maandag 13 maart 2017

Sicilië, 5-12 maart 2017, deel 1

Sicilië, 5-12 maart 2017

Deel 1: Palermo vs. maffia

Tegen het einde van de winter roept het zuiden weer. En aangezien mijn laatste bezoek aan de laars alweer van 2014 dateert, is Sicilië een voor de hand liggende keuze. In de vroege avond arriveer ik in de luchthaven van Trapani, in het westen van het grootste eiland in de Middellandse Zee. Ik neem er de bus naar Palermo, hoofdstad van deze autonome regio, omwille van de problemen met de maffia ook wel het Chicago van het zuiden genoemd. Het pikdonkere rotslandschap langs de kust wordt beter verlicht naarmate we de stad bereiken. In een van de buitenwijken licht een grote steen fier op: NO MAFIA. Het klopt dat die ondertussen voor een groot deel is opgerold. Puik werk. Al zal een complete vernietiging van de Cosa Nostra nog niet voor morgen zijn.
Ik stap uit in een sjieke wijk met brede boulevards, dure winkels en grote palmbomen. Op Piazza Settimo staat het theater Politeama Garibaldi, een rond gebouw met twee zuilenverdiepingen met daarvoor een triomfboog. Ik slaap tegenover het Teatro Massimo op Piazza Verdi. Twee stenen leeuwen bewaken dit impressionante theater uit The Godfather III. Er klinkt livemuziek uit de wirwar van straatjes aan de Chiesa San Ignazio all' Olivella. Sommige van de karakteristieke steegjes zijn zo smal dat de typische balkonnetjes elkaar net niet raken. De sfeer is uitgelaten en op en top Italiaans. De echte pizza's, ik heb ze gemist. Zowel honden als straatverkopers komen aan mijn tafeltje bedelen en leuren. En de kok lijkt onwaarschijnlijk hard op Popeye en roept onophoudelijk met de stem van Joe Pesci. Jep, dit moet Sicilië zijn.
Na een goede nachtrust verlaat ik deze wijk vol mooie barokke kerken en met graffiti bekladde huisjes, volg de verkeersader Via Roma en aanschouw de Quattro Canti, vier panden met fonteinen op elke hoek van een druk kruispunt dat vroeger de stad in vier wijken verdeelde. Elke fontein is de allegorie van een Siciliaanse rivier en is versierd met vele zuilen en beelden. De grote fontein op het Piazza Pretoria ernaast is bijzonder knap. Het monument bestaat uit vele tientallen grote beelden van vreemde naakte figuren, en verschillende dierenkoppen (leeuw, olifant, kameel, hond, neushoorn, hert...), en werd in de 16e eeuw de Fontein van de Schaamte genoemd. De omringende kloosters en paleizen maken dit plein zo pittoresk als het maar kan zijn. Op het balkon van het stadhuis, onder de vlaggen, hangt een spandoek dat de succesvolle strijd tegen de maffia benadrukt.
Het interieur van het Dominicaanse klooster op Piazza Bellini is bijzonder decoratief: schitterende fresco's, roze marmeren pilaren, een feest van barok en rococo! De 12e-eeuwse orthodoxe kerk La Martorana doet wat oosters aan met haar mooie campanile. De gouden Byzantijnse mozaïeken zijn de oudste in Sicilië. Een palmboom scheidt de kerk van de San Cataldo, in dezelfde eeuw gebouwd. Deze kerk komt wat grappig over met haar roze koepels en is vooral bijzonder omwille van haar zowel Arabische als Normandische invloeden. Iets verderop zit het Palazzo Gangi, vooral bekend van Visconti's film Il Gattopardo. In de Via Maqueda vind je nog Casa Professa, met een knappe klokkentoren, en Palazzo Comitini, waar de provincieraad zit. Een gids geeft me een bliksemsnelle maar vriendelijke rondleiding in de erg mooie vertrekken. Er is namelijk een seminarie aan de gang en dat willen we niet storen.
De temperatuur klimt stevig de hoogte in wanneer ik de gezellige binnenplaats van de oude universiteit bezoek, waar studenten, net als ik, even komen uitblazen. Ook het interieur van de barokke Chiesa di San Giuseppe dei Teatini, aan de Quattro Canti, is verbluffend! Stap eens binnen, zeker als je tolerantie voor barokke overdaad even hoog ligt als de mijne. Overdaad schaadt nooit in Italiaanse godshuizen. Verder in de wandelstraat Via Vittorio Emanuele zit de Arabisch-Normandische kathedraal, een prachtige constructie van koepels en torentjes in een zonovergoten palmentuin. Het schitterende portaal leidt naar een sober interieur, dat het schrijn van Rosalie herbergt. Door de kathedraal loopt een met sterrenbeelden versierde meridiaan. Wie van palmbomen en cactussen houdt moet naar Villa Bonanno, een oase van rust, op het krijsen van de parkieten na. Erachter de erg mooie Porta Nuova, speciaal voor Keizer Karel gebouwd, en het Noormannenpaleis, waar nu het parlement zit. De stadspoort wordt aan de buitenkant 'gedragen' door de ontblote torso's van vier stoere stenen mannen, en is versierd met pompeuze maskers.
In de wijk voorbij de schattige San Giovanni degli Eremiti, met de roze koepeltjes, ligt het afval overvloedig verspreid over de straten en de pleinen: oude kledij, matrassen en andere rotzooi liggen er op bijna elke vierkante meter. De graffiti is hier vrij artistiek en geïnspireerd, in tegenstelling tot de vele lelijke leuzen op zowat alle gebouwen in de stad. Een authentieke wijk waar het verzet leeft. Ik verdwaal in het mierennest van steegjes, prachtige koepelkerken en marktjes, en vind mijn weg terug in de Via Maqueda. Hier volg ik de Via Divisi naar de havenbuurt, maar eerst een straffe espresso op een terrasje aan het charmante Piazza della Rivoluzione, midden in de genadeloze zon, naast het beroemde standbeeld van il genio di Palermo. Ongelooflijk dat veel Palermitanen bij deze hitte winterjassen en truien dragen. De wijk telt vele kerken en paleizen, en centraal ligt de uitgestrekte Piazza Marina, met de Giardino Garibaldi, een rustige tuin met eeuwenoude bomen met dikke wortels die als anaconda's over de grond kruipen, en een vlechtwerk van lianen dat een tropische jungle jaloers zou maken. Oh de barokke wonderen van de natuur! Je hebt niet elke middag lunch met zicht op zulke kolossen. De vissershaven La Cala wordt door de pier Molo Sud wat afgebakend van de rest van de haven van Palermo, aan de Tyrreense Zee. Hier staat ook de Porta Felice, de oostelijke tegenhanger van de Porta Nuova, die door een kaarsrechte as van meer dan een kilometer lang zijn verbonden. Ze staan oog in oog met elkaar.
Centraal in de wijk Kassara ligt de Piazza della Kalso, met een barokke kerk en een stadspoort, waar in de doorgang een beschutte slaapplek werd geïmproviseerd door iemand die het minder goed heeft dan wij. Aan de zeekant van deze Porta dei Greci staat een sierlijke carnavalswagen geparkeerd. Door bombardementen tijdens de Tweede Wereldoorlog geraakte de Santa Maria della Spasimo haar dak kwijt. Ik loop alleen rond in deze 16e-eeuwse kerkruïne met onbedoelde directe verbinding tot God. In de zeventig jaren die zijn verstreken vond een boom de tijd om tot boven het verwijderde dak uit te groeien. Het beste zicht heb ik in de tuin. Niet overtuigd van hoe cool deze plek is? Er is een jazzschool gevestigd.
Op de Piazza San Domenica bekampen drie vastgebonden honden elkaar. De gelijknamige barokke kerk zorgt samen met de zuil en enkele palmbomen voor een aangenaam zicht, een prentkaart waardig. Hier slaat de slapstick toe. Ik moet een vlek veroorzaakt door meeuwenstront afkuisen zonder dat mijn plots bloedende hand (het is wat vroeg op de avond voor stigmata?) mijn witte t-shirt besmeurt. Ongetwijfeld een komisch zicht. De Mercato Vucciria begint hier, de oudste van Palermo. Enkele oude mannen kaarten op straat. Een agressieve hond jaagt me weg. Ook deze wijk wemelt van de kerken. Honderden figuren bevolken de witte muren van het Oratorio di San Cita, van de spelende engeltjes tot sleutelmomenten uit het leven van Jezus. Voor wie niet genoeg kan krijgen van de barok, is Serpotta het neusje van de zalm. Meer meesterlijke Serpotta in het nabijgelegen Oratorio del Rosaria di San Domenico. Een warm interieur vol werken van Italiaanse en Vlaamse barokke schilders, waaronder onze eigen Antoon Van Dyck, die als thema koos voor de heilige Rosarie en de pest. Het labyrint van steegjes ten noorden van de Duomo zou aangenaam slenteren zijn, mochten auto's en brommers er niet als gekken doorrijden. Ik bots op tegen het strenge justitiepaleis, symbool van de strijd tegen de maffia, net als de hele plaza eromheen. De strijd was lang en gevaarlijk, maar de arrestaties van de meest belangrijke maffiabazen tien jaar geleden betekende een mijlpaal die weer hoop toeliet in de harten van de Sicilianen.
Wat hou ik van de bars in Italië. Goedkope en oerdegelijke koffie. Voor écht goede koffie in België moet je al naar zo'n duur koffiehuis voor hipsters. Hun Italiaanse tegenhangers zijn identiek in hun authenticiteit, maar van elk bezoek geniet ik met volle teugen. Alsof ik hier meer thuishoor dan in een Vlaamse bruine kroeg. Op mijn favoriete pleintje, de Piazza della Rivoluzione, is een muziekbar waar de muren volhangen met muziekinstrumenten, oude radio's en televisietoestellen, foto's van Hendrix en Presley. Zelfs de tapkraan is een saxofoon. Ik beland nog in een Vespacafé, en daarna geraak ik verzeild tussen de vele genodigden voor een avondje theater. Dronken staar ik naar de verbluffende Teatro Massimo en ik zie Al Pacino en hoor zijn stemloze kreet, die me verscheurt.
De sirocco blaast en raast wanneer ik een vroege trein naar het zuiden van het eiland neem. Eerst rijden we langs de Tyrreense Zee en haar grillige rotsen, vervolgens het groene binnenland in, zuidwaarts richting Middellandse Zee en het toeristische stadje Agrigento. Het Dal van de Tempels is een prachtig complex van Griekse tempels op rust, in Dorische stijl. Sommige tempels dateren van de 6e eeuw voor Christus. De tempel van de Eendracht heeft de tand des tijds het best doorstaan. Wat een sublieme getuige van bijna drie millennia geschiedenis! Het mooiste zicht over de zee en de stad heb ik aan de majestueuze tempel van Hera, godin van het huwelijk en de vruchtbaarheid. Ook de paleochristelijke catacomben uitgeholde rotsen zijn de moeite. Een vriendelijk koppel rijdt me terug naar Agrigento en de stijlbreuk die haar flatgebouwen vormen. Het historische centrum is wél gezellig, met zijn vele trapjes, pleintjes en gele huizen. Het is erg leuk om op de kleurrijke trapjes van de Via delle Arti te lopen. Een aangename wandeling door het oude Girgenti, tot de wind een paar tandjes bijsteekt en de op zich al stevige klim naar de massieve toren van de Duomo bemoeilijkt.
Ik neem een bus naar het oosten van het eiland. Van noordwest naar zuid naar oost op één dag, da's niet slecht. Deze streek waar keizer Etna regeert, is het Mekka voor de liefhebber van de barok. Het ligt aan de Ionische Zee, en daarmee heb ik ook meteen de drie zeeën op één dag gehad. Catania wordt het Siciliaanse Athene genoemd. De stad werd verscheidene keren verwoest door de grillen van de hoogste vulkaan van Europa, maar is steeds als een feniks uit de lava herrezen. Na een desastreuze aardbeving in 1693 kreeg Vaccarini de opdracht om de stad opnieuw vorm te geven. Na een lange busrit doorheen de met ruïnes bezaaide heuvels en het extraatje van een regenboog, aanschouw ik de beroemde vulkaan, die vorige week nog het wereldnieuws haalde, en nu rustig zijn grijze dampen ligt te blazen.
Het vervolg komt gauw!

zondag 12 maart 2017

Ragusa Blues 2.0

In januari van dit jaar verscheen We Ploeteren Voort, het eerste album van Hersencellen. De openingstrack daarop heet 'Raguza Blues', een tekst die ik tijdens een dronken nacht in Dubrovnik schreef, en waarvoor Butsenzeller en Vincent Brijs muziek maakten. Wanneer je dan plots in het Italiaanse Ragusa verzeild geraakt, en net als in Kroatië door de nachtelijke straatjes zwerft, zou het zonde zijn om géén 'vervolg' of 'tegenhanger' te schrijven. Zo ontstond enkele dagen geleden 'Ragusa Blues 2.0', deze keer dus ineens met de juiste spelling, al blijft het nummer van Hersencellen voor altijd de charmante maar foutieve z met enige fierheid dragen!

De afdaling. Het afleggen van lagen en van zorgen. En Ibla steeds wat echter, haar koepels en paleizen beetje bij beetje onttrokken aan de baan van een droomwereld die ik nog moet verzinnen. Barok als een sluier over mijn besluiten. Dronken van al wat pompeus en pathetisch. Herrezen uit een aardbeving heeft deze stad de kracht van tweede kansen zitten oefenen, tot ze, volleerd, officieel de rang '2.0' mocht dragen. Van de kaart geveegd en toch sta ik hier, waar lavastromen wegblijven, want omgeleid naar zee. Dit dal, deze goeroe van lopen en vallen, ik leer er de kunst van volmaakter vallen, tot vallen ook dat niet meer is.

Al die vragen achter elke façade:

Waarom noemt men laatbarok niet gewoon barococo?
Welke draad dien ik te volgen en hou ik mijn zwaard al paraat?
Brachten de kolonisten niet alleen de naam maar ook de mirages met zich mee?
En vormt het pad van vervelde spijt geen eigen draad die leidt naar mij?
Ben ik het monster dat zich verstopt tussen palazzo's, zich vastklampt aan een hardnekkige gewoonte vermomd als nieuw begin?
Lek ik de barok van de muren, vind ik dan antwoorden die ik niet zocht?
Manifesteert de jazz zich nog het meest door te zwijgen? Koperen kaken opeen geklemd, muurvast.

Hier vind ik slechts wat oude stenen, en ook die zullen blijven zwijgen in hun wijsheid. Hier vind ik troost in wat ver weg ligt. Een schuilplaats met open deuren. Ik maak me klein als in een baarmoeder maar weet dat men meekijkt.

Laat me deze nacht. De ochtend breng raad en cappuccino. Of toch in elk geval cappuccino.

zondag 5 maart 2017

Flavours of the month

Lots of things happening in music city. Several bands are back from the death: Slowdive, Ride, The Black Angels, Body Count. Huge bands and legendary singers such as Depeche Mode, Jamiroquai, Thurston Moore and Mark Lanegan have released new singles and albums. Others have joined forces and created a supergroup, like BNQT. At the same time there's lots of new talent to discover, such as the breakthrough of the remarkable Antwerp-based singer-songwriter Tamino. 30 songs to discover: enjoy.

  1. Depeche Mode - Where's the Revolution
  2. Tamino - Habibi
  3. Body Count - No Lives Matter
  4. Blanck - Silent Treatment
  5. Mark Lanegan - Nocturne
  6. Mew - 85 Videos
  7. Ride - Charm Assault
  8. Spoon - Can I Sit Next To You
  9. Dot Hacker - C Section
  10. Grandaddy - Evermore
  11. Mosa Wild - Smoke
  12. The Black Angels - Currency
  13. Thurston Moore - Cease Fire
  14. Spoon - Hot Thoughts
  15. Warhola - Jewels
  16. Fatima Yamaha - Araya
  17. Elefant - Mumbo Jumbo
  18. Amongster - Trust Yourself To the Water
  19. Warhaus - Machinery
  20. The Districts - Ordinary Day
  21. The Kills - Whirling Eye
  22. Slowdive - Star Roving
  23. Declan McKenna - The Kids Don't Wanna Come Home
  24. Jamiroquai - Automaton
  25. BNQT - Restart
  26. Equal Idiots - Put My Head In the Ground
  27. Hulder - At the Heart Of the Precipice
  28. Jens Lekman - What's That Perfume That You Wear
  29. St. Grandson - Growin' Older
  30. Gully Flowers - Sayonara Bae Bae

Zelfbediening

Enkele recente teksten die u wel eens op het podium heeft gehoord maar nog niet had gelezen. Bij deze. Over rusteloosheid en zo.

Aladdinges

Een geest komt uit de fles,
ik mag drie wensen doen. 
Hij heeft iets van een mens
maar met een satersmoel.

Haal mijn vader uit zijn coma.
Zet de oorlog op een stop.
Vind een partner voor mijn oma.
En rot nu maar lekker op.

Ik heb een baard. Die is langer dan een rode loper.
Noem me Taliban. Noem me struikrover.
Ik koester waar ik kan de tumor in mijn hoofd.
Het is mijn talisman, opdat ik niet ontspoor.

Je mag me plukken, elke dag, ik geef geen schatten prijs,
je hebt mijn koffers ingepakt, maar ik ben al op reis.
Woel in mijn aarde als een everzwijn.
Al wat van waarde zal er niet meer zijn.

Er is geen kaap die ik niet oversteeg
en als een aap roof ik je kamer leeg.
De decibels waarmee je hoop vastklampt
vallen in oren van een dove man.

Ik ben mijn eigen geest in mijn eigen fles.
Zelfbediening.
Zelfvoorziening.
Zelfontsiering.
Zelfvernieling.


Woelen

Zal slaap mij overmannen
wanneer de horla komt.
In de ergste gevallen
waarin mijn hart verstomt,

vindt vuur mij in een ritmestoornis,
een feest als bij leprozen,
visioenen van stromboli's,
een oorlog tussen rozen.

Gelijkheid gaat vervelen,
al na een week of vier.
Daar klinkt een schreeuw om meer bordelen,
verschaffers van plezier.

Een doekje voor het sproeien
wanneer de nood het hoogst.
Recessies om te bloeien,
vooruitgang weer gedoogd.

Ik neem vakantie om te stressen,
dat vind ik doodnormaal.
En na vijven en zessen
wordt niets doen mij fataal.

Ik wil de toverberg beklimmen,
mijn naam in het Sanskriet,
mijn bucketlist afwerken,
dat lukt me wellicht niet.

En gaan we bijna eten?
Ik wil de gelakte eend.
Kaviaar is niet te vreten
en stoofvlees mij vervreemd.

Grossieren in paniek,
hypochondrisch als de pest,
maar helemaal niet ziek,
de nacht kleurt oker in mijn bed.

Ik kan de toekomst niet voorspellen,
zit gevangen in een droom.
Bewustzijn laag per laag verveld
zoals een kaal geplukte boom.


Afdronk

zwart naar grijs naar wit
meeuwen scheren, schreeuwen
eksters op balkonbezoek
de wereld alle tijd nog
om te ontwaken
en ik om te gaan slapen

bijna thuis nu
het haar dylanesk grotesk
de laatste stofresten in
de neus-, keel-, oorwandelgangen
tintelend parfum in de baard
de geest wakker maar beneveld
beats blijven bonken
in mijn echokamer
sneller dan mijn h-a r-t s-l a-g
sneller dan mijn stap
en zijn dat de eerste
opstandige tanden
prelude op een salvo in de slaap
synchroon met het bonzen
bonzen bonzen bonzen

r.e.m. en pupillen die vernauwen
zout in de wonde, en wat met morgen
wat met de bagger in de aders
het b|r|e|i|n achter tralies
kaken krimpen, oren ploppen
kan de wereld even stoppen
beate glimlach ontward
in verwarring bij het waken
de pijn, de vieze smaak
en een dag bepaald door dralen,
valse voornemens, herbedrading en
de afdronk van vannacht in al haar smaken

zaterdag 4 maart 2017

Ballonnenvrees 3 maart 2017

Ballonnenvrees in Café AMI? Dan stroomt het café vol artiesten, dichters, muzikanten en een gretig publiek. Het zou weer een bijzondere editie worden.
Gastheer Gert Vanlerberghe opende met twee nieuwe teksten, waarna een poëtisch raspaard uit Brussel kwam aandraven. Luk Paard stond er weer imposant met zijn kaalgeschoren hoofd en zwarte zonnebril. Eén brok bombast en rock'n'roll en oneliners zoals 'Wees niet bang van het paard' en klassiekers als 'Brood en Spelen', een krachtig en repetitief eerbetoon aan zijn grote held Herman Brood. Gelukkig heeft Luk nooit naar de goede raad van zijn moeder geluisterd, want die luidde, "Ga niet in de rock'n'roll."
Birgit Exelmans is samen met drie andere podiumdichters ambassadeur van Naft Voor Woord. Ze haalde een jaar geleden de finale van deze wedstrijd en meteen werd duidelijk waarom. Haar prozatekst ging over de scheur in de sleur die een kermende man op de weg voor haar vormde. Het ingenieuze verhaal kreeg al gauw een sterk meta-kantje toen de horror van het verhaaltechnische probleem aan de kaak werd gesteld. Bijzonder knappe passage op het podium van Ballonnenvrees.
Remo Verdickt heeft niet alleen de coolste vader uit de poëziegeschiedenis, maar treedt wel eens op met zijn band Cold Open. Vanavond was het enkel hij en zijn gitaar. Zo opende hij met een dronkemanswalsje over Edgar Allen Poe, een song over de aanslagen van 22 maart die ons kippenvel bezorgde, en nog een Frans liedje. Voor zijn afsluiter 'Ozymandias', dat hij opdroeg aan Percy Bysshe Shelley, kwam Gert Vanlerberghe erbij, die zijn gelijknamige gedicht 'Ozymandias' ten berde bracht op het trage uithalen van Remo's gitaarriffs. Een eerbetoon aan Derrel Niemeijer, die er de vorige editie in Café AMI, enkele maanden geleden, nog bij was, maar kort daarna is overleden. Tijd voor een pauze om dit allemaal te verwerken.
Twee dagen eerder was het Complimentendag, en dat wilden we niet onopgemerkt voorbij laten gaan. Twee kanjers uit het slammilieu kruisten de degens in een ware Complimentenbattle. Antwerpenaar Yannick Moyson en Gentenaar Martijn 'Bekvegter' Nelen hadden elkaar al eens eerder met complimentjes overladen, een paar maanden terug in Gent, en toen won Bekvegter, wat dus betekent dat Yannick de mooiste complimenten kreeg. Nu was het dus tijd voor een revanche, en in ware slamstijl vuurden beide heren een resem harde 'lines' en 'bars' op elkaar af dat onze oren ervan gingen ploppen. Bijzonder grappige verwijzingen naar elkaars thuisstad, fysionomie en succes in het leven volgden elkaar in sneltreintempo op. De stemming gebeurde door handopsteking, wat Marjan De Ridder zorgvuldig natelde, en zo won Martijn niet enkel zijn thuismatch van enkele maanden geleden, maar ook deze strijd in Antwerpen. Proficiat Martijn! En proficiat Yannick, met de ontvangen complimenten!
Verder met een relatieve nieuwkomer in het podiummilieu. Hanna Desmet wierp een ongemakkelijke vraag in het publiek, wat leidde tot best veel hilariteit en rumoer, maar met haar bloedmooie gedichten kreeg ze het café muisstil. Ze gingen namelijk door merg en been. Wauw. Ook Esohe Weyden bracht ons in vervoering. Deze jonge dichteres won onlangs nog brons op Violencia. Ze opende met een tekst over de kolonisatie van Kongo en hoe belangrijk het is om de geschiedenis te kennen. Andere teksten gingen over hoe gemakkelijk we scheldwoorden over de lippen krijgen. Haar slotgedicht, gestoeld op het Onze Vader, was doorspekt met krachtige metaforen en vormde een bijzonder vertederend relaas van een pijnlijk verhaal.
Marco Van Dyck was lang buiten strijd geweest na een zwaar motoraccident maar was weer helemaal terug. Zijn twee teksten, 'So Long, Marianne' en 'Het Avondlied', gingen over afscheid nemen. De pijn en het verdriet waren van zijn gezicht af te lezen toen deze man zijn blues met het publiek deelde. Het was bezwerend, intens, intiem. 'Het Avondlied' werd zelfs gezongen, op een manier die wat aan Brel deed denken. Na weer een pauze kregen we de twintigjarige Grazie op het podium, en het was ondertussen duidelijk: deze editie was die van het jonge vrouwelijke talent, een hele nieuwe generatie aan spraakmakende dichteressen. Haar Nederlandse en Engelse teksten gingen over illusies, de slopende effecten van drank en drugs, gebracht in haar karakteristieke raspende stem, met de levenservaring van een vrouw op leeftijd. Krachtig en emotioneel.
Dan was het tijd voor de open mic. Kristien Spooren trakteerde ons prachtige poëzie en wij onthouden vooral dat een beetje sterven balanceren is. Een andere Kristien had een lief gedichtje over een poes bij. Marjan De Ridder wordt steeds beter, deze keer met uitbundig gebrachte teksten over het haperen van je eigen spijt en het trainen van liefdesverdriet, met erg interessante metaforen. Tijd voor een plaats in het hoofdprogramma. Dat je maar vijf minuten kreeg was niet voor iedereen duidelijk, ondanks dat het verschillende keren werd aangekondigd. Het is dan ook wat gênant wanneer iemand dat niet alleen aan zijn laars lapt maar zich ook nog eens compleet belachelijk maakt door deze zeer democratische regel aan te vechten. Gelukkig was er na deze man, die niet nader wil worden genoemd, Elske Van Lonkhuizen, over de Nijmeegse Vierdaagse en nudisme. Gust Peeters had vandaag de Zin van de Dag te pakken in de wedstrijd van Creatief Schrijven. Hij opende hier zijn korte set mee, waarna een vertaling van 'Sound Of Silence' volgde. Nympha Cantryn was net terug van Erasmus en zong 'Fever'. Kevlar, van De Levende Lijken, spitte twee harde teksten over oorlog en een dakloze, en dat was verdomd impressionant. David Ngyah won de Antwerpse editie van De Kunstbende. Hij moest het zonder zijn gitarist Adriaan doen, maar Marjan De Ridder en het hele publiek stonden hem bij met achtergrondzang en handengeklap. Wat een soulstem heeft deze jonge zanger!

Een mooie avond, met een café boordevol onstuimig talent. Dat is Ballonnenvrees, keer op keer. Op het einde van deze maand sluit Ballonnenvrees nog de Schrijfdag af van Creatief Schrijven en op 12 april vieren we vier jaar Ballonnenvrees in De Kleine Hedonist. Iedereen die gisteren in positieve zin aan deze avond hebben bijgedragen: MERCI!

Foto's: Gust Peeters

vrijdag 24 februari 2017

Mirror

Painting the streets with the colours I've earned.
There aren't many but that's okay.
Soaked them from dreams and nightmares,
spilling the blue and the grey.
Infusion of madness when I close my eyes.
I travel far and deep through space and time,
and in my mind there's no residue of sadness.
I wiped it away with a cloth drenched in life.
Awake there are different dimensions to face.
Reality is an old enemy, a fiend I am used to.

Yawn and sharpen my gaze,
look in the mirror and I look away,
still tired but I can't face the day.

Self-deception's a habit that I want to break.
Yet there's more to the ego than meets the I,

and there's plenty of use in the future
but there surely is no you in mine.

Foto: Broeihaard / Eef Ceulemans

dinsdag 21 februari 2017

Literaire tip: Eugénie Grandet

Mijn nieuwe literaire tip is een 19e-eeuwse klassieker, geschreven door een uiterst productieve schrijver, die haast niets anders deed dan zijn ambitieuze levenswerk Comédie Humaine vorm te geven, een indrukwekkende verzameling van romans en kortverhalen die de samenleving in het 19e-eeuwse Frankrijk illustreren. Honoré de Balzac is daarmee de onbetwiste meester van het Franse realisme. Een echte zwoeger, trouwens: er stromen bloed, zweet, tranen en liters koffie door zijn werk.
Uit de vele opties om te bespreken koos ik Eugénie Grandet, uit 1834, een van de romans uit het deel 'Scènes de la Vie de Province', want het speelt zich af in het pittoreske stadje Saumur, in de Loirevallei, en vervolgens de categorie 'Etudes des Moeurs'. Centraal staat Félix Grandet, een burgemeester op rust, en gierige pin eerste klas, voor wie het vergaren van rijkdom een doel op zich is geworden. De invloed van zijn winstbejag op zijn eigen leven en dat van zijn gezin doet sterk denken aan de humoristische stukken van Molière, waarin even karikaturale oude krenten hun eigen ondergang en dat van hun naasten componeren (denk aan Harpagon in L'Avare). Zo laat Félix zijn vrouw en dochter geloven dat ze helemaal niet rijk zijn, om zo zijn fortuin te beschermen, waardoor het gezin sober moet leven. Maar de inwoners van Saumur hebben iets in het snuitje en verschillende jonge mannen dingen naar de hand van dochter Eugénie, die zelf niets vermoedt.

Alles verandert wanneer Charles Grandet, het neefje van Félix, in Saumur arriveert. Charles' vader wil hem weg uit Parijs, opdat deze zelfmoord wil plegen na al zijn geld te verliezen. Wanneer Félix merkt dat Charles en Eugénie het goed met elkaar kunnen vinden, wil hij Charles zien vertrekken, met zo weinig mogelijk geld. Zijn vertrek valt Eugénie erg zwaar, want ze is smoorverliefd op hem geworden. Wanneer Félix verneemt dat Eugénie extra goud heeft meegegeven aan Charles, gaan de poppen aan het dansen. De explosieve situatie leidt tot verdriet, wanhoop en zware ontgoocheling, en uiteindelijk ook de ondergang van het gezin Grandet.

Balzac weet zoals steeds overtuigende personages neer te zetten. Niet alleen bij de karakterisering van Félix Grandet als onuitstaanbare vrek en Eugénie Grandet als naïeve en vrijgevige jongedame, maar ook bij de evolutie van Charles Grandet, is er duidelijk een literair genie aan het werk, die als weinig andere schrijvers weet hoe hij een fascinerend verhaal op poten moet zetten, met geloofwaardige en boeiende personages, en een plot en ontknoping die nog weinig met de illusie van romantiek te maken hebben, maar diep geworteld zit in bitter realisme, hoewel dus niet zonder een vleugje humor.

maandag 20 februari 2017

BMI: Body Mass Inversion

De vuile ramen, met recente adem aangeslagen,
woorden, soms een schreeuw, slaan te pletter op dubbele beglazing.
Ongewassen lakens en een sofa om op te slapen,
de geur van gevangenschap, van gekooid kweeklijf,
en complexen die de kamer nooit verlaten.
Je woont in een bijeen verzameld trauma,
een boze droom van enkele vierkante meters groot,
vele verdiepingen hoog. Achter het raam, voorbij de valse hoop
op een snelle verlossing, het panorama van een stad
waar je even geen deel meer van uitmaakt, je leven
uit dit mierennest geschrapt. En niemand die het merkt.

De honger naar verzadigde vetten en suikers
brandt in je keel, maakt je tong een droge leren lap dat verhard
in het lange wachten, een dagelijkse kick die er plots de brui aan gaf.
Marteltuigen om vet te verbranden, liters zweet
en de stank niet te harden, maar afslanken zul je,
afgesneden van de toevoer van frisdrank en vet,
gedaan met donuts en spek, weg met cola en drek,
Geen taartjes, geen fastfood, cold turkey in vastgoed.

En 's avonds worstel je met andere duivels,
Stockholmsyndroom, het pad naar verlossing,
gehandboeid aan haar perverse geest, gedwongen dieet,
doeltreffend maar wreed. Mindblow, ze is zo mooi.
Perfect getraind, je ziet jezelf over enige tijd,
jouw spiegelbeeld in een streeflijf, een Siamese tweeling
verwikkeld in een titanenstrijd, en hoe de rollen omgedraaid,
hoe haar kont de sofa zal dragen tot ze in jouw afdruk past.
Je hebt je doelgewicht bereikt, fastfood is verleden tijd,
maar voor haar start een soortgelijke proef.
Ze zal vreten tot ze zo dik als jij toen.

Naar Irvine Welsh' roman The Sex Lives Of Siamese Twins