vrijdag 1 oktober 2021

Albanië, 16 september - 1 oktober 2021, deel 1

Albanië
16 september - 1 oktober 2021
 
Deel 1: Bunkers en burchten

Op 15 maart 2020 kwam er vroegtijdig een eind aan mijn reis doorheen de zuidelijke Balkan. Ohrid en Albanië bezoeken lukte niet meer. Daar stak een virus een stokje voor. Anderhalf jaar later stijgen de cijfers opnieuw, ook in Albanië. Vroeg in de ochtend nemen Teutë en ik het vliegtuig naar dit intrigerende en vrij ongerepte land, in de hoop er de volle twee weken zonder veel zorgen te kunnen vertoeven. De avondklok (23u!) nemen we er dan maar bij. Vier dagen Italië hadden mijn honger naar zon, zee en bergen eerder deze zomer al aangescherpt. Albanië heeft van alle drie meer dan genoeg.

Bestemming Tirana, de Albanese hoofdstad, ons baken van beschaving die we verschillende keren als uitvalsbasis zullen gebruiken, om het Illyrische land in alle windrichtingen te verkennen. Deze stad in aanbouw schikt zich rond het Skanderbergplein. In Prishtina viel ook al op hoe geliefd deze verzetsheld tegen de Ottomaanse bezetter is bij de Albanese bevolking. Sommige Albanezen dragen letterlijk tattoeages van zijn stoere tronie. Veel van mijn citytrips beginnen bij een ruitersstandbeeld, altijd een man, vaak de vader van de natie. Het reusachtige plein oogt modern maar ook heel groen. Heel trots is men op de fraaie 18e-eeuwse moskee met klokkentoren, het symbool van de stad. Tirana kreunt onder de bouwwoede, maar de splinternieuwe 4Evergreen-toren, van Italiaanse makelij, is meer dan geslaagd, en ondertussen dé blikvanger van dit nogal eclectische maar bijzonder geslaagde plein. We zijn al goed begonnen.

De gevreesde dictator Enver Hoxha was zo paranoïde dat hij in gans het land 175000 overkoepelde betonnen bunkers liet bouwen, want - zo was zijn grote vrees - de grootmachten konden elk moment binnenvallen. Bunk'Art 2 is nu omgevormd tot een interactief museum dat vertelt over de fascistische en communistische periodes, de hongersnood, de spionage, de folteringen, het schrikbewind van de veiligheidsdienst Sigurimi. Om heel triest van te worden. Op de oever van de Lana wordt Hoxha's afschuwelijke piramide gerenoveerd. In de hippe buurt Blloku vinden we zijn woonhuis terug. We zoeken verkoeling in de cocktails van de Radio Bar, een café met origineel interieur dat een van onze favorieten zal worden.


In de best lelijke moderne kathedraal horen we een gids zijn groep van dertig toeristen uitleg geven... in het West-Vlaams. Er vlak naast zit nog zo'n mastodont van een gebedshuis. De Namazga-moskee telt maar liefst vier minaretten en is de grootste van de Balkan. En dan is er nog de tombe van Pasja Kapplan Toptani, waar de moderne architectuur van de TID-toren op meesterlijke manier mee in dialoog gaat. Oud en nieuw gaan hand in hand in deze intrigerende stad, deze aangename metropool met talrijke parken, waar we op deze snikhete dag af en toe gretig toevlucht zoeken. En 's avonds zijn er de cafés, zoals die jazzbar vlakbij ons hotel, helemaal in het teken van Hemingway. Quel hommage! De raki brandt en we zijn al zo ongeveer veertig uur wakker.
We maken er ineens twee dagen Tirana van. Terwijl Teutë het rustigaan doet, ga ik na een lange nachtrust de stad in. Koffie en burek. In het Nationaal Historisch Museum wandel ik langs eeuwenoude getuigen van de Albanese geschiedenis: Illyrische kunst, Griekse vazen, Romeinse sculpturen en mozaïeken, Byzantijnse iconen, hellebaarden uit de tijd van Skanderberg, pistolen uit de Balkanoorlogen. Het communistische paviljoen is hartverscheurend, met ettelijke horrorverhalen van de slachtoffers van Hoxha's terreurbewind. Echter... "Niets kan de hemel doen rotten", zo schreef de Albanese dichter Visar Zhiti, tijdens zijn verblijf van tien jaar in een strafkamp. Langs weerszijden van de noordelijke boulevard bevind ik me in een erg armoedige wijk, vol bouwvallige barakken. Een locomotief herinnert voorbijgangers eraan dat hier vroeger het treinstation zat.
Ik ontmoet Teutë op het Skanderbergplein en samen trekken we naar het  grote park in het zuiden. Aan het kunstmatige meer spotten we een ijsvogel. We bezoeken het House of Leaves, het voormalige hoofdkwartier van de Sigurimi, waar we leren over de afluisterpraktijken en folteringen onder Hoxha. In de lugubere smalle gangen wordt de communistische gruwel haast tastbaar. Toch even bekomen in cocktailbar Nouvelle Vague. Hier in Blloku slaan we ineens ons kamp op voor de rest van de namiddag en avond. Genoeg uitstekende cafés en restaurants voor ons voorlopig laatste avondje in Tirana.
We verlaten de hoofdstad via havenstad Durrës, ongezellige bouwwerf aan de Adriatische Zee. Vervolgens rijdt de bus zuidwaarts, weer het binnenland in. Daar wacht Berat, de 'witte stad'. De citadel valt meteen op, bovenop een overhangende rots over de rivier Osum, die we nog van heel dichtbij zullen leren kennen. Op beide oevers vind je schilderachtige wijkjes. Van op het terras in ons hotel in Gorica hebben we een mooi uitzicht over de witte stad en de berg Tomorr. We steken de brug over naar Mangalem en bekijken enkele Ottomaanse huizen en versierde moskeeën aan de voet van de citadelrots. Een stenen steegje meandert de met wijngaarden bevruchte helling op. De klim naar een oud orthodox kerkje is moordend bij deze hitte. Het is een kleine bedevaart, ook voor de twee Griekse priesters, die kort in het kerkje komen bidden. De conciërge giet een fles water over me uit, een welkome verfrissing.
Nog een tandje bijsteken voor de klim naar het kala, de ommuurde stad, de citadel. Op de zuidelijke toren staat nog in het groot 'ENVER' geschreven. Het panorama wordt steeds spectaculairder. Het 12e-eeuwse complex oogt haast als een openluchtmuseum, met als blikvangers de stadspoorten, kasteelruïne, middeleeuwse kerkjes en een wapendepot. Straathonden zoeken verkoeling in de schaduw van de stenen huisjes. Een bord traditioneel eten zou er nu wel in gaan. Genoeg authentieke barretjes in de eeuwenoude straatjes van deze historische site.
Die Tiranese pils op een van de vele terrasjes van de Bulevardi Republika in Mangalem, hebben we wel verdiend. Honderden musjes tsjilpen alsof hun leven ervan afhangt, de kakafonie is haast niet te verdragen. Na avondval nemen de beats het over. Hier moet je zijn op zaterdagavond in Berat. En nog een laatste tip: restaurant Lili biedt een eenvoudige, traditionele keuken aan. Lili, heer des huizes, is een spring-in-'t-veld met de energie van Peter Holvoet maal tien. Zijn onafscheidelijke sidekicks zijn een zwarte kat en een witte hond. Lili onthoudt de namen van elke reservatie en kent altijd wel een paar woorden van je taal. Toen ik naar het toilet ging, lag Bianco de hond in de badkuip. Ongelooflijke plek. We stappen er met volle maag en dronken kop naar buiten, net voorbij de avondklok. Niet dat die in Albanië al te serieus wordt genomen.
We blijven langer in Berat dan gepland. Zondag gaan we op excursie naar de Osumvallei. Het busje passeert de heilige berg Tomorr en zigzagt doorheen het Berati-landschap, bekend omwille van de huisgemaakte olijfolie en raki. De gids vertelt dat iedereen in Berat wel iemand kent... In het saaie bergstadje Poliçan lieten de communisten een wapenfabriek bouwen. Deze is niet meer in gebruik, maar in Afrika worden nog steeds conflicten uitgevochten met Albanese AK-47's... We rijden verder langs het vrij monotone landschap, de Osum meandert mee in de diepte. Bij Corovodë, gelegen aan een verbluffende canyon, bezoeken we een tekke van de bektashi-orde, beginpunt van een belangrijke pelgrimstocht voor soeffisten, een tak van de islam.
Onder het onverschillige oog van een geitenkudde, bewaakt door drie herdershonden, nemen we een duik in het koude water. Zwemmen in een onwaarschijnlijk mooi decor. Het water in de afgelegen waterval die we na de lunch bezoeken, is nog kouder. Het is een klein beetje sterven. Daarna zitten we met z'n zeven op een rots te zwijgen. We laten het geklater van de waterval onze oren vullen. Een kwartier lang is het alles wat er is. Op de terugweg naar het busje kruisen we het pad van een landschildpad. We zijn terug in Berat bij valavond, net op tijd voor het mussenconcert. In een romantisch restaurant dat uitkijkt over een sfeervol verlicht Mangalem komt een kattenfamilie aan onze tafel bedelen. Het zal de rode draad worden doorheen onze Albanese diners. Een tjiktjak heeft zich in onze hotelkamer verschanst.
Ochtendgebed. Wekker. Veel te vroeg. Ontbijtpakket. De eerste zonnestralen op de citadel. Mussen in rep en roer. En het is een lange busrit - samengepakt, geen mondmaskers, onverharde wegen - naar onze volgende bestemming in Zuid-Albanië. Gjirokastër is alweer een historische stad bovenop een steile rots. Vele malen viel de stad van steen in Griekse handen, met een Ottomaans intermezzo van vijf eeuwen, en ook vandaag wonen er nog heel wat Griekse gezinnen. Gjirokastër betekent 'Zilveren Kasteel', maar kreeg ook de bijnaam 'grijze stad'. Het is de geboorteplaats van Enver Hoxha en Ismail Kadare. We volgen de vallei van de Drino, omgeven door fotogenieke bergen, en arriveren in een lelijke benedenstad. Het historisch centrum bereiken we na een zware klim met al onze bagage op de rug, en we worden er meteen verliefd op; met name op de kleurrijke straatjes van de bazaar, die allemaal samenkomen op een kruispunt dat de nek van de bazaar wordt genoemd. Heerlijk om met een koffie in een bar te gaan zitten en de bedrijvigheid bij de winkels en werkplekken te observeren.
Bij de 'witte obelisk' is het uitzicht op de kasteelheuvel, de grijze stad en de omliggende bergen magnifiek. Voor een rondwandeling door het centrum kun je maar beter je kuiten insmeren. Moeilijk begaanbare steegjes voeren van het ene imposante Ottomaanse huis naar het andere. Gjirokastër lijkt in niets op de meeste steden die ik ken... en dat maakt het stadje net zo intrigerend. De echte klim is die naar het kasteel. Ali Pasja nam het in de 19e eeuw onder handen en veranderde het drastisch, onder meer door toevoeging van de iconische klokkentoren. Het Zilveren Kasteel was een van de meest beruchte gevangenissen van de communistische dictatuur. Naast een uitgebreide verzameling zwaar geschut herinnert ook een partizanenbeeld aan de vreselijke strijd tegen het Italiaanse fascisme, een heldendaad die een nieuw monster creëerde, genaamd Enver Hoxha. Je kan blijven dwalen door de kasteelruïne en door de geschiedenis.
Op m'n eentje trek ik hoger de wijk Danuvat in, tot zelfs het kasteel, ver beneden, in m'n broekzak zou passen. Tekkes, moskeeën, bunkers, een geitenkudde, en vooral veel vuilnis her en der verspreid in de kronkelsteegjes. Hier komt de vuilniswagen niet, het is te steil. Ik kom uit bij de achterkant van het kala, en een tunnel brengt me weer naar de bazaar. Torenvalken glijden en raven zeilen hoog boven het Zilveren Kasteel terwijl de zon achter de bergen kruipt.
Alweer onderweg. Over bergen met prettig kleurenpalet. Geitenhoeders, orthodoxe kerkjes, velden vol valken. Verder zuidwaarts naar Sarandë, berg- én kuststadje aan de Ionische Zee. We zitten hier aan de Albanese Riviera. Bezienswaardig is de ruïne van een 5e-eeuwse synagoge. We worden op een volgepakte lijnbus gepropt, een afdanker van het Duitse openbaar vervoer, die ons via de kust en het Meer van Butrint naar Ksamil brengt. Voor het gezellige strand liggen enkele kleine eilanden en amper 2 km verderop het Griekse eiland Korfoe. We zouden de eerste dag van de herfst niet zomerser kunnen inzetten. Strooien parasol, ligstoel, smoothie. Zwemmen in de azuurblauwe zee.
We huren een bootje met pedalen in de vorm van een autootje en varen naar de drie eilandjes van Ksamil. Vreemd genoeg huppelen er enkele konijnen rond tussen de lege bierflesjes. Misschien waren hun Griekse of Albanese baasjes hen beu. De strandjes en bars zijn halfvol, er heerst een gezellige maar geen grote drukte. Ksamil is nog niet verpest door het massatoerisme of malafide vastgoedmagnaten. Teutë merkt op dat er toch gevoelig meer toeristen hun weg naar Zuid-Albanië hebben gevonden dan pakweg vijf jaar geleden, zelfs nu midden in een pandemie. Blur en New Order bonken door de boxen van de cocktailbar en wij weten weer wat vakantie is.
Voor we het zuiden verlaten, bezoeken we de volgende ochtend de archeologische site van Butrint, middenin een groot meer in het uiterste zuiden van Albanië. Hier stichtte Julius Caesar een kolonie, en eeuwen later werd het overgenomen door de Venetianen. Uit deze periode dateren de kastelen en wachttorens. Van de Romeinse periode getuigen nog een forum, een theater, enkele heiligdommen, stadspoorten, villa's... Er zijn ook Byzantijnse ruïnes te bezichtigen, zoals die van een vroegchristelijke basiliek. Het geheel ligt in een vredig natuurgebied, een ideale omgeving om tot rust te komen. In een Venetiaans kasteel, dat uitkijkt over de Vrinavlakte, vinden we enkele beelden van Romeinse keizers en andere voorwerpen uit die tijd. We houden van deze idyllische oase die onderaan Albanië bungelt. Het is tijd om het prachtige zuiden de rug toe te keren en, met honderden kilometers voor de boeg, koers te zetten naar de hoofdstad. Het noorden en het oosten zijn aan de beurt.

dinsdag 14 september 2021

Flavours of the month

This month we celebrate the comeback of the best Norwegian band ever. Madrugada's latest single will send shivers down your spine. Radiohead is dusting off some old songs and they found 'If You Say the World' in their Kid A/Amnesiac box. Tropical Fuck Storm, black midi, My Morning Jacket and Billie Eilish are especially popular in this month's list, with two amazing singles each. From (very) commercial to obscure, from heavy metal and postrock to neo soul and trap, enjoy September's flavours of the month!

  1. Madrugada - Nobody Loves You Like I Do
  2. Tropical Fuck Storm - Bumma Sanger
  3. Mrley - My Side Of London
  4. Radiohead - If You Say the Word
  5. black midi - Cruising
  6. Altin Gün - Kisasa Kisas
  7. Billie Eilish - Happier Than Ever
  8. Gorillaz feat. AJ Tracey - Jimmy Jimmy
  9. Jungle - Talk About It
  10. Parquet Courts - Walking At a Downtown Pace
  11. KOALA feat. Notizz, Jana Nys, Jonas Cozone - Starlord
  12. Biffy Clyro - Unknown Male 01
  13. My Morning Jacket - Regularly Scheduled Programming
  14. Mono - Innocence
  15. Straytones - Night Bird
  16. Geese - Low Era
  17. Kyoto Kyoto - Dart Oporto 56
  18. VLURE - Show Me How To Live Again
  19. Billie Eilish - NDA
  20. Feeder - Torpedo
  21. Grandmas House - Golden
  22. Lil Nas X feat. Jack Harlow - Industry Baby
  23. The World Is a Beautiful Place & I Am No Longer Afraid To Die - Invading the World Of the Guilty As a Spirit Of Vengeance
  24. My Morning Jacket - Love Love Love
  25. Chartreuse - Things Are Changing Too Quickly
  26. Jorja Smith X GuiltyBeatz - All Of This
  27. Iron Maiden - Stratego
  28. black midi - Slow
  29. Tropical Fuck Storm - New Romeo Agent
  30. Kills Birds - Rabbit

woensdag 8 september 2021

Veronica draagt haar mondmasker (zoals het moet)

Veronica is voorzichtig.
 
Veronica draagt haar mondmasker (zoals het moet).
 
Ook in de auto draagt ze flink haar mondmasker.
 
In de auto, achter het stuur, draagt ze niet haar skimasker, maar haar mondmasker. Er is geen passagier. Ze zit alleen. Neuriet mee met Prince op de radio. Geneurie dat door de belemmering van het masker meer dan ooit als geneurie klinkt.
 
Veronica past op. Ze draagt haar masker - niet ski- maar mond- - in de auto. Er rijdt niemand mee. Ze zit alleen. Neuriet mee. Laat haar spijsvertering op volle toeren draaien. Net als haar motor. Al staat ze stil.
 
Haar masker draagt ze in de wagen, die stilstaat maar stationair draait. Ze wacht, net gegeten. Steak. Bien cuit. Een mango als dessert. Dat is gezond. Het is juni en Veronica wacht voorzichtig op haar man.
 
De auto draait stationair op de oprit van de beenhouwer. Het is juni. Haar man nog binnen. Ze proeft de mango nog na, in haar mondmasker. Ze leeft voorzichtig. Niet noodzakelijk een fan maar neuriet mee met 'Purple Rain'. Weer zin in vlees. Verse lading straks. Vers vlees voor haar gezin van zes en haar vier katten. En elke week een nieuwe blouse of jeansbroek. En elk jaar een nieuwe smartphone.
 
Van achter haar eenenveertigste plastic mondmasker sinds de eerste golf neuriet ze mee. En ook al zit ze gans alleen. Ze leeft mee. Met mens en met planeet. En dus volgt ze gedwee. Ze leeft mee en draagt haar mondmasker (zoals het moet) voor twee. Ze at een mango en het is al juni.
 
De motor draait, de wachtrij lang, haar darmen malen, ze is bang. Ze draagt haar steentje bij voor de samenleving en dus draagt ze een mondmasker, in een auto, geparkeerd maar operationeel. Vertrekkensklaar.
 
Straks weer vers vlees. Een mango smaakt in juni. 'Purple Rain' en gans alleen. Dit is haar steentje voor de planeet. Het virus heeft geen schijn van kans als iedereen haar voorbeeld volgt. Zei er iemand antropoceen? Niemand zei antropoceen. De motor draait. De steak verteert. De mango schreeuwt nog: het is juni. En monden veel. Maskers nog meer. Nieuwe collectie keer op keer. En vliegtuig auto zuivel vlees en baby's consumeermeerméér. Ze is niet alleen. De olifant op de achterbank reist mee.
 
Veronica is voorzichtig. Ze leeft nog. Voor twee. Voor zeven. En trots neuriet ze mee met 'Purple Rain'.
 

donderdag 2 september 2021

Het Nieuwe Lijden

Het is eindelijk zo ver! Dit najaar verschijnt mijn roman Het Nieuwe Lijden in eigen beheer. De oplage van dit maffe verhaal zal zeer beperkt zijn. Aarzel dus vooral niet om het 186 pagina's tellende boek aan te schaffen.

Ontwerp: Mathias Waterschoot

Na vier jaar is er met Het Nieuwe Lijden een vervolg op Nachtprater. Jesse gaat op zoek naar wat het betekent om pijn te lijden, iets wat hij nooit heeft gekend. Ondertussen leidt de zoveelste eruptie van xenofobie bij een gefrustreerde zaakvoerder tot de creatie van een angstaanjagend wezen, dat erop gebrand is de diepste wensen van populistische politici waar te maken. In deze bizarre roman is echter niets wat het lijkt. Terwijl twee dimensies met elkaar in de clinch gaan, en Jesses opmerkelijke queeste maar niet lijkt te lukken, staat er een olifant in de kamer.
 

woensdag 18 augustus 2021

One more shot of Italy!


 MILAAN - TURIJN - GENUA
 
14-17 augustus 2021
 
Op 15 maart 2020 bracht een reeks vluchten me van Skopje naar Zaventem, waar mijn zus me 's nachts oppikte en me een rit gaf richting mijn kot, richting lockdown, richting het Grote Blijven. Sindsdien mochten we af en toe, meestal niet, eens een grens over, maar anderhalf jaar lang nam ik geen vliegtuig. Een bescheiden citytrip van enkele dagen - maar van groot belang want lang geleden - geeft hoop. Volledig gevaccineerd dus ik mag nog eens de Alpen over, en m'n vriendin in hetzelfde weekend de Pyreneeën. bijna gelijktijdig stijgen onze vliegtuigen op, zij richting Madrid, ik naar Milaan. Zoveel zin om me te verzwelgen in de Italiaanse clichés. Een cappucino op een zonovergoten piazza. De obligate Piazza of Via Cavour. Pizza, pasta, vino, prosecco. Een gulle dosis barok. Vespa's die altijd in de weg staan.
Het station en de kathedraal beschreef ik in 2014 al op licht poëtische wijze, dat kan ik zeven jaar later niet overtreffen. De aanblik van de derde grootste kerk van Europa blijft natuurlijk verbazen. Tussen de vermoeiende overheidsgebouwen en bekorende palazzi vind ik af en toe een streep oude geschiedenis. Het is te warm om dit te doen, al groet ik de hitte als een kennis die ik lange tijd niet heb gezien. Na een verkwikkend terrasje bij het Noordstation haast ik me weg uit het verstikkende centrum. In het Parco Sempione kan ik ademhalen. In de schaduw van het machtige Castello speelt een akoestische gitaar het deuntje van 'Bella Ciao'. Dolce far niente is hier uitgevonden. Een oase van rust middenin deze bedrijvige modestad. Ik wandel tot aan Napoleons Arco della Pace en terug.
Ik bezoek enkele van m'n favoriete kerken, waaronder een romaanse basiliek uit de 11e eeuw, en stuit op de Wall of Dolls. Ludiek, zo'n poppenmuur, zou je denken, maar in werkelijkheid herdenkt deze de vele dodelijke slachtoffers van geweld tegen vrouwen in Italië. De straten van Milaan zijn een sauna, maar in Madrid is het nog veel warmer. Ik zoek relatieve verkoeling in de regio Piëmont, op slechts tientallen kilometers van de Alpen. Daar ligt op de oever van de Po de industrie- en filmstad Turijn, de wieg van de eenmaking van Italië.
Dit is het Italië waar ik nood aan had. Een ruiker van een binnenstad met propvolle terrasjes, gezellige steegjes, verbluffende monumenten, vooral uit de barokke periode, al steekt de renaissancepraal van de Duomo San Giovanni eveneens de ogen uit. Ambiance op het Piazza Castello. De straatmuzikanten weten de aandacht van honderden toeristen vast te houden. Restaurants tieren welig, maar na ruim een uur ronddwalen door het centrum heb ik nog geen café gevonden. Ofwel is Turijn de saaiste stad van Italië, ofwel mogen cafés nog steeds niet openen in dit land. Hoe dan ook een domper op de vakantiestemming. Whiskey cola op de trappen van San Giovanni.
Er valt heel wat te bezichtigen op het Piazza Castello. Het Palazzo Reale was de residentie van het beroemde Huis Savoye. Het Palazzo Madama lijkt samengesmolten met het stoere Castello, een feest voor honderden gierzwaluwen, en ook een slechtvalk vindt er onderdak. Maar dé trots van Turijn is de Mole Antonelliana, een 167 meter hoge toren uit de 19e eeuw en toen zelfs even de hoogste ter wereld. Ook vandaag heeft de structuur iets futuristisch, maar wel geworteld in het antieke verleden, zo getuigen de honderden zuilen die in de Mole zijn verwerkt.
Ik neem een lift naar halverwege het bouwwerk en geniet van een verpletterend uitzicht over Turijn, met haar lange kaarsrechte straten, en de Alpen. Al is het korte ritje met de lift, dwars door het geanimeerde cinemamuseum al episch op zich. Zowat de halve set van Metropolis is hier nagebouwd. Turijn was in de beginjaren van de film zowat het Italiaanse Hollywood. Door tijdsgebrek kan ik niet alles bezoeken, en ik ben zelfs selectiever dan gewoonlijk. Nu een museum bezoeken in Italië is omwille van de verstrengde Covid-maatregelen wel heel veel gedoe. Mondmaskers, handgel, afstand, tot daaraan toe. Naast je certificaat of Green Pass tonen, moet je ook nog een verklaring invullen en ondertekenen. Hoe minder ik hiermee in de weer ben, hoe meer ik van het Italiaanse straatbeeld kan genieten. Jammer voor de Turijnse palazzi. Of de beste cappucino drinken in een authentieke bar aan de voet van de Mole en naar de lange rij toeristen kijken. Ik was er net voor de drukte. Een cameraploeg komt 'het gedoe' zelfs filmen. De nieuwe maatregelen zijn namelijk nog maar een week oud.
Aan de oever van de Po ruik ik de zee. Vele blauwe reigers, zilverreigers, aalscholvers waden in het ondiepe water. Geen wonder, ik spot er duizenden vissen. Vertederd kijk ik naar een futengezinnetje. Op een heuvel in de verte schittert de barokke basiliek La Superga, met de koninklijke tombes van de familie Savoye. Bij deze hitte zijn de lange overdekte bogengalerijen een godsgeschenk. Hier en daar zijn nog 18e- of 19e-eeuwse winkels of bars gevestigd. In Baratti & Milano, een van de vele historische cafés, drink ik een cappucino aan de bar, in een extravagant maar stijlvol interieur. Poepsjiek mag ook eens, zeker als de prijzen niet navenant zijn. Bijzonder is dat dit café hofleverancier was van de familie Savoye.
Ik passeer het Palazzo Carignano, waar Vittorio Emanuele II, de eerste koning van het moderne Italië, werd geboren. Dit knappe palazzo was ook de zetel van het eerste Italiaanse parlement. Tijd voor slapstick. Op een terrasje achter mijn rug ontwikkelt een hond een interesse in enkele duiven, en wil ze opjagen. Wat hij vergeet, is dat zijn baasjes hem met de leiband aan een vrije stoel hebben vastgebonden. Het jonge dier rent dus achter de duiven aan, de terrasstoel in zijn kielzog vliegt door de lucht en knalt vrijwel onmiddellijk tegen mijn enkel aan. Hond, duiven, baasjes, ober, ikzelf: de verwarring is compleet. Ik maak nog een stop in de kathedraal en bewonder de rijkelijk versierde kapellen. Al doet de aanblik van de kapel met de Heilige Lijkwade me weinig. Julius Caesar en Augustus poseren voor de noordelijke poortruïne van het Romeinse Taurinorum.
La Superba stond niet op de planning. Liever had ik m'n tijd genomen voor havenstad Genua, 'de Trotse' aan de Ligurische Zee. Maar ik ben 'hier' nu toch en heb nood aan wat zeelucht. Na Lombardije en Piëmont zoek ik nu dus Ligurië op. Drie regio's op twee dagen tijd is misschien wat veel van het goede, maar de goesting was groot. Ongetwijfeld krijg ik na dit lange weekend ook zin om in La Superba van Ilja Leonard Pfeijffer te beginnen. Zijn klepper Grand Hotel Europa was alvast een schot in de literaire roos. De trein rijdt een heuvelachtige stad binnen, een kleurrijk vakantieoord, ooit rijke stadsstaat en wereldmacht, met ontelbare steegjes en trapjes, vrolijk getinte gevels met groene vensterluiken. Naast het station pronkt Genua met haar beroemdste zoon, de genocidaire zeevaarder Christoffel Colombus.
In de Porto Antico kom ik ogen te kort. Vooral het galjoen, met een opvallend boegbeeld, trekt de aandacht. Hier en daar een oude scheepskraan, in de verte een flinke vuurtoren, en natuurlijk de onvermijdelijke cruiseschepen die elke schijn van horizon blokkeren. Dat de kaaien verder een moderne indruk geven, is te danken aan de beroemde architect Renzo Piano. Heel modern is het Acquario, dé Genovese attractie voor jong en oud. Honderden meters lange rijen met enkel jonge gezinnen. Ik kan nog net een fragment van een dolfijnshow herkennen. Uit de binnenstad komen de vele torens piepen die Genua rijk is. De verhoogde ringweg ontneemt de haven wel heel wat van haar charme. We nemen het erbij. De muziek van Måneskin klinkt uit de boxen van de kiosk waar ik een Italiaans biertje tot mij neem. We nemen het erbij.
De Cattedrale di San Lorenzo is een droom van een kerk, gekenmerkt door de alomtegenwoordige zwart-witte strepen, als die van een ringstaartmaki, en een unieke mix van stijlen. In de kapel die gewijd is aan Johannes de Doper staat een sarcofaag waarin zijn onthoofde lichaam een tijdje zou hebben gerust. Volgen het ene palazzo na het andere, vooral in de Via Garibaldi, een straat die uitpakt. Op een terrasje geraak ik aan de praat met een Italiaanse communist die naar eigen zeggen deel uitmaakte van de Rode Brigade. In het Frans on parle politique: Macron, Di Rupo, Adamo, Stromae, Zola, Varoufakis, Pfeijffer. Hij leidt me naar een van de favoriete bars van de gecravateerde Nederlandse schrijver. Daar ontmoet ik een Senegalese waaierverkoopster. Van die toevallige ontmoetingen op reis die ik veel te hard heb gemist. En een rosé drinken op het Piazza delle Erbe is van het zuiverste geluk.
Ik geraak in een lang gesprek verwikkeld met een Frans koppel, waarna ik wijndronken in het Genovese doolhof van steegjes verdwijn. Dure Italiaanse woorden branden als bakens van de taal achter elke hoek. Sapori. Cerca. Storia. Porto. Superba. Zou Rotterdam dit bij Genua hebben afgekeken, of andersom? Bij het verdwalen passeer ik het schattige Piazza San Matteo uit de 13e eeuw. Het wordt nog heel gezellig op het balkon van m'n hostel, alcohol vloeit met sloten. Tot de politie komt, omwille van een gevecht onder familie op een van de kamers, maar zelfs dat kan de sfeer niet kelderen.
Slaapdronken zie ik La Superba ontwaken. Het gekrijs van halsbandparkieten is niet meer weg te denken uit een Genovese ochtend. Koffie ook niet. Vlakbij de San Donatokerk, met de mooie achthoekige klokkentoren, vind ik in de Giardini Luzzati een gezellige buitenbar. Samen met een Italiaans koppel zoek ik het huis van Colombus, het ligt naast een kleine kloosterruïne, aan de voet van de Porta Soprana. De rest van de ochtend en middag hang ik rond in het centrum, en geniet ik van de zeebries, die toch enigszins de hitte kan breken. Veel voer ik niet uit. Tot aan de vooravond slenter ik van terras naar terras, kijk nu eens binnen in een palazzo, dan weer in een kerk, waar de fresco's niet zelden lezen als een bijbels stripverhaal.
Omdat het moet, keer ik 's avonds per trein terug naar Milaan, en vervolmaak zo de driehoek die mijn korte reis beschrijft. De trein passeert het kartuizerklooster van Certosa di Pavia, een rijkelijk versierd staaltje gotiek en renaissance middenin het Lombardische platteland. Mijn laatste avond is dus voor Milaan. Het Piazza del Duomo bij schemering is een weergaloos afscheid. Het lijkt alsof de stairway to heaven van de lokale straatmuzikant, die volledig opgaat in zijn duorol van Plant en Page, voor me in de lucht materialiseert. Of is het de wijn?
Toch lijkt deze stad een ziel te ontberen, en het massatoerisme, voor wie ze gretig haar vallen spant, niet te verdienen. Milaan is het niet 'arrogante' Parijs, Amsterdam of Antwerpen, het lijkt nog een paar graden erger. Haar voortdurende focus op stijl en mode enerveert. Haar dure restaurants zijn een en al uiterlijk vertoon. De kathedraal moest en zou de meest overdadige gotiek krijgen, maar het resultaat is controversieel, niet iedereen is fan. Il Duce wou uitpakken met een ambitieus treinstation en de constructie werd even lelijk als zijn bewind. In Turijn en Genua proefde ik enkele dagen van het echte Italië. Ondanks haar overtuigende stoet van kerken en palazzi, is Milaan een stad die je eigenlijk wil verlaten. Alleen betekent dat in dit geval Italië verlaten. En dat doet altijd een beetje pijn.

dinsdag 17 augustus 2021

Fabricagefouten zijn niet de uitzondering

In het kader van het evenement Zonder Doel Zien Dolen, rond het werk van Alice Nahon, schreef ik onderstaand gedicht. Ik liet me lichtjes inspireren door het gedicht 'Ons Handen' van Alice Nahon. Met dank aan Gust Peeters. En Vera Steenput zag dat het goed was.
 
Fabricagefouten zijn niet de uitzondering

eenvoudig als twee handen zijn
zwijgend tesaam
dat pogen wij
schieten routineus te kort

wat is dat toch
met symmetrie die zich wel eens
weigert te voltrekken
alsof 1 en 1 niet 2 per se
en - stel je voor -
geen uitvinder op zolder
chaos wet en willekeur
vliegt de vlinder storm op zee

in een poging tot applaus
voor jou, voor ons
missen tien vingers
elkaar achteloos
zo passen wij
nooit of nauwelijks
klappen wij
voor ons en voor elkaar

eenvoudig als twee handen zijn
zo houden wij geen steek
zwijgen tesaam
 

zondag 1 augustus 2021

Flavours of the month

Hurray for female voices. It doesn't happen very often, but over half of the bands in the list are female-fronted. Wolf Alice even feature four times, their third studio album Blue Weekend definitely didn't go unnoticed. Dry Cleaning and black midi are in there twice. We even have the same #1 as last time - black midi is unstoppable! Enjoy this fresh list, including some stubborn supersongs of a couple of months ago that just won't budge.

  1. black midi - Slow
  2. Wolf Alice - Delicious Things
  3. Cuffed Up - Canaries
  4. black midi - Chondromalacia Patella
  5. Sons Of Kemet feat. Moor Mother, Angel Bat Dawid - Pick Up Your Burning Cross
  6. Wolf Alice - Feeling Myself
  7. Curtis Harding - Hopeful
  8. Damon Albarn - Polaris
  9. Balthazar - On a Roll
  10. Altin Gün - Kisasa Kisas
  11. Villagers - So Simpatico
  12. Tropical Fuck Storm - New Romeo Agent
  13. Little Simz - I Love You, I Hate You
  14. Wolf Alice - The Beach
  15. Connie Constance - Prim & Propa
  16. Dry Cleaning - Tony Speaks!
  17. English Teacher - Wallace
  18. BADBADNOTGOOD - Signal From the Noise
  19. Dry Cleaning - Bug Eggs
  20. Zuzu - Timing
  21. Chartreuse - Things Are Changing Too Quickly
  22. Folly Group - Awake and Hungry
  23. moa moa - Coltan Candy
  24. W.H. Lung - Pearl In the Palm
  25. MOD CON - Ammo
  26. Mini Trees - Carrying On
  27. Wolf Alice - The Beach II
  28. Ada Lea - damn
  29. CHVRCHES feat. Robert Smith - How Not To Drown
  30. Baz - Gratis

woensdag 21 juli 2021

Ballonnenvrees Brabançonne 21 juli 2021

Na tal van avontuurlijke samenwerkingen en heel wat online edities was Ballonnenvrees Brabançonne eindelijk nog eens een echte traditionele editie. Deze ging door op de Nationale Feestdag, maar dat is bijzaak en het kind moet een naam hebben, al hadden we even goed voor Ballonnenvrees 86 kunnen gaan. Al zoveel edities zitten we dus al. Gastkroeg was het gezellige Who's Afraid Of Red, Yellow & Blue, maar aangezien het weer meer dan uitstekend was, vond de poëzienamiddag plaats op het zomerse terras op de Koolkaai. En mensen, wat een line-up.

Wat een prettig weerzien ook met Sven de Swerts, die eindelijk nog eens in België was, onder meer om de spits af te bijten van deze zomerse editie. Met zijn derde bundel Noodplan onder de arm bracht hij onder meer een schreeuwerig gedicht over Disneyfilms. Ulrike Burki liet vliegtuigjes van Panamarenko tussen onze twee oren rondzweven. Het langzaam wassende water bleek een verfrissend mantra terwijl haar gedichten met de vloedlijn flirtten. Nicolas Barbaix opende met een mooie zin van Martijn den Ouden en vroeg zich af wat het verschil is tussen schilderen en schrijven. Die al dan niet dunne lijn was voortdurend aanwezig in zijn set.
Woord en muziek gaan wel eens hand in hand op Ballonnenvrees. Jitse Verschueren & Gilles Renard zagen we al eerder op Ballonnenvrees, in september 2020 in Hoboken. In een gelijkaardige maar niet identieke set werden we opnieuw getrakteerd op Jitses wellustige gitaarriffs, Gilles' verliefde spoken word, en een relaxte drumcomputer. Er was het liefdesverhaal van Lara en dat van Lisa K., er was het relaas van slagersvrouw Sofie en de vegetariër. Van weemoedig tot hilarisch ging het, want wie had al eens gehoord van het beroep eenhoornjager? En al eens gans de Koolkaai zien schaterlachen? Op 21 juli 2021 kon het allemaal.
Na een lange pauze was er het kortverhaal van Hanna Desmet, dat eerder al eens in Deus Ex Machina was verschenen. Het strak geplande bestaan van een dertigerskoppel dreigt een deuk te krijgen. Heerlijk onderhuidse spanning. Uit Willebroek en de bundel Gaten Slapen kwamen de verhalen en gedichten van Jürgen Nakielski. Korte gedichten met punchlines en eigenlijk ook erg geestige bindteksten. Een waar genoegen, met als hoogtepunt 'Het Liefste Liedje'. Orgeldraaister Vera Steenput opende met het pakkende zelfportret 'Barba Papa'. Die kwam binnen, zeg. Erg leuk was haar samenvatting van het EK in een handvol flarfs, waarvan ze er eentje op Radio 1 had mogen voorlezen. Volgden nog de overheerlijke snoepgedichten (die over alles behalve snoep gaan) en haar recentse gedicht 'Lunch'.
Weer muziek met afsluiter Piglet Porch, een heerlijk vreemde snuiter met rijstwafelbandana en een op z'n zachtst gezegd eclectisch repertoire. 'Freedom Pill' was een meezinger op de gitaar. Bij 'Fry' kwamen er soundscapes en parlando aan te pas. 'The Hive' was een wat trippy allegorie van een bij in een dystopische maatschappij. 'Do Not Water the Plastic Plants' was dan weer haast triphop, terwijl de single 'Modder' (geestige tekst!) tegen kleinkunst aanschurkte. Een singer-songwriter die veel heeft te bieden en waar ik graag eens een volledige set van zie.
Op de open mic was er SG Enterprises met een nogal wilde en - altijd - onvoorbereide set. Gert en Sven brachten 'Wie Mijn Muze' samen, ook uit Noodplan trouwens. Ekster Alven gaf ons 'Maya' en 'Perzie Is Gratis'. Lekkere liefdesbeats kregen we van de muzikant Ninjahtiger, een performance waarop we eigenlijk wilden dansen. Vanessa Daniëls bracht 'Overwoord' plus drie nieuwere prachtgedichten. Gust Peeters bracht 'Regen', over recente gebeurtenissen, en deed ons verdwalen in zijn 'gustiversum' boordevol referenties, van de Griekse mythologie over Vlaamse literatuur tot games. Het finis terrae, de zilverbuks, de Knokkersburcht en zoveel meer.
Nooit Nooit hekelde het verdwenen virus en gaf ons het langste woord van de namiddag mee: personenbelastingsoptimalisatie. 'Reiszucht' was een ironische ode aan de vierde golf in aantocht. Gert-Jan Luyckx las zijn gedicht 'Triest' en droeg een ander gedicht aan zijn moeder op. Gert Vanlerberghe sloot een weergaloze namiddag af met het interactieve 'Aladdinges', van Hersencellen, en daarmee was de kous af. Topeditie. Er zijn voorlopig geen andere edities gepland, maar die komen er zeker. Op naar de 87e editie dus!
 

Foto's: Gust Peeters

zaterdag 17 juli 2021

Waar symmetrie ontsprong

Aura van geluk. Al die vreugde in je leven wil ik ook.
Paradijs heeft echter een prijs die ik niet betalen wil
 
en de liefde die je ontwijkt, bitter vanbinnen,
groeit als een pasgeboren baby.

Je leugens ontmaskerd, mijn vondst geen grote verrassing.
Hou van de perverse spelletjes die je met me speelt.

Ik zal je onschuld consumeren. Net als het kwaad
in je aders zit ik met jou opgescheept.

Een mes schraapt in je brein, klinkt als bestek op een bord. (Genoeg tv.)
Verstop je voor de spiegel. Ontwijk je familie. Ze herkennen je niet meer.

Ik wil je niet. Heb je nooit gewild. Zal je nooit willen. Wat maakt het uit?
Spoel me weg. Wis onze herinneringen. Ze doen toch alleen maar pijn.

Maar kijk, nieuwe dageraad, nieuwe dag, nieuw leven voor mij.
(Waar symmetrie ontsprong, daar wil ik zijn.)

 
Dit is mijn ode aan Origin Of Symmetry, de tweede plaat van Muse, dit jaar alweer 20 jaar oud.
Credits van de lyrics waarop het gedicht is gebaseerd gaan naar Muse en Nina Simone.