nog twee andere open mic'ers, te beginnen met Willem Meel, die onlangs een bundel uitbracht met gedichten die hij in zijn jeugd had geschreven. We kregen 'Alleenzaamheid', 'Studentenherinnering', 'Bij', 'Zonderloos', 'Reünie' en 'Mugje'. Karl Van Dyck, die kortverhalen schrijft over de oorlogsgebieden die hij heeft bezocht, las 'Naar Belfast en Lviv' voor, een tekst waar Het Maanlicht muisstil van werd.
Als afsluiter was er Ronny Dijksterhuis, net als Lynn en Tineke lid van Collectief Dichterbij. We kregen 'Rugkeer' en het verschroeiende 'Bijvangst', waarbij de bommen bleven vallen. Zijn aanklacht op de genocide in Palestina komt elke keer opnieuw binnen. En als NovemberVers '30 dagen imperfectie' is, dan is dat bij Ronny nog steeds goud. Zo las hij 'Collisie' voor en ook een tweeluik. Zijn sludgemetalrecensiegedicht wordt stilaan een podiumklassieker. 'Ballonnenvrees' droeg hij op aan het podium zelf, al gaat het ook over een hond met ballonnenvrees. En hij had nog een verrassing bij, voor het publiek en voor zichzelf. Hij eindigde met 'Skeptisch verwaand', een gedicht van zijn voormalige stiefzoon Theijmen Van Bronkhorst. Deze dichter was ook speciaal vanuit Nederland naar Mechelen komen afzakken, niet om zijn eigen gedicht te brengen maar om het Ronny te horen voordragen. Puik gedicht en mooie afsluiter voor een onvergetelijke avond Ballonnenvrees. We zien jullie heel graag terug op 19 december voor de laatste editie van het jaar, opnieuw in Het Maanlicht!

zondag 17 november 2024

Ballonnenvrees 16 november 2024

Voor een laatste keer dit jaar was er Ballonnenvrees in Café Boekowski, met alweer een mooie line-up en een hele resem open mic'ers. Eerder deze week was er De Sprekende Ezels, waar Gert Vanlerberghe het gedicht 'Balken is zilver' schreef, over het verloop van de avond. Tijd om dit NovemberVers eens op hetzelfde podium te brengen. De van oorsprong Bossche dichter Friso Woudstra werkte met 'Tegenstellingen' en las de gedichten 'Slechter' en 'Beter', en 'Jonger' en 'Ouder' voor. Ook spitsvondig is zijn cyclus 'Poëzie voor de middenstand', van witte bestelbussen tot facturen. Omdat hij hoofdpijn had, vroeg hij het publiek om alsjeblieft niet te luid te applaudisseren. Van Marleen Cross kregen we zowel urgente als ludieke gedichten. Gaza en Afghanistan kwamen aan bod, vanuit het standpunt van een kind dat aan moeder vraagt waarom ze stil moeten zijn, en ook de hypocrisie van het Westen over de genocide op Gaza mocht niet ontbreken. Verder hekelde ze het zogenaamd agressieve puntje op het eind van een zin en het belachelijke concept van het verbieden van boeken. Ook haar laatste tekst, over transactivisme, kwam binnen.
We gingen verder met twee open mic'ers. Marzena Lesińska deelde met ons de ontreddering van de verkiezingsuitslag in de V.S. Amerika heeft gekozen en dat hebben we geweten. Ze nam ons mee naar een herfstig Central Park en een zonnig en zwoel Tarifa. Met Maike Bretschneider gingen we naar Oostende, getuige het gedicht over de Mercator. Ze las het NovemberVers 'Herfstlicht' en ook 'Nagenieten', over haar favoriete Nederlandse woord. Tot slot was er een gedicht over niets. Tove Verstrepen stak van wal met een woeste tekst met klinkende metaforen, met flarden en scherven van herkenbare beelden, filosofische oneliners en waarheden. En zo bestormde hij zelfs ons onderbewustzijn. Schoppen en strelen, dat deed hij. Tove bedreef wiskunde met de doden, braakte zijn ziel uit op het podium, en in zijn slottekst '1030' injecteerde hij zijn wervelende woorden met wat wetenschap.
Opnieuw namen we er twee open mic'ers tussen. Dette van Zeeland las haar 'Portret van een virus' en van Ken Post kregen we een speelse dialoog in de stijl van The Three Stooges, al verbaasde hij zich erover dat we de verwijzingen niet kenden. In zijn gebruikelijke, haast muzikale spoken word bracht hij een politieke tekst over dieven, en sloot af met een gedicht dat hij voorlas met de stem van William S. Burroughs. Ook deze zat boordevol verwijzingen. Zo wijdde hij uit over de overeenkomsten tussen Superman en Elon Musk. Lennart Vanstaen las het knappe 'Titaantjeswerk' voor. We onthouden: "wij verheffen achterkamertjespolitiek tot kunst'. In het ontroerende 'Ik wil een kind zijn' zaten subtiele verwijzingen naar Gaza en Oekraïne, en het speelse 'Wegwijzer' is nu al een klassieker. Tot slot las Lennart nog twee liefdesgedichten voor.
Voor de tweede keer op Ballonnenvrees dit jaar, eerder zag je ze al in het Cultuurcafé van Hoboken, verscheen het duo Persephoné op het podium. In deze samenwerking tussen Stefanie De Wolf en Marc Gaij namen Persephoné, dier van de nacht, orakel in bijberoep en de eerste bipolaire godin, en de dramatische Hades ons mee naar de onderwereld, tot de hitte ondraaglijk werd en de zwavel in onze neusgaten kroop. We kregen vertederende slechtheid (endearing evil) in een totaalpakket van woord, theater en muziek. Het leek wel 'Het Vagevuur, The Musical'. Bij zijn intrede bracht de gemaskerde Hades al een hond in het café aan het blaffen. Deze Kerberos moest door zijn baasje worden verwijderd. Honden en gemaskerde mensen... Maar het leek bijna part of the show. Eens op het podium vroeg Hades wie van ons het lekkerste bloed had en een vrijwilligster bood zich meteen aan. Piano en een dreigende doodshoofdenviool legden ons het vuur aan de schenen. En nu weten we ook weer dat Kerberos dol is op honingtaart. Grandioos. Hilarisch. Entertainment ten top. Luchtig maar gelaagd, dat ook.
Gert Vanlerberghe en Stefanie De Wolf kwamen na de pauze terug voor een muzikale versie van zijn tekst 'Niemand knelt me beter dan jij', met Stefanie De Wolf op piano. Hierop volgde Tim Albus, die zijn creatieve dood stierf op het podium van Café Boekowski. Want vanaf heden zal hij optreden als Timsanity. Hij hanteerde een al te gretige kappersschaar en beschreef een frituuroverval: Je frikandel of je leven! Tim sloot af met een speelse tekst over een parapluutje met wel heel onverwachte eigenschappen. Karl van Gent had enkele beklijvende korte gedichten voor ons bij. Van de Friese Mees kregen we een Belgische primeur. Zijn spoken word was scherpzinnig, geestig en vooral indrukwekkend. Gust Peeters had het vertederende 'Moeder' voor ons bij. Stefanie De Wolf is ook The Art Of Insanity en met Marc op de piano bracht ze een verzengende cover van Jacques Brel. En daarmee was de kous af.
De komende drie edities zijn in Mechelen, te beginnen met nu donderdag 21 november in Het Maanlicht. We verwelkomen jullie daar maar ook op 25 januari in Café Boekowski. Welkom!